Met een beetje gevoel voor drama zou je het een reactionaire coup kunnen noemen –maar dan wel een mislukte. Een clubje Amerikaanse wetenschappers gaf afgelopen week te kennen dat het terug wil naar een verlaten verouderingstheorie uit de vorige eeuw.
Tot zo’n dertig jaar geleden dachten veel deskundigen nog dat de veroudering bij de mens voorgeprogrammeerd lag in het erfelijk materiaal.
De oude theorie zei dat onze fysieke achteruitgang een vast patroon volgt, gedicteerd door een geheimzinnige klok in het DNA. Bij de een tikte die klok wat sneller dan bij de ander, maar grosso modo zou iedereen de complete wijzerplaat bewandelen: van haaruitval, via rimpelvorming, naar verstijvende ledematen en zo verder, om rond middernacht te sterven.
Als die theorie juist was, zou je ’verouderingsgenen’ verwachten, maar die bleken volstrekt onvindbaar. In de jaren zeventig concludeerde men daarom dat de geprogrammeerde veroudering een vergissing was. Deskundigen hechten sindsdien meer waarde aan een andere theorie: we verouderen doordat zich in de loop der jaren beschadigingen in ons lichaam opstapelen. Zoogdieren verouderen bijvoorbeeld sneller als ze worden blootgesteld aan schadelijke stoffen. De nieuwe theorie zit stevig in het zadel. Wetenschappers geloven er vast in.
Behalve die paar uit Amerika. Die meldden in het vakblad Cell dat ze bij wormpjes toch een aanwijzing hebben gevonden voor een genetische grondslag van veroudering. Ze zagen dat een regelgen (elt-3) bij oudere dieren minder actief werd. Honderden andere genen raakten daardoor in de versloffing. Als de onderzoekers de werkzaamheid van het regelgen kunstmatig op peil hielden, leefden de dieren langer: drie weken, in plaats van de gebruikelijke twee.
De Amerikanen weten niet of de DNA-versloffing, die zij ’genetisch afdrijven’ noemen, ook bij de mens optreedt. Wel opperen ze in een begeleidend persbericht dat je het afglijden van het DNA wellicht met een pilletje kunt remmen. Tussen neus en lippen stellen ze ons zo een heus levenselixer in het vooruitzicht.
Jan Hoeijmakers, hoogleraar moleculaire genetica in het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam, is niet onder de indruk. „Deze studie toont helemaal niet aan dat veroudering geprogrammeerd is en zeker niet dat het bij zoogdieren inclusief de mens zo zou zijn.”
De grootste fout van de Amerikanen is dat ze onvoldoende hebben onderzocht waardóór het DNA in de versukkeling raakt. Ze zeggen dat het geen gevolg kan zijn van schade, want die zagen ze niet optreden. Maar volgens Hoeijmakers hebben de onderzoekers lang niet naar alle vormen van schade gekeken. Oplopende averij blijft daarom toch de meest waarschijnlijke verklaring.
Overigens stelt een levensverlenging van twee naar drie weken voor de bestudeerde worm weinig voor. Alleen op eigen kracht kan hij al verbluffend ver komen, dankzij zijn ’standby-stand’: een winterslaapachtige toestand waarin hij vijf keer zo oud wordt als normaal. De mens kan daar alleen van dromen, en zo zijn er volgens Hoeijmakers meer verschillen die maken dat de Amerikaanse studie voor de verouderende mens uiterst betrekkelijk is.
Ondertussen blijft de levensverwachting van Nederlanders toenemen, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het verwachte aantal levensjaren van in 2007 geboren meisjes bedraagt 82,3; voor jongens 78. Het eind van de stijging is nog niet in zicht. Laat die Amerikanen hun levenselixer dus maar lekker zelf opdrinken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.