*

 

Estafettemars tegen kindermishandeling

Somajeh Ghaeminia − 18/11/08, 14:15

Niet de gewelddadige ouders, maar de samenleving is verantwoordelijk voor kindermishandeling, stelt kunstenares Sjieka van Rooijen. Ze organiseert de eerste estafettemars tegen kindermishandeling, morgen in Amsterdam.

  • Sjieka van RooijenSjieka organiseert de eerste mars tegen kindermishandeling  in Nederlandop 19 november in Amsterdam.  (Mark kohn)
    Sjieka van RooijenSjieka organiseert de eerste mars tegen kindermishandeling in Nederlandop 19 november in Amsterdam. (Mark kohn)

Wekelijks vindt minstens één kind in Nederland de dood door kindermishandeling, las de Amsterdamse kunstenares Sjieka van Rooijen jaren gelden in een krantenartikel. Het was een interview met de inmiddels overleden hoogleraar psychiatrie Andries van Dantzig, die ook voorzitter was van RAAK (Reflectie en Actiegroep Aanpak Kindermishandeling).

Dat artikel zorgde voor een omslag in het leven van de gepassioneerde kunstenares. Van Rooijen: „Het sloeg in als een bom, ik dacht: waarom zie ik die kinderen niet? Natuurlijk hoorde ik wel eens verhalen over kindermishandeling. Ik dacht dat het incidenten waren, maar ik besefte ineens dat het structureel was."

Ze begon alles te lezen over kindermishandeling, legde een dossier aan en besloot dat ze een nieuwe missie had: het taboe rond kindermishandeling doorbreken.

Dankzij haar particuliere inzet zullen vandaag – op Wereld Kinderdag Tegen Geweld – vele honderden kinderen, jongeren, leerkrachten en ouders naar het Amsterdamse Museumplein trekken voor de eerste ’estafettemars tegen kindermishandeling’. Ze zullen daar met lichtjes in de hand zonnestralen verbeelden. „Als symbool voor alle kinderen die in de anonimiteit geboren worden en zonder stem geruisloos verdwijnen", legt Van Rooijen uit.

Ze vindt minister André Rouvoet (ChristenUnie, jeugd en gezin) en de Amsterdamse burgemeester Job Cohen aan haar zijde. Maar ook verschillende artiesten en organisaties die zich inzetten voor kinderen trekken vandaag naar Amsterdam. Volgend jaar neemt Rotterdam het stokje over, hoopt Van Rooijen. Het jaar daarop een andere stad, totdat iedereen op de wereld weet waar 19 november voor staat.

Haar Stichting Estafettemars Tegen Kindermishandeling (STEK) is niet de eerste die vecht voor de rechten van het kind en tegen de schending daarvan. Wordt er al niet genoeg aandacht gevraagd voor kindermishandeling? „Er is zoveel en toch krijgen meer dan honderdduizend kinderen per jaar te maken met kindermishandeling", zegt Van Rooijen bevlogen. „We willen vooral de kinderen informeren over kindermishandeling. Kinderen zijn de toekomstige ouders. Die hebben recht op informatie, die moeten weten dat een volwassene een kind niet mag mishandelen. Dat werkt preventief."

De scholen spelen daarin een belangrijke rol. Die moeten standaard aandacht besteden aan kindermishandeling en het bespreekbaar maken, zegt Van Rooijen. Nu rust er een groot taboe op, merkt ze in gesprekken met leerkrachten. „In elke klas zitten gemiddeld twee slachtoffers van kindermishandeling. Daarover moet gepraat worden, zo kunnen kinderen elkaar helpen. Leden van een ouderraad op school zouden met z’n allen voor opvang kunnen zorgen, als ze weten dat er een kind bij hun op school thuis niet terecht kan. We moeten als maatschappij verantwoordelijkheid nemen en niet wachten op instanties als Bureau Jeugdzorg, die hebben al problemen genoeg."

Ouders die hun kind mishandelen weten niet beter, zegt Van Rooijen, die zelf graag moeder had willen worden. „Vaak zijn ze zelf slachtoffer geweest. Je kan ze niet als schuldige aanwijzen. De schuldigen zijn wij met z’n allen, het gebeurt in onze maatschappij, omdat wij dit taboe in stand houden."

Voor meer informatie kunt u kijken op: www.estafettemars.nl

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />