De EU-regeringsleiders komen vanavond bijeen in Lissabon om een eind te maken aan de lijdensweg van de Europese Grondwet.
Het lijkt wel of de 27 EU-landen het voor een keer echt eens zijn met elkaar. Opmerkelijk weinig geschilpunten liggen nog op tafel als de regeringsleiders vanavond aan het diner in Lissabon verschijnen. Alles wijst erop dat ze zonder veel problemen akkoord zullen gaan met het zogeheten Hervormingsverdrag, een onleesbaar pak papier dat de leesbare maar gesneuvelde Grondwet moet vervangen.
„Er zijn geen redenen, geen excuses om deze kwestie niet op te lossen”, zei José Manuel Barroso, de voorzitter van de Europese Commissie, gisteren. Wat er nog aan meningsverschillen ligt, is volgens hem technisch oplosbaar. Grote politieke punten zijn er niet meer.
Na de ontnuchterende ervaring van de Franse en Nederlandse referenda, bijna tweeënhalf jaar geleden, doet iedereen zijn best om het Hervormingsverdrag zo onschuldig mogelijk te laten lijken. Het is een gewoon verdrag, zoals er zoveel zijn geweest, luidt de boodschap. Want niemand durft de Russische roulette van een nieuwe ronde van referenda aan. Zelfs Spanje en Luxemburg die wel een overtuigend ’ja’ uit hun referenda kregen, peinzen niet over een herhaling.
Ierland moet wel, daar is het wettelijk toe verplicht. Ierland heeft zijn spectaculaire groei van de welvaart grotendeels te danken aan de EU, dus daar zal de kiezer geen spaak in het wiel steken. De Deense politiek discussieert nog of er een referendum nodig is.
In Groot-Brittannië probeert premier Gordon Brown zo’n discussie te smoren. Toch blijft er in zijn eigen Labour-partij en bij zijn vakbondsaanhang een sterke stroming om het nieuwe verdrag wel in een volksstemming te brengen. Om dat tij te keren, zal Brown in Lissabon wellicht nog wat lawaai gaan maken om ’garanties’ te krijgen voor Britse uitzonderingsposities. Zijn EU-collega’s zullen hem dat gunnen, want het is slechts een vertoning voor Browns thuisfront. Iedereen huivert bij de gedachte van een Brits referendum.
In de landen die alle commotie over de Grondwet hebben veroorzaakt, Frankrijk en Nederland, zijn referenda nu kansloos. De Franse president Sarkozy heeft het in zijn verkiezingscampagne al uitgesloten. Het Nederlandse kabinet heeft de Raad van State de klus laten opknappen.
Een kiezer die toch de kans zou krijgen zich uit te spreken over het Hervormingsverdrag, zou het moeilijk hebben. Het verdrag valt niet zomaar te lezen, zoals wel kon bij de Grondwet. De artikelen verwijzen naar oudere Europese verdragen en brengen daarin veranderingen aan.
Dat levert teksten op zoals: „Titel VIII met de slotbepalingen wordt titel VI; deze titel en de artikelen 48, 49, 51, 52 en 53 worden gewijzigd als aangegeven in de punten 55, 56, 60, 61 en 62. Artikel 47 wordt vervangen door artikel 25, zoals aangegeven in punt 44; de artikelen 46 en 50 worden ingetrokken.” Zelfs beroepspolitici zullen moeite hebben zich door het verdrag heen te worstelen.
Er zijn ook leesbaardere gedeelten, maar het geheel blijft ondoorgrondelijk voor een leek. De ambitie van de Grondwet om alle oude verdragen samen te ballen in een overzichtelijk boek is met de Franse en Nederlandse ’nee’s’ verloren gegaan.
De essentie van de Grondwet blijft wel overeind. Het nieuwe verdrag moet de besluitvorming van de 27 EU-leden stroomlijnen en effectiever maken. Dat zal niet van de ene op de andere dag merkbaar zijn. Een nieuw systeem voor stemmingen op de vergaderingen van de lidstaten bijvoorbeeld, zal pas in 2014 van kracht worden. En zelfs dan kan een land nog drie jaar lang vragen om het oude systeem toe te passen. Polen eist dat er nog een extra ontsnappingsmogelijkheid aan deze procedure in het verdrag komt te staan.
„We moeten dit institutionele debat achter ons laten”, zei commissievoorzitter Barroso gisteren. „We hebben zes jaar gediscussieerd. Het is tijd om verder te gaan.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.