Nalatenschappen leiden vaker dan vroeger tot ruzie. Het gaat om geld, oud zeer, afgunst en misverstand. De Erfenisbeurs geeft raad.
Een stacaravan. Jaar in jaar uit was hij in de Ardennen gestald. Dan overlijdt moeder en de boel moet worden verdeeld. De oudste broer wil het ding zo goed mogelijk te gelde maken. Verkopen dus aan de beste bieder. De jongste broer heeft nog steeds trauma’s van die vakanties in de Ardennen en wil de sleurhut zo snel mogelijk vergeten. In de ramsj dus. Maar zuslief heeft dierbare herinneringen aan dat knusse ding. Hij moet en zal in de familie blijven dus. Gevolg: grote heibel. Inderdaad, erfenisconflicten breken over de bizarste zaken uit.
Het onderzoek - van het ’Notariaat Magazine’ - is al een paar jaar uit, maar de conclusies staan nog steeds: nalatenschappen leiden vaker dan vroeger tot ruzie. De familiebanden worden losser, de burgers worden mondiger en gaan daarom meer op hun strepen staan, het aantal samengestelde gezinnen groeit en zo ook de ’stiefrelaties’, de erfenissen worden groter. En het ontbreekt nogal eens aan een testament. Er is een keur aan oorzaken voor een erfenisconflict, maar ze zijn in vier groepen onder te verdelen: geld, oud zeer, afgunst en slechte communicatie, zo getuigt het onderzoek (uit 2004) bij 102 notariskantoren.
Per jaar wordt er voor 11 miljard euro vererfd, waarvan er 2 miljard naar de schatkist verdwijnt als successierechten, somt Felix Merks op. „Er overlijden 130.000 mensen per jaar en 50.000 van hen hebben geen testament. Van de 80.000, die wel zo’n document nalaten, is de helft een langstlevende. Dus met hun dood eindigt het huishouden.”
Merks is niet alleen mede-organisator van de eerste Erfenisbeurs van vandaag en morgen, maar ook oprichter en directeur van Result ADR. Het aan een Amsterdamse gracht gevestigde bedrijf is gespecialiseerd in conflictoplossing. Merks is een doorgewinterd mediator. Na zijn studie Nederlands recht heeft hij zich bekwaamd in onderhandelingsvaardigheden aan de Amerikaanse Harvard Law School. Zijn kantoor met vier partners beschikt over ruim veertig freelance mediators en achttien arbiters.
Misverstanden, karakterbotsingen, wantrouwen, als het gaat om bemiddeling bij ruzies rond nalatenschappen kan, net als menig notaris, ook Merks bogen op een keur aan dossiers. „Het gaat veelal om verdelingszaken en sommige lopen al twee, drie, vijf jaar als zij bij ons komen. Een van de broers of zussen wil geen handtekening zetten.” Hij geeft een voorbeeld: „Een man vliegt naar Nieuw-Zeeland voordat zijn vader is begraven. Schaamteloos, zegt de rest van de familie. En ze dichten hem van alles en nog wat toe. Hij weigert daarna te tekenen.” Wat blijkt tijdens de mediation? Hij kon het overlijden van zijn vader emotioneel niet aan.”
Soms loopt de afhandeling binnen een familie met de beste bedoelingen fout. Merks: „Bij een vermogende familie moet de erfenis worden verdeeld. De oudste broer is aangewezen als executeur-testamentair. Hij is extreem zakelijk, kan het heel goed. Maar de zussen willen aandacht. Ze willen over de problemen, die er liggen praten, niet over oplossingen. De communicatie wordt stroef. Brieven worden verkeerd gelezen en men stapt naar een advocaat. En zo blijft de afhandeling jaren liggen. Dan is het aan mij om uit te vinden hoe je uit die patstelling komt.”
