Iedereen kan stoppen met roken, beweren longartsen Pauline Dekker en Wanda de Kanter, vlak voor Wereld Niet Roken Dag. Met het glossy ’Nederland stopt! Met roken’ geven ze rokers een duw in de goede richting.
Het moest een mooi boek worden, prettig om te lezen, niet belerend of moraliserend. Glossy, kortom, maar wel wetenschappelijk verantwoord. Want het gaat tenslotte om een doodserieuze zaak, en dat woord is hier niet toevallig gekozen. Pauline Dekker: „Door roken sterven mensen eerder. Maar ook de jaren daarvoor zijn vaak een enorme lijdensweg. Alleen zie je dat niet. Het speelt zich af in het ziekenhuis of achter de voordeur.”
Samen met collega Wanda de Kanter schreef ze ’Nederland stopt! Met roken’. Want het werd hoog tijd, aldus de aan het Rode Kruis Ziekenhuis in Beverwijk verbonden longartsen, om alle mythes rond roken op een rij te zetten. En mensen daarmee een handvat te geven om (eindelijk) met die gewoonte te breken. „We wilden een inzichtgevend boek maken. We zijn ervan overtuigd dat daarmee een groot deel van de rokers zelf kan stoppen.”
Zo’n vier miljoen Nederlanders steken regelmatig een sigaret op. De Kanter en Dekker doen dat niet meer, maar ze hebben er geen moeite mee te bekennen dat ze ooit zeker een pakje per dag wegwerkten. Dekker: „Ik was 15 toen ik begon, gewoon om stoer te doen.” De Kanter was er op haar 12de nog eerder bij. „Ik zat op kostschool, we deden het stiekem op het balkon. Als je betrapt werd, kreeg je straf: dan moest je net zolang Black Beauty roken, heel zware shag, tot je er ziek van werd. Maar op mij had het weinig effect.”
Voor allebei was de wens om zwanger te worden, jaren later, de motivatie om er eindelijk mee te kappen. Dat wil zeggen: bij Dekker lukte het in één keer, De Kanter moest een paar keer op herhaling. „Toen de kinderen er waren, rookte ik soms stiekem. Ik werd een keer ’s nachts betrapt toen een van hen wakker werd. Ik schaamde me diep. Daarna was het afgelopen.”
Roken is een verslaving, weten de longartsen uit ervaring. In het hoofdstuk ’Snap je verslaving’ leggen ze uit hoe het werkt. De stoffen in een sigaret hebben een bijzondere werking, waardoor het lichaam na korte tijd gaat hunkeren naar nieuwe doses. Dekker: „Mensen zeggen dan: ik heb een sigaret nodig om rustig te worden, om me beter te concentreren. Maar in werkelijkheid hebben mensen een sigaret nodig om de ontwenningsverschijnselen te onderdrukken. Het is de hunkering die hen gestresst maakt, of ongeconcentreerd.” Een sigaret kalmeert, maar slechts heel even. In plaats van dat hij helpt, maakt hij mensen tot slaaf.
Rust levert het niet op. Integendeel. Het vooruitzicht van een lange rookvrije vliegreis stemt spaans benauwd en rustig slapen is er niet bij als er niet op zijn minst een halfvol pakje binnen handbereik ligt. De Kanter: „Ik kan heel boos worden als ik iemand van de Stichting Rokersbelangen hoor zeggen: we leven in een vrij land, dat moet je toch zelf weten. Maar mensen die roken, zijn helemaal niet vrij: ze zijn verslaafd.”
Toch, leggen ze uit, is die lichamelijke verslaving eigenlijk vrij snel verdwenen. Na zo’n drie weken kan het lijf weer zonder. De Kanter: „De derde dag is meestal het ergst. Gemiddeld krijg je dan 18 keer gedurende drie minuten een enorme aandrang. Maar bekijk het nuchter: dat is in totaal minder dan een uur. En daarna wordt het snel steeds minder.” De geestelijke verslaving duurt langer. Dekker: „Rokers ontwikkelen allerlei rituelen: even zitten met een kopje koffie en een sigaret. Of na het avondeten.”
Wie serieus wil stoppen, doet er goed aan eerst even stil te staan bij al die diep ingesleten gewoonten en associaties met roken. Dekker, lachend: „Ik sprak net een vrouw die het toch een beetje burgertruttig vond om te stoppen. Tegelijk weet ze natuurlijk ook dat het onzin is. We hebben toen zitten bedenken wat ze kon doen ter vervanging. We kwamen uit op vaker een diep decolleté dragen.”
Er is niet een manier van stoppen met roken die gegarandeerd succes geeft, benadrukt het tweetal. In hun boek zetten ze daarom allerlei manieren op een rij en laten ze bekende Nederlanders aan het woord die vertellen hoe zij afgekickt zijn en blijven. Zo kan historicus Maarten van Rossem het iedereen aanraden om een overvolle oude asbak te bewaren. Even diep inademen en je bent genezen!
Maar het zou natuurlijk nog veel beter zijn als dat ’genezen’ helemaal niet nodig was, als mensen überhaupt niet aan roken beginnen. „Maar ja”, schudden de twee het hoofd, „je kunt overal sigaretten krijgen, en dan vertelt de minister van volksgezondheid bij ’Pauw & Witteman’ ook nog gewoon dat hij sigaren rookt! Dat is toch helemaal het verkeerde signaal!”
Het rookverbod in de horeca is een goede stap, maar lang niet genoeg. Accijnzen fors verhogen, rookwaar alleen nog laten verkopen in speciale winkels, schoolpleinen rookvrij maken, de leeftijdsgrens om tabak te mogen kopen, verhogen naar 18 jaar: als het aan De Kanter en Dekker ligt, gebeurt het liever vandaag dan morgen. „Hoe jonger een kind ermee begint, hoe eerder hij verslaafd is. En dan krijgen wij ze, zoveel jaar later, hier, en kunnen we vaak nauwelijks meer iets voor ze doen.”
Nederland stopt! Met roken. Pauline Dekker en Wanda de Kanter, Uitgeverij Thoeris. 19,95 euro.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.