*

 

moord van gogh / De vlam is na drie jaar weer gedoofd

Ruud van Haastrecht − 02/11/07, 01:00

Drie jaar na de moord op Theo van Gogh gaat Trouw terug naar een kerk en een moskee, allebei in Rotterdam, die in de nasleep van Mohammed B.’s terreurdaad doelwit waren van een aanslag. „Het wantrouwen wordt dagelijks ververst.”

Een donkere oktobernamiddag vorig jaar in de Rotterdamse wijk Hillesluis. Aan een lange tafel in de consistorie van de gereformeerde Breepleinkerk buigen een dominee, een bestuurder van een Marokkaanse vereniging, een schoolmeester en een katholieke pastoraal werkster zich over de tweede interreligieuze kerstviering in de wijk.

Enkele basisscholen doen mee, de fanfare uit het naburige IJsselmonde, de rooms-katholieke parochie en de hervormde Vredeskerk. Vooraf lopen de schoolkinderen in lampionoptocht door de buurt. „Een beetje Halloween”, zegt de enthousiaste pastoraal werkster onder gelach van de anderen.

Het idee voor een interreligieus Kerstfeest ontstond na de aanslag op de Breepleinkerk. Negen dagen na de moord op Theo van Gogh vlogen ’s avonds twee molotovcocktails door de verlichte kerkruiten. De vergaderende kerkrentmeesters kwamen met de schrik vrij, de daders zijn nooit gepakt.

Ook de buurt was geschrokken. Twee avonden later vulden tweehonderd verontruste buurtbewoners de kerkzaal; moslims, christenen en ongelovigen, Antillianen, Surinamers, Turken, Marokkanen en Nederlanders. Ze richtten het comité ’Hand in Hand in Hillesluis’ op dat via ontmoetingen en discussies het onderlinge begrip wilde versterken. „Die aanslag heeft een positief gevolg gehad, ook voor ons als kerk. We zijn meer betrokken geraakt bij de buurt”, constateert dominee Jaap Brederveld.

Vanouds was Hillesluis een arbeiderswijk waar nieuwkomers uit Zeeland, Noord-Brabant en de Zuid-Hollandse eilanden zich vestigden. Wat dat betreft is er niets veranderd. Sinds de jaren zestig komt de import in Hillesluis alleen van veel verder weg: 169 culturen nu op 11.550 inwoners. „De Nederlandse cultuur is hier eigenlijk verdwenen”, zegt koster Cornelis van der Pligt. „Vijftien procent van de Hillesluisers is nog autochtoon, van wie de meerderheid in de bejaardentehuizen woont.”

Kerklid Henk de Haan, zelf jaren geleden vertrokken naar Spijkenisse, hoort van allochtonen vaak de vraag ’waarom die Nederlanders hier zijn vertrokken’. „Het heeft niets te maken met discriminatie”, antwoordt hij dan. „Ze willen een grotere woning, hebben moeite met de verandering van de winkelstraat, het verenigingsleven is hier niet meer, dat soort dingen. Het heeft te maken met: ik zoek mijn roots op. ”

Toen Brederveld na de aanslag werd uitgenodigd voor de Iftarmaaltijd in de moskee, het dagelijks avondmaal bij het breken van de vasten, bracht dat zijn kerkenraad op het idee om zelf ook eens iets te organiseren rond een christelijke hoogtijdag. En wat ligt dan meer voor de hand dan Kerst?

De eerste, in december 2005, was een doorslaand succes. „Zeshonderd mensen kwamen, van hoofddoekjes tot witte kaaskoppen.” Ook vorig jaar trok de kerstviering vijfhonderd mensen. Maar deze december is er niets. De bijeenkomst was te traditioneel voor het niet-kerkse publiek, legt Brederveld uit, zeker voor de schoolkinderen. En de buurt was te weinig betrokken bij de voorbereiding.

Vanavond, op 2 november precies, vergadert het comité Hand in Hand Hillesluis. Op de agenda staat de vraag of het nog wel door moet gaan, want de belangstelling voor de bijeenkomsten is tanende. „Ook die zitten op een keerpunt”, constateert Brederveld. „De steekvlam die de aanslag op de Breepleinkerk opgewekt heeft, die warmte is ook bij hen minder geworden.”

Geen buurtkerstfeest meer, een wijkcomité dat zichzelf dreigt op te heffen: is Hillesluis drie jaar na de moord op Theo van Gogh terug bij af, een anonieme oudestadswijk gescheiden door kleur en religie?

Brederveld ziet toch positieve veranderingen. De oudere leden van zijn kerk die zich lang vervreemd voelden in hun veranderde buurt bezoeken nu de Iftarmaaltijden en genieten van het nieuwe contact. Kerkmensen doen mee met gesprekskringen voor ouders op de basisscholen en zorgen zo voor de autochtone inbreng. En ze bezoeken het Suikerfeest op school.

Maar actief contact onderhouden met de moslimbuur blijft lastig met een steeds kleinere, sterk vergrijzende kerkgemeenschap in een oudestadswijk, zucht Brederveld. Hij is slechts parttime in dienst omdat de kerkgemeenschap van tweehonderd zielen niet meer kan betalen. Zijn beperkte tijd gaat vrijwel geheel op aan het pastoraat.

De landelijke kerk zou moeten investeren in buurten als Hillesluis, bepleit hij. „Zet er nou eens een fulltime predikant neer. Die moet het niet zoeken in interessante discussies over Bijbel en Koran, maar moslims en christenen met elkaar in gesprek brengen over: wat betekent ons geloof voor ons samenleven in deze buurt, hoe kijken we naar elkaar?”

mailIcon print |