*

 

Fietsen over een oude trambaan

Haro Hielkema − 24/10/09, 00:00

Ook Luxemburg heeft NS-routes, al waren die nooit gelinkt aan een station. Nu eindelijk wel.

  • In hoofdstad Luxemburg loopt het spoor in een halve cirkel om de vesting heen. Dat levert een adembenemend panorama op de oude stad op. (Trouw)

Luxemburg is in de gloria, want ze hebben anderhalve eeuw spoor in het groothertogdom. 150 Joer Eisebunn, zoals ze het daar zo mooi kunnen zeggen. In 1859 reed de eerste trein door het lieflijk glooiende landschap en dat was een goede reden voor de Luxemburgse spoorwegen CFL – de Société Nationale des Chemins de Fer Luxembourgeois – om dit jaar de vlag uit te hangen.

In het kader van het jubileum werden tal van activiteiten georganiseerd. Zo kon er in januari al een ritje gemaakt worden met de stoomloc 5519 en de dieselloc 1604 – toverformules waarvan doodgewone stervelingen geen chocola kunnen brouwen, maar een spekkie voor het bekkie van echte treinliefhebbers. In april werden films gedraaid met het Luxemburgse spoor in de hoofdrol. Er zijn open dagen gehouden waarop historisch en hedendaags materieel kon worden bekeken. Ook zijn er tentoonstellingen opgebouwd rondom de oude en moderne treinen van CFL.

Een van de aardigste initiatieven in het feestprogramma was de uitgave van een boek met 71 wandel- en fietsroutes van station naar station. ’NS-routes’ noemen wij dat al zo’n twintig jaar. Nu kent Luxemburg dat soort routes vaak al minstens even lang, alleen waren ze niet eerder gelinkt aan een treinstation – laat staan dat ze gebundeld waren. Maar Wilwerwiltz-Kautenbach, om eens een voorbeeld te geven, of Wilwerwiltz-Göbbelsmühle is al sinds de eeuwigheid een schitterende wandelroute. Inclusief kronkelpaadjes en haarspeldbochten, en halverwege een heuvelwand met prachtige panorama’s over het dal van de Clerve of Klierf, zoals de rivier in het Letzeburgs genoemd wordt. Wie zo’n traject ooit verkend heeft, is voor de rest van z’n leven geïnfecteerd door het wandelvirus. En zo kun je nóg een heleboel routes opnoemen die nu dus een treinwandeling zijn geworden. Je hoeft niet meer heen én terug te lopen, je kunt ook heen lopen en terug met de trein, of andersom.

Ook voor fietsers bestaan er van die klassiekers. Diekirch-Grundhof bijvoorbeeld. Bepaald geen traject waar Luxemburg z’n grote wielrenners heeft gekweekt, zoals tourwinnaar Charly Gaul in de jaren zestig of de broertjes Frank en Andy Schleck, die het groothertogdommetje in deze tijd met fantastische prestaties in extase brengen. Deze route (20 km) is vooral geschikt voor een aangenaam dagje fietsen over de oude trambaan langs de Sauer naar Echternach, lekker op je dooie gemak en met mogelijkheden om onderweg een terrasje te pikken. Van een heel andere orde zijn de fietsroutes in de Oesling, een deel van de Ardennen: daar zitten behoorlijke klimmetjes in, zoals Kautenbach-Wiltz en Wiltz-Bastogne. Maar de meeste tochten zijn toch even vriendelijk als het hertogdom zelf. En bijna altijd met de mogelijkheid om ze culinair af te sluiten.

En dan te bedenken dat Luxemburg dat te danken heeft aan onze eigen koning Willem III. In de 19de eeuw, toen hij tevens groothertog van Luxemburg was, zijn diverse viaducten gebouwd om het spoor in een halve cirkel om de vesting van de hoofdstad Luxemburg heen te leiden naar het hoofdstation. Het leverde een adembenemend panorama op de oude stad op, waarvan je tot vandaag de dag kunt genieten. Bovendien werd Luxemburg-stad prima bereikbaar vanuit alle windrichtingen. Zelfs vanuit het noordelijk gelegen Troisvierges, het eerste station op de spoorlijn van Luik naar Luxemburg. Hier rijden kleine regionale boemeltjes vrolijk tussen internationale treinen op de baan. En overal mag je met je fietsje voor niks mee.

mailIcon print |