*

 

Besluit over missie Uruzgan verdient weer geen schoonheidsprijs

20/12/07, 00:06

De stabilisatie en opbouw van Afghanistan zijn een zaak van lange adem. Daarom is het realistisch en consequent dat een ruime meerderheid van de Tweede Kamer de regering volgt in het besluit de missie met twee jaar te verlengen tot 2010.

Minder consequent, maar wel begrijpelijk is dat regering en parlement het over drie jaar ’hoe dan ook’ voor gezien willen houden. Deze stelligheid verdraagt zich slecht met de notie dat het vele jaren kost een tribaal en straatarm land op eigen benen te zetten. De discrepantie komt in mindering op het motief voor de missie, want het is het één of het ander.

Als verzachtende omstandigheid geldt dat de Navo-bondgenoten zich weinig solidair tonen met Nederland. Uit het debat is duidelijk geworden dat dit niet alleen aan secretaris-generaal de Hoop Scheffer ligt, maar ook aan de regering zelf, die al begin dit jaar aanbood langer te blijven. De besluitvorming verdient dus andermaal niet de schoonheidsprijs. Het lijkt er stilaan bij te horen. In 2005 wrong het tweede kabinet-Balkenende zich in vreemde bochten na het voortijdige ’nee’ van D66 tegen de missie en nog altijd bestaat er onduidelijkheid over de achtergronden van de politieke steun die de regering in 2003 gaf aan de Amerikaans-Britse oorlog tegen Irak.

De weerkerende ruis kan de indruk niet wegnemen dat Nederland telkens weer, naar het woord van het oud-PvdA-Kamerlid Piet de Visser, een oorlog ’wordt in gerommeld’. Ook daarmee wordt afbreuk gedaan aan het motief van de missie. Intussen zijn er wel enige politieke conclusies te trekken.

De eerste is dat de internationale missies, die sinds 1989 een vast onderdeel van de Nederlandse veiligheidspolitiek zijn, vrijwel altijd kunnen rekenen op steun van de grote partijen CDA, PvdA en VVD, en de kleinere christelijke partijen ChristenUnie en SGP. Zij nemen voluit hun internationale verantwoordelijkheid.

Het is daarom van betekenis dat het kabinet de liberalen binnenboord heeft gehouden. Zonder hun steun was het draagvlak bedenkelijk smal geworden. Omgekeerd markeert de VVD scherp haar positie tegenover de PVV, die is afgehaakt onder het schamele argument dat Nederland zijn aandeel heeft geleverd en niet de dorpsgek moet zijn. Islamitisch terrorisme moet worden bestreden, maar wel op een koopje.

Des te spijtiger is het dat D66, in weerwil van zijn internationale traditie, de in 2005 gekozen lijn van afzijdigheid bestendigt. De partij kruipt met SP, GroenLinks en PVV weg achter de Hollandse waterlinie.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />