Wie geneigd is het afleggen van een eed of een belofte als een formaliteit te beschouwen, zal geneigd zijn de wenkbrauwen hoog op te trekken over de beslissing van de raadkamer van de rechtbank van ’s Hertogenbosch.
De rechtbank beval deze week zes verdachten van ernstige misdrijven vrij te laten, onder wie van verkrachting en overvallen verdachte personen en een vrouw die bekend had haar partner te hebben gewurgd. De reden: een onbevoegde rechter had hen eerder voorarrest opgelegd. Onbevoegd in die zin dat zij wel de opleiding met succes had doorlopen en daarvoor ook nog zes jaar officier van justitie was geweest. Het enige wat er aan ontbrak was dat ze de eed of belofte nog niet had afgelegd.
Een eed of een belofte is echter niet zomaar een formaliteit. Met dit ritueel geeft de rechter ten overstaan van het publiek te kennen in volstrekte onafhankelijkheid recht te zullen spreken. De eed of belofte is bovendien wettelijk voorgeschreven, als sluitstuk van de benoemingsprocedure. Ontbreekt dit sluitstuk dan is de rechter in kwestie onbevoegd, wat onherroepelijk tot gevolg heeft dat door zo iemand uitgesproken vonnissen per definitie nietig zijn. Onbegrijpelijk dat een officier van justitie en een rechter in opleiding daarom meende zonder deze ’formaliteit’ recht te kunnen spreken. Onbegrijpelijk ook dat de rechtbank daar niet op heeft toegezien.
Als excuus wordt wel aangevoerd dat rechtbanken tegenwoordig te maken hebben met een hoge werkdruk en bovendien worden ’afgerekend’ op hoeveelheden afgehandelde vonnissen. In zo’n omgeving is de verleiding groot alles en iedereen te laten meedraaien in de vonnissencaroussel en het afleggen van de eed of belofte (waarvoor een speciale bijeenkomst moet worden belegd) als een formaliteit te beschouwen. Dit excuus is echter ontoereikend. Toegeven aan deze druk betekent dat productie uiteindelijk als hoogste norm wordt gezien en dat er aan het recht en recht doen minder waarde wordt toegekend.
Advocaat Spong overdreef met zijn uitspraak dat we met dit bedrijfsongeval op een bananenrepubliek beginnen te lijken. Zo erg is het niet. Maar feit is wel dat dit ’ongelukje’ een ongelooflijke reputatieschade met zich meebrengt voor de rechterlijke macht. Die heeft het deze week al zwaar te verduren met de zaak van Lucia B. Koppen in de krant dat zware misdadigers dankzij een foutje op vrije voeten zijn gesteld vrolijken dat beeld niet op. Gelukkig betekent een nietig vonnis in geheel geen vonnis, zodat er in deze gevallen opnieuw recht zal worden gedaan.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.