*

 

Utrechtse hoogleraar / Een ongewenste boodschap

door Joep Engels − 22/06/06, 23:15

De universiteit van Utrecht greep in bij de afscheidsrede van hoogleraar Pieter van de Horst. Maar de definitieve tekst was toen nog helemaal niet af, zegt de hoogleraar.

Willemien Otten weet nog precies hoe het is gegaan. De decaan van de faculteit Godgeleerdheid in Utrecht kan aan de afspraken in haar agenda zien dat ze op 30 mei door een collega is gewezen op de tekst van de afscheidsrede van Pieter van der Horst zoals die naar de drukker zou gaan. Deze collega vindt het niet verstandig als de rede zo wordt uitgesproken en gedrukt. Otten deelt die mening. „Het tweede deel was beneden academisch peil. De toon was propagandistisch en het betoog niet goed onderbouwd.”

Ze nodigt Van der Horst uit voor een gesprek, maar deze weigert. Otten wendt zich daarna tot de rector magnificus, professor Willem Gispen, die meteen, op 31 mei, een gesprek organiseert met Van der Horst en vier collega-wetenschappers. Otten kan daar niet bij zijn, maar weet zich wel te herinneren dat Van der Horst de dag daarop al de definitieve versie van zijn rede inlevert.

Van der Horst heeft een andere versie van het verhaal. De decaan heeft hem inderdaad op passages gewezen waar ze problemen mee heeft. „Dat ging over het deel waarin ik me zeer kritisch uitliet over het faculteitsbeleid van de laatste jaren. Ik heb daar wat aan veranderd en vervolgens heb ik de tekst ook op andere plaatsen wat geschaafd. De ’griezels’ Gretta en Dries zijn toen bijvoorbeeld geschrapt.”

Een paar dagen later spreekt decaan Otten hem opnieuw aan. Ze heeft ook moeite met de wijze waarop de hoogleraar de jodenhaat koppelt aan de moderne islam. Of hij ook dat niet zou kunnen schrappen. Van der Horst wil dáárover niet praten. „Zeker niet toen zij liet doorschemeren dat de faculteit in onderhandeling was over een nieuwe imamopleiding.”

Otten weerspreekt deze versie. Zij ontkent bijvoorbeeld dat er over een imamopleiding wordt onderhandeld. Feit is wel dat tijdens het gesprek met de rector de niet meer relevante, eerste versie ter tafel ligt – die heeft Otten immers doorgestuurd. De emeritus hoogleraar wijst zijn opponenten daarop, maar vindt geen weerklank. Het gesprek is er ook niet naar. Van der Horst: „Vrij snel wordt mij duidelijk gemaakt dat mijn afscheidsrede een veiligheidsrisico inhoudt. Als ik de rede zo zou uitspreken, kon de universiteit niet instaan voor mijn veiligheid, en die van mijn collega’s. De rector dreigde dat hij gebruik zou kunnen maken van zijn rectorale bevoegdheid, al wist ik niet wat dat betekende.” Onder druk besluit Van der Horst het advies van de rector op te volgen en het deel van zijn rede over de ’fakkel van de jodenhaat’ weg te laten. Een besluit dat hij achteraf betreurt.

Wat hij nog meer betreurt, is dat het in de ophef na zijn rede alleen maar is gegaan over de academische vrijheid en het vermeende gebrek aan wetenschappelijke kwaliteit. En niet meer over zijn ongewenste boodschap. Als hij in NRC Handelsblad zegt dat de rector „bang was dat alle moslims messen en pistolen zouden gaan trekken”, reageren hoogleraren dat de rector helemaal niet bang was en dat het erom ging dat „talloze passages van de rede in strijd waren met de mores van het wetenschappelijk bedrijf”.

Ook de woordvoerder van het universiteitsbestuur legt de nadruk op de wetenschappelijke kwaliteit. „Het veiligheidsaspect is ook aan de orde geweest, maar de belangrijkste boodschap was dat de rede passages bevatte die niet zo wetenschappelijk waren. ’Kijk daar nog eens goed naar’, was het dringende advies.”

Van der Horst windt zich er opnieuw over op. „Telkens wordt daarbij verwezen naar ’de griezels’. Dat suggereert dat men met de tweede versie akkoord was gegaan. Intussen gaat iedereen voorbij aan de werkelijke boodschap die ik in mijn gecastreerde versie niet mocht uitspreken: de jodenhaat onder hedendaagse moslims.”

Hij verzucht: „Zo’n afscheidsrede is wel vaker een cri du coeur. Als de universiteit het er niet mee eens is, kan men zich ervan distantiëren. Maar censuur vooraf vind ik uit den boze.”

Drie versies van de omstreden toespraak:

Er bestaan drie versies van de afscheidsrede van Pieter van der Horst. De versie die de universiteit hem ernstig ontraadde om uit te spreken, de versie die hij had willen uitspreken en de versie die hij vorige week werkelijk uitsprak. De eerste versie bevatte enkele gepeperde uitspraken, zoals over de ’griezels’ Dries en Gretta. De tweede niet meer. In de derde versie was echt gesneden: de hele passage over de jodenhaat onder hedendaagse moslims was verdwenen.

Prof. dr. Pieter W. van der Horst en het bestuur van de Universiteit Utrecht verschillen van mening over de inhoud van de oorspronkelijke tekst:

  • Lees hier de afscheidsrede, zoals uiteindelijk uitgesproken door Prof. dr. Pieter W. van der Horst.
  • Lees hier de oorspronkelijke versie, volgens Prof. dr. Pieter W. van der Horst.
  • Lees hier de oorspronkelijke versie, volgens de subfaculteit Godgeleerdheid van de universiteit Utrecht.
  • Lees hier de officiële reactie van de universiteit van vrijdag 16 juni.
  • ]]>

    mailIcon print | |
    <spring:message code='commonMessages.loading' />