*

 

Een politiek bestuur past niet bij waterschappen

Sander Meijerink − 14/11/08, 00:00

Er valt bij de verkiezingen voor de waterschappen niets te kiezen, ook niet nu er partijen meedoen.

  • (Maarten Hartman)

Binnenkort zijn er verkiezingen voor de waterschappen. Er wordt soms denigrerend over de waterschappen gesproken, maar het zijn moderne overheidsorganisaties die nog maar weinig gemeen hebben met de ’republiekjes’ die het ooit waren. Er werken professionele, goed opgeleide mensen. Waterschappen draaien mee in internationale projecten en doen aan kennisontwikkeling. Dat is nodig, want de opgaven waar Nederland in het licht van de klimaatverandering voor staat zijn niet gering.

Waterschappen verdienen dus een goed en professioneel bestuur. Maar ze zijn, anders dan gemeenten en provincies, een functioneel bestuur. Binnen de kaders die zijn gesteld door het algemeen bestuur (lees: Rijk en provincies), voeren ze specifieke taken uit, op een zo goed mogelijke manier. Het waterschap zorgt voor waterveiligheid, voor droge voeten en voor een goede waterkwaliteit.

Bij een dergelijke overheidsorganisatie past geen politiek bestuur. En dat gaat er na deze verkiezingen nu juist wél komen. De verkiezingen –die vandaag zijn begonnen– vinden plaats volgens een ’lijstenstelsel’. Groeperingen die een belang hebben bij het waterbeheer, maar ook politieke partijen, komen met een lijst met een bijbehorend programma. Zo kun je als kiezer een stem uitbrengen op een VVD-lijst, een PvdA-lijst of een Groene Lijst.

Uit een onderzoek van de Vereniging Eigen Huis is gebleken dat de mensen die van plan zijn te gaan stemmen zich inderdaad laten leiden door partijpolitieke voorkeuren. Dat wringt met het functionele karakter van het waterschap.

Wat valt er eigenlijk te kiezen? Het water moet op een zo goede en goedkoop mogelijke manier worden gezuiverd. De dijken moeten netjes worden beheerd en onderhouden en de grondwaterstand moet worden afgestemd op de in onze ruimtelijke plannen vastgestelde functies. Waterbeheer is bovendien zo verweven met andere beleidsterreinen, zoals natuur- en landschapsbeheer, economisch beleid en ruimtelijke ordening, dat beleidsmatige keuzen alleen gemaakt kunnen worden door gemeente, provincie of Rijk.

Natuurlijk blijft er in de uitvoering altijd wát te kiezen over: mag een waterschap aan internationale kennisuitwisseling doen, of voorlichting geven op scholen, om maar wat voorbeelden te noemen. Maar dergelijke afwegingen moet een drinkwaterbedrijf ook maken. Daarvoor is het niet nodig om op een politieke lijst stemmen te laten uitbrengen. Het provinciebestuur, dat toezicht moet houden op de waterschappen, kan daar best wat van vinden.

Behalve dat een lijstenstelsel de suggestie wekt dat er heel wat te kiezen valt, terwijl dat niet het geval is, leidt het welhaast vanzelf tot de meer fundamentele vraag waarom Nederland eigenlijk nog aparte waterschappen nodig heeft? Het belangrijkste argument dat wordt aangedragen is dat de waterschappen kunnen opereren in de luwte van de politiek. Daardoor is het land ervan verzekerd dat, los van de politieke waan van de dag, dijken netjes worden beheerd en onderhouden.

De geschiedenis leert dat politici niet altijd het lange termijnbelang in het oog houden en wel eens willen bezuinigen op begrotingsposten als beheer en onderhoud. Maar geldt dit argument nog wel wanneer juist die politieke discussie het waterschap wordt binnengehaald?

Kan het waterschap dan niet net zo goed worden omgevormd tot een uitvoeringsorganisatie die valt onder Rijk of provincie? Door de invoering van een lijstenstelsel wordt geprobeerd de legitimiteit van het waterschapsbestuur te vergroten. Mijn stelling is dat de politisering van het waterschapsbestel juist tot het tegenovergestelde leidt: minder legitimiteit.

Een lijstenstelsel past dus niet bij de waterschapsdemocratie, maar wat dan wel? Daar moeten we na deze verkiezingen maar eens goed over nadenken.

Een eerste mogelijkheid is een getrapte verkiezing via de gemeenteraden. De gemeenteraden krijgen dan als taak goede bestuurders aan te wijzen die het waterschap besturen. Wanneer de provincie de rol van toezichthouder goed invult zal er niet zo snel wat misgegaan. Een ander alternatief is om er een professionele uitvoeringsorganisatie van de provincie van te maken. En er zijn meer alternatieven.

Ze hebben allemaal als voordeel dat we als kiezer niet worden opgezadeld met de onmogelijke keuze tussen een liberaal of sociaal-democratisch beheer van dijken.

mailIcon print |