*

 

Voedselbank, horzel van de samenleving

Wilma van Meteren − 02/12/08, 00:00

Vandaag verschijnt het boek ’Armoe de baas’, waarin een aantal organisaties, samenwerkend in de Sociale Alliantie, inzicht geeft in wie er gebruikmaken van voedselbanken. Van deze ’schandvlek’ zijn er in ons rijke land nu al 110.

  • Medewerkers voedselbank (Herman Engbers )

Voedselbanken moeten nadrukkelijk een plaats krijgen in de strijd tegen armoede. Daartoe is een betere verhouding nodig tussen hen en gemeenten, die soms moeite hebben hun bestaansrecht te erkennen.

Dat stelt de Sociale Alliantie, een bundeling van veertig maatschappelijke organisaties waaronder de Raad van Kerken, vakbonden en het Rode Kruis, na een uitvoerig onderzoek naar het gemêleerde gezelschap van voedselbanken en hun klanten. De bevindingen zijn gebundeld in het boek ’Armoe de baas’ dat ze vandaag overhandigen aan staatssecretaris Aboutaleb van sociale zaken.

Menig politicus en zelfs anti-armoede-organisaties binnen de Sociale Alliantie hikken aan tegen deze ’schandvlek’ in een rijk land. Ondanks deze weerstand is het aantal voedselbanken de afgelopen jaren toegenomen tot ongeveer 110. Ze zijn verspreid over heel Nederland, van grote stad tot platteland, en worden gerund door vrijwilligers. Ze zorgen met hulp van bedrijven dat voedsel niet wordt verspild en terechtkomt bij naar schatting 14.000 arme huishoudens.

„Ik begrijp die weerstand bij politici wel”, zegt CNV-bestuurder Yvon van Houdt, roulerend voorzitter van de Sociale Alliantie. „Ze zien de voedselbank als een falen van het eigen beleid, en deels is dat ook zo. De vraag naar voedselhulp zou er niet moeten zijn, maar de werkelijkheid is een stuk weerbarstiger.” Uit het onderzoek blijkt dat mensen die aankloppen bij de voedselbank, in de bureaucratie zijn vastgelopen en meestal met meervoudige, complexe problemen kampen – en niet alleen financiĆ«le. „Opvallend is de hoge waardering voor het begrip en de erkenning die mensen bij de banken vinden en bij sociale diensten missen. Dat kan hun veerkracht versterken”, signaleert Van Houdt.

Inmiddels is er een aantal goede voorbeelden van meer toenadering tussen voedselbanken en gemeenten. Die bieden bijvoorbeeld ter plekke afnemers van voedselpakketten hulp aan om beter gebruik te maken van voorzieningen, zoals bijzondere bijstand en schuldhulpverlening. Ook het afsluiten van convenanten om informatie-uitwisseling en samenwerking te bevorderen – waarvoor staatssecretaris Aboutaleb morgen de aftrap geeft – is volgens de Alliantie positief.

Maar ze wil dat bestuurders verder gaan en de voedselbanken als een horzel beschouwen. „Ze zijn een teken dat de geĆ«igende voorzieningen van overheden en reguliere instanties tekortschieten, en dat ze deels anders moeten gaan werken.”

De Alliantie pleit voor een betere afstemming tussen de organisaties waarmee minima te maken hebben, meer aandacht voor preventie van schulden en snellere, meer respectvolle hulpverlening. Ook het sociaal minimum zou omhoog moeten. Daarbij gaat het volgens Van Houdt vooral om het besteedbaar inkomen en de koopkracht. „Wij willen het kabinet houden aan de toezegging van premier Balkenende dat uitkeringsgerechtigden er 2 à 3 procent in koopkracht op vooruitgaan”.

In ’Armoe de baas’ gaat de Alliantie overigens nog een stap verder door de discussie aan te zwengelen over ons consumptiegedrag en de verspilling van voedsel.

mailIcon print |