*

 

Voor jongeren én samenleving is beter imago MBO noodzaak

Door: redactie − 01/09/08, 00:50

„We zijn onbekend en ook een beetje onbemind”, zei Jan van Zijl, voorzitter van de koepel van scholen voor middelbaar beroepsonderwijs (MBO-raad) vlak voor de zomer. Wellicht komt het door die onbekendheid –hoeveel politici hebben een zoon of dochter op het MBO?– , dat de recente cijfers over schooluitval in het MBO niet tot Haagse ophef hebben geleid. Terwijl de getallen er alarmerend genoeg voor zijn.

Het Sociaal en Cultureel Planbureau berekende dat in het schooljaar 2005/2006 maar liefst 53.000 leerlingen de school verlieten. Het gros, 35.000 jongere, is afkomstig van het MBO. Eenderde van hen heeft ook geen diploma van het VMBO.

De overheid beschouwt deze leerlingen in feite als mislukt. Jongeren moeten sinds vorig jaar tot hun achttiende naar school, en zij mogen het onderwijs pas verlaten als ze minimaal een diploma hebben voor VWO, HAVO of MBO-niveau twee. Hoe praktisch die MBO-variant van het MBO ook is, voor veel van de zwakste leerlingen is het ondoenlijk die af te ronden.

Dat betekent niet altijd dat ze slecht terechtkomen. Vaak vinden ze wel een baan, soms is dat de reden om de school voor gezien te houden. Individueel kunnen ze het best redden, maar als groep zijn ze, vanwege hun lage opleidingsniveau, erg kwetsbaar. Als het economisch even tegenzit, vliegen ze er als eerste uit. Een andere baan ligt niet zomaar voor het opscheppen, ook al omdat de vraag naar laaggeschoold werk alleen maar afneemt.

Als zovelen vroegtijdig afhaken, moeten de eisen aan het minimale opleidingsniveau dan maar omlaag? Macro-economisch gezien is er in dat geval een probleem. De minimale eisen zijn juist geformuleerd om de Nederlandse economie op peil te houden en te kunnen laten concurreren met de rest van de wereld. Vanuit dit oogpunt is het zorgelijk dat het aantal jongvolwassenen dat voldoende is opgeleid, nu al achterblijft bij het Europees gemiddelde.

Maar wat dan? Gelukkig heeft het onderwijs zelf een aantal kansrijke initiatieven ontplooid. Dit schooljaar beginnen er dertien vakcolleges, waar leerlingen gericht worden opgeleid voor een praktisch beroep. Nu nog is het een experiment, maar de eerste reacties, ook van staatssecretaris Van Bijsterveldt, zijn enthousiast.

Ook het recente plan voor een nieuwe, heldere indeling van Regionale Opleidingen Centra lijkt de moeite waard. Een MBO dat voorbereidt op het HBO en apart daarvan twee beroepsgerichte opleidingen, zou het MBO van het slechte imago kunnen afhelpen. En het zou vooral kunnen voorkomen dat jongeren afhaken –en dat is ons aller zorg.

mailIcon print |