Aan de deplorabele situatie van de PvdA lijkt voorlopig geen einde te komen. De partij krijgt er deze week volgens Maurice de Hond weliswaar een zetel bij, maar daarmee is het verlies van de PvdA, die bij de laatste parlementsverkiezingen nog 33 zetels haalde, allerminst goed gemaakt.
Afgaande op deze opiniecijfers heeft meer dan de helft van de PvdA-stemmers de benen genomen. Bij de komende gemeenteraadsverkiezingen zal moeten blijken of de partij van Wouter Bos in staat is deze historische duikeling te stoppen. De vooruitzichten zijn niet bepaald gunstig voor de PvdA nu uit een peiling van TNS NIPO blijkt dat ook de allochtone kiezers massaal de partij de rug toe keren. Slechts een derde van de allochtone kiezers zou straks bij de gemeenteraadsverkiezingen op de PvdA stemmen ( Marokkanen: 34 procent, Turken 39 procent en Surinamers 25 procent).
Een enorm verschil met de gemeenteraadsverkiezingen van 2006, toen stemde driekwart van de allochtonen op de PvdA. Het waren de allochtonen die in 2006 de partij aan een klinkende overwinning in de grote steden hebben geholpen, en ook deze kiezers weet de PvdA niet aan zich te binden. Misschien is het een teken van integratie onder de allochtonen dat deze groep inmiddels ook aansluiting weet te vinden bij andere partijen. Het kan ook zijn dat de Nieuwe Nederlanders net als autochtone kiezers op hol zijn geslagen. Maar dat betwijfel ik.
Veel allochtone Nederlanders zijn niet vergeten dat juist de Partij van de Arbeid onder leiding van Joop den Uyl zich altijd sterk heeft gemaakt voor verbetering van de positie van migranten in de Nederlandse samenleving. Deze opstelling van de PvdA had niet zozeer te maken met migranten als specifieke groep maar met de idealen waarvoor de Partij van de Arbeid onder Den Uyl stond: solidariteit met de zwakkeren in de samenleving en gelijke rechten en plichten voor een ieder. Geheel in de traditie van de sociale democratie.
Mijn ouders konden zich niet voorstellen dat zij ooit op een andere partij zouden stemmen en dat gold voor heel veel migranten. Wij woonden in een gemengde wijk in Dordrecht en voorzover ik me kan herinneren stemde de hele straat, allochtoon en autochtoon, op de Partij van de Arbeid.
Het was Den Uyl die maakte dat mijn ouders politiek betrokken raakten. Dat kwam door zijn gedrevenheid. Als hij op televisie verscheen dan viel een stilte in de huiskamer, we wilden horen wat hij zei. Den Uyl leek soms drammerig over te komen, maar hij stond voor zijn ideeën. De toenmalige partijleider maakte vaak een onbeholpen indruk, met zijn onafscheidelijke aktentas en gekreukelde jas, maar dat maakte Den Uyl juist zo gewoon. Hij hoefde niet langs bij de stilist en kreeg voor zover ik weet ook geen mediatraining.
Natuurlijk, de tijden zijn veranderd. In het huidige televisie tijdperk zou Den Uyl niet bepaald hoog scoren als meest cameragenieke politicus of meest begenadigde spreker. Dat had Den Uyl ook niet nodig, hij had wel visie op de samenleving en stond voor zijn idealen. Daardoor kon hij de PvdA tot een brede volkspartij smeden waar een grote groep mensen zich thuis voelde; van onderwijzer tot verpleger, van gelovig tot niet-gelovig. Dat was de kracht van Den Uyl.
Het politieke gedraai van de huidige PvdA inzake integratie, de JSF, het onderzoek naar Nederlandse betrokkenheid in de oorlog in Irak en het verkwanselen van de idealen van de sociaal-democratie maakt dat de traditionele achterban, allochtoon en autochtoon, de partij de rug toekeert. Maar dat kan de PvdA ook zelf stoppen. Door heldere keuzes te maken en voor de sociaal democratische idealen te blijven strijden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.