Vraagtekens plaatsen bij ADHD is toegestaan, maar ritalin wordt eerder te weinig dan teveel voorgeschreven aan kinderen.
Het artikel ’De risico’s van ritalin’ in Trouw (17 oktober) draagt bij aan de misvatting dat ADHD eigenlijk niet bestaat, maar een smoesje is voor ouders en leerkrachten met ’lastige kinderen’, of een bedenksel van psychiaters en farmaceutische industrie. De negatieve teneur die media scheppen doet de honderdduizenden ADHD- patiënten ernstig tekort.
Het wordt tijd dat de stoornis ADHD én het succes van medicamenteuze behandeling in het juiste perspectief komen te staan. Het werkt polariserend om ADHD af te zwakken dan wel te ontkennen of de medicamenteuze behandeling als ’gevaarlijk’ te bestempelen.
Hoewel het concept ’ADHD’ nog onvoldoende is onderzocht en er ongetwijfeld aanpassingen in definitie en criteria komen, is daarmee niet gezegd dat de stoornis niet bestaat. Wat we weten is dat de hersenen van ADHD’ers gemiddeld kleiner zijn dan die van anderen, dat bepaalde hersenstructuren anders zijn en dat de werking bij sommige taken en functies anders verloopt. We weten dat het bestaan van mensen met ADHD wordt gekenmerkt door ontwrichting: ontwrichte gezinnen, uitval op school, onderpresteren in banen, verstoorde relaties, meer kans op verslaving, meer ziektedagen, veel meer werkloosheid, meer andere psychische stoornissen, meer zorgconsumptie.
Is de kritiek op het medicijn ritalin dat ADHD’ers krijgen misplaatst? Ja en nee. Kritiek is goed, maar dan wel vanuit de juiste voorstelling van zaken. Het klopt dat de werking van ritalin in de hersenen lijkt op die van amfetamine en cocaïne. Daarmee wordt de indruk gewekt dat die medicijnen verslavend zijn. Dat is alleen zo als ze in veel hogere doseringen of op een andere dan voorgeschreven manier worden gebruikt. Uit onderzoek blijkt dan ook dat ritalin vooral misbruikt wordt door anderen dan voor wie het is voorgeschreven. Bovendien blijkt dat behandeling met medicatie een preventief effect heeft bij ADHD-patiënten op ontwikkeling van verslavingsproblemen.
Meer professionele aandacht leidt tot extra zorg voor patiënten die voorheen aan de aandacht ontsnapten. Medicijnen hebben daar een plaats bij, en juist omdát die vaker worden toegepast en er veel onderzoek naar wordt gedaan, is er ook aandacht voor eventuele bijwerkingen. Maar dan wel graag in juist perspectief.
In Trouw stond dat er een significante toename van suïcidaal gedrag is waar te nemen. Maar zet dat dan af tegen de kans op suïcide onder patiënten met ADHD die níet voor hun stoornis worden behandeld. Zet de bijwerkingen van medicatie af tegen de bijwerkingen van niet behandelen: grotere kans op verslaving, op verkeersongevallen, uitval op school.
Ritalin is het meest onderzochte middel in de psychiatrie. De bijwerkingen zijn bij een meerderheid van patiënten mild. Maar die bijwerkingen moeten we heel serieus nemen.
De meerderheid van de ouders die akkoord gaan met de medicatie is zeker niet blij met de noodzaak er van. Zij weten dat ze daarmee niet van het probleem af zijn. De medicatie heeft invloed op de symptomen. Maar de stoornis blijft bestaan, heeft aandacht nodig, in de vorm van aanvullende behandeling en begeleiding.
Trouw meldde een forse toename van ADHD-medicatie. Een verbeterd bereik van werkzame medicatie onder de doelgroep is meestal geen reden tot ongerustheid. Sommige kinderen en volwassenen krijgen medicatie voorgeschreven terwijl ze geen ADHD hebben. Daarnaast is het echter zo dat een grote meerderheid van patiënten met ADHD niet behandeld wordt. Met alle gevolgen van dien.
Nederland telt rond de 550.000 ADHD-patiënten. Verreweg de meeste van hen zijn niet gediagnosticeerd en worden niet behandeld. Uitwassen van overdiagnostiek en te makkelijk voorschrijven van medicatie moeten worden uitgebannen. Maar dat geldt ook voor onderdiagnostiek!
Niet alles rond ADHD-behandeling is koek en ei. Onderzoek daarnaar is gecompliceerd en duur. Het Trimbos-instituut is recent gestart met een internationaal onderzoek naar het verband tussen ADHD en verslaving. De betrokken wetenschappers, medici, patiënten en financiers zijn gebaat bij objectieve beeldvorming rond ADHD. Dat begint met het erkennen van ADHD als werkelijk ziektebeeld, en het nuanceren van vooroordelen rond de aandoening.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.