Al-Kaida in Irak is aan de verliezende hand. Soennieten pikken het geweld niet langer en verjagen Al-Kaida uit wijken en dorpen.
In drie maanden is het geweld in Irak enorm afgenomen, en het aantal doden ook. In Bagdad vullen de straten en de heropende winkels zich weer. De Iraakse premier Al-Maliki spreekt al van een overwinning op Al-Kaida. De Amerikanen zijn wat voorzichtiger: zij spreken van een keerpunt.
Drie maanden geleden durfden in veel wijken in Bagdad burgers nauwelijks de deur uit, waren bomaanslagen dagelijkse kost en terroriseerden sjiitische en soennitische milities de buurten, moordend en rovend. Vorig jaar december stierven nog 2172 Iraakse burgers door dat geweld, vorige maand stond dat cijfer op 750, en in november tot nu toe op zo’n 189. Het aantal raket- en mortieraanslagen daalde van 224 in juni, tot 53 vorige maand.
De oorzaken zijn niet eenduidig. Deels komt het door de inzet van 30.000 extra Amerikaanse militairen in Bagdad. Voorheen kwamen opstandelingen na controles gewoon terug. Maar zeker zo belangrijk is de splitsing die is ontstaan in het soennitische kamp. Omdat de Amerikanen een sjiitische regering aan de macht hielpen, gingen verschillende soennitische groepen tegen hen een kongsi aan met buitenlandse moslimradicalen.
Maar Al-Kaida in Irak heeft veel goodwill verspeeld door de zelfmoordaanslagen die vooral Iraakse burgers doodden. En ook het bewind dat het in de wijken voerde, met strenge kledingvoorschriften en wraakmoorden, zette kwaad bloed. Want op een enkele Irakees na bestaat Al-Kaida er uit Egyptenaren, Syriƫrs, Saoediƫrs en Marokkanen.
Gematigde soennieten realiseerden zich dat Al-Kaida een grotere vijand is dan de Amerikanen. Toen die hen geld en wapens boden om tegen Al-Kaida te vechten, hapten ze toe en verjoegen Al-Kaida uit wijken en dorpen. Vrijdag voerde een soennitische groep een aanval uit op posities van Al-Kaida bij Samarra, doodde 16 radicalen en nam er 18 gevangen. Kort daarna pakte een andere groep zestig Al-Kaidastrijders op in het nabijgelegen Al-Boehriz. Er werd gefeest in de straten. Al-Kaida heeft teruggeslagen met aanslagen op stamhoofden die met de VS samenwerken.
Dinsdag leidden bewoners van een soennitische wijk in Bagdad de Amerikanen naar acht autobommen en een ton aan explosieven. En inmiddels hebben duizenden jongeren – die voorheen aan soennitische kant streden – zich bij de Amerikanen gemeld voor een baantje als wijkwachter. Ze krijgen een uniform en 300 dollar per maand. En de wijken worden veiliger: Al-Kaidastrijders worden gemeld en gepakt.
Anderzijds neemt ook het sjiitische geweld af, doordat de steun voor de Al-Mahdi-militie afneemt. Veel sjiieten zijn hun wraakacties zat, en realiseren zich dat er veel schorem bij zit. Vorige week beschuldigde de politiechef van Kerbala de militie in een volle zaal van vier jaar terreur. De zaal ondersteunde hem luidkeels. Een paar maanden geleden had dat niet gekund, toen had de militie nog de macht in Kerbala. Tot haar leider, Moktada al-Sadr, onder druk van de sjiitische regering haar activiteiten opschortte. In weken liep het aantal slachtoffers van wraakmoorden dat dagelijks in Bagdad werd gevonden, terug van tientallen per dag naar een handjevol.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.