Het beste en mooiste is, stelt hij, om alles bij je leven te regelen en te verdelen. Zorg er zoveel mogelijk voor dat je verrassingen voorkomt. Dat doe je door alles goed vast te leggen. „Maar dan moeten mensen naar de notaris en dan zien ze de meter weer lopen.”
Wat hij in elk geval ontraadt is om de executeur uit het eigen gezin te nemen. „Zorg dat de broers en zussen bij elkaar blijven. Neem een professional in de arm of iemand die wat verder van het gezin afstaat. Het is minder ingrijpend als oom Henk bij sommige gezinsleden niet meer welkom is dan de broer of zus.” Onderschat ook de rol van de aangetrouwde familie niet. En dat niet alleen als stokende partij. „De juwelen van moeder worden verdeeld. Je broer krijgt de ketting, die ze eigenlijk al aan jou had beloofd. Bij het volgende verjaardagsfeest heeft schoonzus hem om haar hals. Die is de volgende keer niet meer welkom.”
In veel testamenten is vandaag de dag een zogeheten conflictmanagement-clausule opgenomen, vooral omdat het in wel dertig procent van de gevallen bij de afhandeling misgaat. Merks: „Het kan buitengewoon nuttig zijn om er een buitenstaander bij te halen, die ervaren is in het onderkennen van de dynamiek van familieconflicten. Die kijkt waar het is vastgelopen en doet suggesties hoe de verdeling kan worden vlotgetrokken. Probleem is, dat als er ruzie is en de een stelt voor een conflictmanager in te schakelen, de anderen de reflex hebben om daar tegen te zijn. Daarom is het zo goed als de erflater in het testament heeft bepaald dat hij wil dat er een conflictmanager wordt ingeschakeld als er een probleem rijst. Dat wordt namelijk door iedereen gerespecteerd.”
Het feit dat steeds meer gezinnen samengesteld zijn - dus met stiefouders en stiefbroers of -zusters - , maakt een harmonieuze afhandeling van de erfenis dikwijls ook niet makkelijk. Merks: „Het is al moeilijk te verteren als je stiefmoeder dezelfde leeftijd heeft als jij. Hoe is dat dan niet als je twintig jaar jongere stiefbroertje de vleugel krijgt, waaraan je zulke mooie herinneringen hebt omdat moeder naast je zat toen je piano leerde spelen?” Wees transparant bij je beslissingen als erflater, zegt hij. „Maak duidelijk dat je Erikje uit je tweede huwelijk een financieel steuntje wilt nalaten omdat hij het anders niet redt.”
Om te voorkomen dat een erfeniszaak uiteindelijk voor de rechter zal worden beslist, met alle littekens in de familie, komt de mediator in beeld. Doorgaans à raison van 150 euro per uur, maar de rechtsbijstandsverzekering of de overheid springt bij. De mediator, ofwel bemiddelaar, inventariseert de problemen en wat daar soms nog onder zit, probeert de misverstanden uit de weg te ruimen en haalt aspecten tevoorschijn die het welles-nietes overstijgen. Kortom, hij probeert het gezonde verstand in het conflict terug te krijgen.
Bemiddelen kan vaak snel, meent Merks. „Vaak is het maar één ding waar men het niet over eens is en daar draait dan alles om. Je belt anderhalf uur met de erven en dan kun je al een oplossing aanbieden. Dat scheelt je dan drie jaar ruzie. Tijdens die telefoongesprekken merkt je trouwens al dat de lezing van de een op het probleem doorgaans 180 graden verschilt van die van de ander.”
En is Felix Merks zelf wel eens de gebeten hond? Hij trekt een brede lach. „Ik ben er in geschoold om valkuilen te voorkomen. Je moet bijvoorbeeld nooit binnen je eigen familie gaan optreden. Je kunt wel zeggen hoe je conflicten voorkomt. Je doet een verhaal dat houvast geeft of je komt met een vergelijkbare casus. En je kunt naar een coach verwijzen. Dat gaat gemakkelijk. Het is je vak.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.