*

 

Thuis in het verpleeghuis

Annemieke Vermeulen − 12/06/09, 00:00

Wanneer een partner of familielid naar een verpleeghuis gaat, moet hij zijn vertrouwde bestaan opgeven. Hoe kun je zorgen dat je naaste zijn of haar leefwijze daar zoveel mogelijk kan voortzetten?

  •  Het betrekken van familie en naasten bij de zorg in het verpleeghuis, of liever het dagelijkse leven, is nog lang niet gangbaar.  (Werry Crone/Trouw)
    Het betrekken van familie en naasten bij de zorg in het verpleeghuis, of liever het dagelijkse leven, is nog lang niet gangbaar. (Werry Crone/Trouw)

Ook voor verpleeghuisbewoners zijn het de kleine dingen die het hem doen. Een poster aan de muur met de familiestamboom als geheugensteuntje. Een levensalbum met foto’s en korte teksten waar ook het personeel houvast aan heeft als het een praatje komt maken. Een sticker op de cd met muziek waar de bewoner rustig van wordt, zodat personeel dat niets weet van klassieke muziek, de cd gemakkelijk herkent.

Het betrekken van familie en naasten bij de zorg, of liever het dagelijkse leven, in verpleeghuizen is nog lang niet gangbaar. Het personeel is van goede wil, maar voelt zich onmachtig in de omgang met partners, familieleden en vrienden van bewoners. De taken die nodig zijn om de organisatie te laten functioneren staan voorop. Dat constateren sociaal geografe Hetti Willemse en sociologe Tineke van den Klinkenberg na uitgebreid onderzoek. Vandaag komt hun gids ’Thuis Voelen’ uit, waarin ze praktische tips geven om te zorgen dat verpleeghuisbewoners zoveel mogelijk hun eigen gewoonten en cultuur kunnen handhaven.

De meeste tips draaien om communiceren en informeren. Voor naasten is het belangrijk zoveel mogelijk informatie over hun familielid of partner te geven, zodat met zijn of haar persoonlijke voorkeuren en leefstijl rekening gehouden kan worden. Zo is het voor personeel niet alleen relevant om te weten of iemand graag ’s ochtends of ’s avonds doucht, maar ook om te horen hoe ze zich graag kleden of wat hun liefhebberijen zijn. Andersom moeten verpleeghuizen naasten informeren zodat die meer bij de dagelijkse gang van zaken betrokken raken. Bijvoorbeeld een wekelijkse e-mail met het weekmenu, een activiteitenkalender en het personeelsrooster.

Een andere tip is om een informatiemap te maken zoals hotels die ook hebben. Voor het versterken van het ’thuisgevoel’ kan zo’n map helpen. Hoe meer een naaste zich op zijn gemak voelt, hoe langer hij blijft. „Ik weet dat weinig gedaan wordt om bezoek aantrekkelijk te maken en mensen langer te laten blijven”, legt Hetti Willemse uit. „Ik bezocht mijn schoonvader in het verpleeghuis toen mijn dochter nog klein was. Ze begon toch snel aan mijn rokken te trekken. Ik had zeker langer kunnen blijven als er voor haar meer te doen was geweest. Een zwembadje had al geholpen. Voor verpleeghuizen is het lonend om voor afleiding te zorgen. Elk half uur dat de naaste langer blijft is een ontlasting van het personeel. De bewoner vaart er ook wel bij: Als je wat te doen hebt, voel je je lekkerder dan als je je tijd uitzit.”

Vaak loopt het spaak uit angst bij het personeel voor wat mis zou kunnen gaan. Willemse: „Een bezoeker van de ene bewoner kan aanbieden een andere bewoner te helpen met eten. Officieel mag dat niet. Veel medewerkers laten het liever niet toe, ook al komen ze handen te kort. Ze zijn bang dat tijdens de maaltijd iets mis gaat. Dat risico is eenvoudig te ondervangen door al bij de introductie aan naasten te vragen of zij het goed vinden als hun partner of familielid door andere mensen dan personeelsleden wordt geholpen met eten. Daar kunnen verpleeghuizen mensen zelfs voor laten tekenen.”

Hetzelfde geldt voor privacyregels. In het project dat leidde tot ’Thuis Voelen’ werd als proef een Hyves-pagina aangemaakt om familie te informeren over hoe het toeging in een woongroep. Familie en partners waren heel enthousiast. De organisatie maakte bezwaar omdat e-mailadressen vrijgeven in strijd is met de privacyregels. Vooraf toestemming vragen aan familie en partners had dit bezwaar uit de wereld geholpen.

Het behouden van de eigen cultuur en leefstijl kan wel leiden tot morele dilemma’s bij het personeel. Zij vinden het vaak moeilijk te accepteren dat mevrouw Jansen wel een kroketje eet of een uitstapje maakt, terwijl meneer Pietersen daar het geld niet voor heeft. Volgens Willemse moet voor verschil in luxe ruimte zijn. „Bewoners hadden in het gewone leven, voor het verpleeghuis, uiteenlopende liefhebberijen: de een hield van lezen, de ander tuinierde en de derde maakte culturele uitstapjes. De keuze tussen die verschillende vrijetijdsbestedingen moet in het verpleeghuis ook kunnen.”

De kunst is de naasten gedurende het hele proces vanaf de opname tot en met het levenseinde van een bewoner ’vast te houden’. Willemse: „Dit levert betrokkenheid op van mensen die wellicht later als vrijwilliger hun diensten willen aanbieden. Zo sla je twee vliegen in één klap gezien het tekort aan personeel.”

Tineke van den Klinkenberg is oud-wethouder van Amsterdam, Hetti Willemse zit er in de gemeenteraad. Beiden zijn al lange tijd in diverse functies actief in zorg en welzijn. Hun boek ’Thuis voelen, Gids voor naasten en verpleeghuis als bondgenoten in waardige zorg, Lessen voor de praktijk’, is een uitgave van Vereniging Het Zonnehuis, die zich inzet voor waardige zorg. Meer informatie:

www.vereniginghetzonnehuis.nl

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />