’Als we allemaal zo vrij gaan denken als jij, krijgen we straks ruim één miljard islams. Dat is pas een voedingsbodem voor extremisten.’ Dit was de geïrriteerde reactie van een jonge imam uit Roosendaal op mijn pleidooi eind vorige week voor een liberalisering van de islam.
Het speelde zich af tijdens een islamdebat naar aanleiding van de presentatie van het boekje ’Moslims in Brabant’, waarin dertien verschillende visies op de islam staan. In de propvolle zaal, die voor ruim de helft uit traditionele moslims in Brabant bestond, kreeg hij bijval. Anders dan we meestal zien bij zulke islamdebatten werd deze keer de inhoud volkomen gedomineerd door moslims zelf.
De imam verwoordde met zijn kritiek precies het angstbeeld dat ik in mijn jeugd vaker in de moskee heb gehoord. Zijn vrees was dat er niets meer overblijft van de ’ware’ islam wanneer moslims, net als christenen, de vrijheid nemen om hun eigen visie op hun geloof te hebben. De imam en zijn volgelingen zijn bang dat de vastenmaand ramadan op termijn wordt afgeschaft, dat moslims niet meer vijf keer per dag bidden en al helemaal niet naar de moskee komen. Dat is een doemscenario voor veel conservatieve moslims. Zij houden zich liever strikt aan de regels dan erover na te denken.
Iedereen weet dat krampachtig vastklampen aan tradities en je richten op het verleden vernieuwing tegenhoudt. Mensen die dat doen hebben daar natuurlijk alle recht op. Maar ik heb ook het recht om er een ander idee over te hebben en kritisch te zijn. Ik krijg genoeg van orthodoxe moslims die het monopolie op de islam claimen.
Zij stellen zich altijd de vraag: welke regels moet ik volgen om een goede moslim te zijn? Ik stel liever de vraag: wat zijn de waarden achter deze regels? Ik plaats ze in een historisch kader. Vervolgens probeer ik niet alleen de boodschap erachter te begrijpen, maar neem ook afstand van bij voorbeeld vrouwonvriendelijke passages.
Daarom heb ik afgelopen donderdag de vijf islamitische pijlers op een andere manier belicht dan ik uit boekjes heb geleerd. Ik vind dat te veel moslims alleen doen wat hun opgedragen is. Bijna niemand staat stil bij de islamitische waarden achter de vijf zuilen. Zo staat de geloofsbelijdenis, waarin de eenheid van God benadrukt wordt, voor gelijkheid, de sociale armenbelasting afdragen voor broederschap, het bidden voor zelfreflectie en het vasten van de ramadan voor spiritualiteit. De laatste zuil, bedevaart naar Mekka, staat voor de aansporing om buiten je vertrouwde omgeving kennis te maken met andersdenkenden. Hier hoort zeker bij dat de moslim weet waarom komend weekeinde het paasfeest wordt gevierd.
Ondanks het feit dat het aantal vernieuwingsgezinde moslims stijgt, is hun acceptatie door het merendeel van orthodoxe moslims ver weg. Zodra ik vertel hoe ik mijn moslim-zijn in de praktijk ervaar, krijg ik van deze fundamentalistische betweters de wind van voren. Als ik inga op hun kritiek dan ontwijken ze de discussie met de opmerking: ’Alleen moslimgeleerden weten hoe het zit.’ Als ik tegenwerp dat gewone moslims dus zelf niet mogen nadenken, maar alleen blindelings moeten gehoorzamen onder meer aan imams, krijg ik goedkope opmerkingen naar mijn hoofd geslingerd.
Hoewel mijn leven door ervaring en studie in het teken staat van de islam zou ik er volgens hen te weinig van afweten of afdwalen. Het allerergste vind ik wel de twijfel of ik genoeg moslim ben. Zij spelen met hun arrogantie wie wel of geen moslim is voor de wraakzuchtige God. Dat maakt me woest, want dat is precies de reden waarom sommige jonge moslims zich radicaal afkeren van hun geloof of in handen vallen van extremisten. Eén ding staat vast: ik zal me nooit laten tegenhouden om mijn visie te verkondigen. En verder ga ik natuurlijk gewoon door met me honderd procent moslim voelen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.