*

 

Pact moet Braziliaans oerbos weer in omvang doen groeien

Stijntje Blankendaal − 08/10/09, 00:00

Van het Atlantisch oerwoud is nog maar 7 procent over. Een reddingsplan moet het bos deels herstellen.

  • Het regenwoud bij São Paulo, in Brazilië, is rijker aan biodiversiteit dan het Amazonegebied. Door miljoenen hectaren veeteeltgrond te herbebossen, kan een deel van het oorspronkelijke bos worden hersteld. (FOTO HH)

Wie vanuit metropool São Paulo, met zijn 20 miljoen inwoners, naar de Atlantische Oceaan rijdt, vallen onderweg de schellen van de ogen. Je moet een gebergte over, de Serra do Mar. Het landschap is van een ongekende schoonheid. Tropisch groen vol watervallen ontmoet, op de uitlopers van de bergrotsen, de zee.

Het gebergte behoort tot het Parque Estadual Serra do Mar, een van de 860 beschermde gebieden in het Atlantisch oerwoud van Brazilië. Dat bos, dat ooit langs vrijwel de gehele kuststrook van Brazilië lag, is rijker aan biodiversiteit dan het Amazonegebied, maar op 7 procent na vrijwel verdwenen.

Terwijl de wereld jaar na jaar toekijkt hoe het regenwoud in de Amazone slinkt door houtkap en het oprukken van de sojateelt, ziet het er naar uit dat het Atlantisch oerwoud in de komende veertig jaar juist kan groeien met ruim vier keer de oppervlakte van Nederland.

Er zijn al vaker grote reddingsplannen bedacht voor het Atlantisch regenwoud, dat over zeventien Braziliaanse provincies verspreid is. „Maar deze keer zijn alle koppen bij elkaar gestoken”, vertelt Miguel Calmon, directeur van The Nature Conservancy (TNC). Calmon is coördinator van het ’Pact voor het Atlantisch oerbos’. Daar sloten zich onlangs 83 instellingen bij aan, waaronder het Wereldnatuurfonds, maar ook bedrijven, universiteiten en het Braziliaanse ministerie van milieu.

Calmon: „Zo’n zeven procent van het oorspronkelijke bos is al goed beschermd. Dertien procent staat nog enigszins overeind. Die kunnen we aaneensluiten met nog eens tien procent van de oppervlakte van het oorspronkelijke bos. Dan komen we uit op zo’n 30 procent van het vroegere woud.”

De miljoenen te herbebossen hectaren bestaan voor een groot deel uit uitgeputte veeteeltgrond, waarvoor soms al eens een poging tot herstel van het bos is gedaan. Calmon: „Hier in Paraná (een provincie in het zuiden van Brazilië – red.) heeft de overheid eens 90 miljoen stekjes onder de boeren uitgedeeld, met de plicht om ze te planten. Maar omdat dat niet gepaard ging met technische ondersteuning, konden de boeren daar helemaal niets mee.”

Calmon schat dat de herbebossing duizend dollar per hectare kost. Dat komt dan in totaal neer op 11 miljard dollar. Dat is haalbaar, denkt hij, want groeiend bos neemt het broeikasgas CO2 op, en dat is geld waard voor bedrijven die in hun eigen land, bijvoorbeeld in de EU, moeten betalen voor het recht om CO2 uit te stoten. „Banken investeren volop in monocultuurlandbouw. Waarom zouden ze niet in een project investeren dat de eerste tien jaar koolstofkrediet oplevert? En daarna kan je het bos duurzaam op hout exploiteren.”

De Braziliaanse sociale en economische ontwikkelingsbank BNDES heeft inmiddels een krediet verleend van 5,5 miljoen euro voor de komende twee jaar. Daarmee kunnen de eerste 1000 hectaren grond, met name langs de oevers van rivieren, hersteld worden.

Bosdeskundige Jean Paul Metzger van de Universiteit van São Paulo vindt de doelstellingen van het Pact wat al te optimistisch, maar aan de andere kant: „Een herstel van 30 procent voldoet net zo’n beetje aan wat er eigenlijk in de Braziliaanse wet staat: 20 procent verplicht reservaat, plus 10 procent aan extra beschermd gebied langs rivieren en op bergkammen.”

In het gebied wonen 122 miljoen mensen (62 procent van de bevolking van Brazilië) die afhankelijk zijn van het water uit het gebied. „Het is nog altijd veel goedkoper om die te beschermen, dan om het water vervolgens te moeten zuiveren. We moeten maar op dat Pact gaan inzetten.”

mailIcon print |