*

 

’Ruk naar rechts’ is vooral proteststem

Van onze redactie buitenland − 30/09/08, 00:00

Populistisch rechts in Oostenrijk dankt de winst aan jonge en de volkse kiezers. Meer dan een ruk naar rechts, is de uitslag vooral een protest.

De ’Rechtsparteien’ FPü en de BZü bleken zondag bij de vervroegde parlementsverkiezingen goed voor 29 procent van de stemmen: meer dan de historische score die Jörg Haider in 1999 in zijn eentje realiseerde. Dat was aanleiding voor grote opwinding. Toen Haider toetrad tot de regering trof de Europese Unie zelfs sancties.

De toestand is nu anders. Aan partijen met robuuste immigratiestandpunten is Europa inmiddels wel gewend. En de vraag of Haider, of zijn leerling-die-een-aarstvijand-werd, Heinz-Christian Strache – of wie weet allebei – meeregeren is nog niet aan de orde. Gisteren reageerde alleen Israël bezorgd over de opkomst van ’elementen die xenofobie, holocaustontkenning en vriendschappen met neo-nazi’s aanprijzen’.

Populistisch rechts dankt het succes dit keer ook niet in de eerste plaats aan de verdediging van ’de echte Oostenrijkers tegen de islamisering’, of het voorstel criminele immigranten en asielzoekers uit te zetten. Niemand kon ze in deze campagne ook betrappen op racisme of antisemitisme.

Haider, nu aan het hoofd van de BZü, en FPü-chef Strache profiteerden vooral van het vrijwel totale gebrek aan slagvaardigheid van de verliezende coalitie.

De sociaal- en christen-democraten van de SPü en üVP maakten vooral veel ruzie: over pensioenen, collegegeld, gezondsheidszorg, en over een parlementaire enquête over de affaire Natascha Kampusch, die er niet kwam. Van de langverwachte hervorming van het belastingstelsel kwam ook niets terecht.

En Haider en Strache mikten tegen de achtergrond van oplopende inflatie en de financiële crisis in de VS met succes op de zorgen van de gewone man. Strache wist vorige week nog de halvering van de btw op medicijnen op zijn conto te schrijven. Dat was een voorstel van de sociaal-democraten dat hij in extremis, drie dagen voor de verkiezingen, aan een meerderheid hielp.

Strache, tandtechnicus van opleiding en volgens velen net zo op zijn gemak onder discotheekbezoekers als arbeiders, drong diep door in de traditionele achterban van de sociaal-democraten. 25 procent van de kiezers onder de dertig jaar en een derde van de kiezers in volkswijken koos voor ’HC’ die zich ook wel ’Stra-Che’ laat noemen: een verwijzing naar zijn ’revolutionaire’ bedoelingen.

Zijn kiezers waarderen in Strache de buitenstaander die het opneemt tegen het verkalkte establishment. Dat was vroeger precies de rol die Haider speelde. Maar omdat Haider ook graag spreekt over zijn daden als gouverneur in Karinthië is Strache voor velen geloofwaardiger als de man die de fletse Oostenrijkse politiek op kan schudden.

Een andere manier voor de kiezer om te protesteren tegen de achttien maanden durende verlamming die de rood-zwarte coalitie in zijn greep hield, was niet stemmen. Volgens opiniepeiler SORA bleven vele tienduizenden kiezers van de SPü en de üVP thuis.

In Oostenrijk is geïrriteerd gereageerd op het oordeel van veel buitenlandse media dat Oosternijk een ruk naar rechts beleeft. Volgens de politicoloog Peter Filzmaier heeft de uitslag niets met ideologie te maken. „Er zijn gewoon geen linkse partijen die ontevreden kiezers onderdak bieden. De rechtse partijen slagen daar wel in.”

Het kan hoe dan ook lang duren voor Oostenrijk een regering heeft. SPü-leider Werner Faymann heeft steeds gezegd dat hij niet met Haider of Strache in zee gaat. Hij hoopt door te gaan met de üVP, die hun leider, vice-premier Wilhelm Molterer, inruilden voor Josef Pröll.

De üVP heeft niets uitgesloten: een herhaling van de rechtse coalitie die regeerde van 2000 tot 2006 is zeker mogelijk.

mailIcon print |