In de Monitor Racisme & Extremisme wordt de PVV neergezet als een extreem-rechtse partij.
De PVV is een extreem-rechtse partij. Dat is de opvallendste conclusie in de achtste Monitor Racisme & Extremisme, een wetenschappelijk onderzoek van de Universiteit Leiden en de Anne Frank Stichting.
PVV-leider Geert Wilders reageerde woedend: „Ze zijn helemaal van de pot gerukt. Het is een belediging van de PVV en onze kiezers.”
Volgens de onderzoekers, onder leiding van Jaap van Donselaar en Peter R. Rodrigues, is het probleem van ’islamofobie’ in Nederland het afgelopen jaar aanzienlijk groter geworden. Ze spreken van een ’negatief opinieklimaat’ over moslims en signaleren dat beledigingen en bedreigingen richting moslims steeds meer worden gedoogd. „Het evenwicht tussen vrijheid van meningsuiting en bescherming tegen discriminatie is de afgelopen monitorperiode verstoord”, stellen de onderzoekers. Oorzaken zijn gelegen in een veranderend politiek klimaat: „Kort samengevat: je moet kunnen zeggen wat je denkt.”
De onderzoekers denken dat beledigen en aanzetten tot haat op grond van zowel ras als religie bij Wilders aan de orde is. Ze beschrijven, in een hoofdstuk over de PVV, hoe de gevoerde campagne ’tegen de islamisering van Nederland’ van die partij steeds radicaler werd.
Met krachtige uitspraken als ’de islam is een achterlijke cultuur’, ’een tsunami van moslims’ en ’moslimkolonisten die hier niet zijn om te integreren maar om ons te onderwerpen’, schuift de PVV snel op. Met de term ’moslimkolonisten’ gebruikt Wilders volgens de onderzoekers een metafoor die in zwang is in extreemrechtse kringen.
Het door de PVV voorgestelde moratorium van vijf jaar op de bouw van nieuwe moskeeën en islamitische scholen tast volgens de onderzoekers de vrijheid van godsdienst en onderwijs aan.
In de monitor staan de grondgedachten onder extreem-rechtse ’voorgangers’ van de PVV beschreven: In positieve zin georiënteerd op het eigene, heeft een afkeer van het vreemde, van politieke tegenstanders, van de gevestigde politiek in het algemeen en men heeft een hang naar het autoritaire. „Deze punten kan men – ondanks de verbale distantie van de PVV van rechts-extremisme – evenzeer aantreffen bij de PVV”, stellen de onderzoekers die in de wetenschappelijke literatuur op zoek gingen naar onderbouwing van hun conclusie. Ze stuitten op twee basisstromingen in de extreemrechtse ideeënwereld: de nationaaldemocraten en de raciale revolutionairen, ofwel de anti-immigratie activisten en de neonazi’s. De PVV scharen ze onder de eerste groep. Raciale revolutionairen identificeren zich met nazi-Duitsland, keuren het gebruik van geweld goed en verzetten zich tegen de parlementaire democratie („Het systeem heeft geen fouten, maar het systeem is de fout”).
De PVV past volgens de onderzoekers onder de noemer nationaaldemocraten, omdat de partij zich distantieert van nazi-Duitsland en zich liever identificeert met het verzet, geweld niet propageert en opereert binnen de parlementaire democratie die ze wil corrigeren in de gewenste richting. Tot slot is er bij de PVV geen spoor van antisemitisme: „Daarmee wijkt Wilders af van Front National in Frankrijk, Vlaams Belang in België en het Oostenrijkse FPü.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.