De Italiaanse premier Silvio Berlusconi kan binnenkort weer voor de rechter staan. Het constitutionele hof verklaarde gisteren na twee dagen van beraadslagingen de wet nietig die hem beschermt tegen rechtsvervolging.
Berlusconi, die niet van plan is af te treden, reageerde op een inmiddels bekende wijze. Elf van de vijftien rechters van het hof zijn volgens hem ’instrumenten van links’ en ’72 procent van de journalisten’ is links. Nieuw was een aanval op president Giorgio Napolitano. „Iedereen weet aan welke kant hij staat.”
Volgens het hof had Berlusconi de grondwet moeten wijzigen, om de immuniteitskwestie te regelen is een gewone wet niet voldoende. De wet verklaarde de premier, de president en de twee parlementsvoorzitters onschendbaar.
Berlusconi zal zich nu in de eerste plaats moeten verantwoorden voor zijn aandeel in de zaak David Mills. Berlusconi zou in 1997 meer dan vierhonderdduizend euro hebben betaald aan deze Britse advocaat. In ruil daarvoor legde Mills in twee corruptiezaken tegen Berlusconi valse verklaringen af.
Het Italiaanse parlement nam de immuniteitswet vorig jaar aan terwijl in Milaan het proces-Mills tegen de premier liep. Mills is inmiddels tot vierenhalf jaar veroordeeld. De tweede zaak heeft betrekking op de aankoop van tv-rechten door het mediabedrijf Mediaset van de premier.
Berlusconi kreeg direct antwoord van het secretariaat van Napolitano op zijn suggestie dat het staatshoofd hem tegenwerkt. „De president staat aan de kant van de grondwet.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.