Farmaceutische bedrijven kunnen vanaf 1 januari externe onderzoekers niet langer dwingen ongunstige resultaten uit patiëntenonderzoek geheim te houden.
Farmaceuten die een nieuwe pil laten testen door externe medische wetenschappers, leggen de onderzoekers nu nog vaak allerlei verplichtingen op. Zo moeten onderzoekers in ’wurgcontracten’ geheimhouding beloven als de resultaten negatief uitpakken. Of ze moeten accepteren dat het bedrijf een lopende proef zomaar stopzet.
De Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO), die patiëntenonderzoeken vooraf toetst, steekt daar nu een stokje voor. Naast een wetenschappelijk-inhoudelijke toetsing komt er vanaf 1 januari ook een beoordeling van bijbehorende contracten die onderzoekers met de industrie zijn aangegaan.
De commissie verleent geen toestemming bij belemmerende afspraken over de openbaarmaking van onderzoeksgegevens of over de eenzijdige voortijdige beëindiging van een proef. Lokale medisch-ethische toetsingscommissies in ziekenhuizen gaan dezelfde richtlijn volgen.
„In het verleden hebben onderzoekers veel last gehad van wurgcontracten”, zegt CCMO-secretaris Marcel Kenter. „In het buitenland zijn sommige wetenschappers zelfs door bedrijven met rechtszaken bedreigd omdat ze informatie wilden vrijgeven. Dat kan in Nederland straks niet meer gebeuren.”
Om de transparantie van het klinische onderzoek te verbeteren wil de CCMO mogelijk ook een systeem invoeren waarin kerngegevens van alle patiëntenonderzoeken openbaar worden gemaakt. Nu moeten zulke proeven al bij de CCMO worden aangemeld, maar is de openbaring vrijwillig. Als die openbaring verplicht wordt, zal het voor wetenschappers eenvoudiger zijn een totaalbeeld van een middel te krijgen, omdat dan álle studies terug te vinden zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.