*

 

staatssecretaris / ’Ik wil twee nationaliteiten’

Van onze redactie politiek − 17/02/07, 11:11

Aankomend staatssecretaris Nebahat Albayrak (PvdA) peinst er niet over haar Turkse nationaliteit op te geven. „Ik doe niets wat in strijd is met de wet”, zei ze gisteren voordat ze een ontmoeting had met formateur Balkenende.

Ze zei trots te zijn op haar beide nationaliteiten. „Dat is mijn wezen, dat mag gezien worden”, vond de beoogd staatssecretaris vreemdelingenzaken, die al negen jaar Kamerlid is.

Ze reageerde daarmee op de ophef die donderdag in de Tweede Kamer was ontstaan over een pleidooi van Kamerlid Fritsma (Partij voor de Vrijheid) om te verbieden dat politici twee paspoorten hebben. Ook zouden volgens hem bewindslieden van het vierde kabinet-Balkenende niet over een dubbele nationaliteit mogen beschikken. Dat gaat gebeuren als Albayrak en de Amsterdamse PvdA-wethouder Aboutaleb staatssecretaris worden.

Fritsma vindt dat deze politici dubbele loyaliteiten hebben en misschien de belangen van een ander land moeten of willen verdedigen. Albayrak en Aboutaleb noemen dat onzin en worden daarbij gesteund door een grote meerderheid in de Kamer. Aboutaleb zegt in Nederlandse grond te willen worden begraven.

Het Nederlands-Turkse D66-kamerlid Fatma Koser Kaya vindt de dubbele loyaliteit eerder het probleem van het land van herkomst. „De loyaliteit van Albayrak is boven elke twijfel verheven, dat is Nederland. Het zou inderdaad kunnen dat Turkije een beroep doet op haar loyaliteit, maar dat is dan toch echt het probleem van dat land en niet van haar. Een paspoort is maar een stukje papier.”

Ze ziet wel het spanningsveld, als in Turkije een advocaat dreigt Nederlands-Turkse parlementariërs voor het gerecht te slepen vanwege de Armeense-kwestie. Dit zou theoretisch ook kunnen spelen als Turkije in oorlog raakt of als het land Turkse reservisten in het buitenland mobiliseert. „De andere kant van het verhaal is dat je dan eigenlijk zegt dat allochtonen geen lid van het parlement kunnen worden.”

Het Kamerdebat was een sluitstuk van een lange procedure die begon bij een motie van CDA-Kamerlid Mirjam Sterk uit 2003. Zij vond dat allochtonen van de tweede en derde generatie, die zelf en hun ouders hier geboren zijn, verplicht worden te kiezen voor één nationaliteit. Dit bevordert de integratie.

Sterk: „Dat vind ik nog steeds. Maar ik vond het niet kies van Fritsma om bij dit debat zijn pijlen te richten op deze twee beoogde staatssecretarissen, mensen bovendien van de eerste generatie. Een ander bezwaar is dat bijvoorbeeld Aboutaleb helemaal geen afstand kan doen van de Marokkaanse nationaliteit. Je zou Nederlandse-Marokkanen dus uitsluiten van deelname aan de Nederlandse politiek.’’

Uit een onderzoek van Maurice de Hond bleek gisteren dat bijna de helft van de Nederlanders (48 procent) vindt dat politici geen dubbele nationaliteit mogen hebben.

mailIcon print |