Modderbiggetjes zijn het gezondst. In hun ingewanden heerst een bacteriesoort die ander, kwalijk microgespuis verdringt en zorgt voor een alert immuunsysteem. Aanhangers van de hygiënehypothese knikken bij dit bericht uit BMC Biology: zij wisten al dat je kinderen niet helpt door met stoffer en spray alle ziektekiemen buiten te sluiten. In een schoon huis wordt het immuunsysteem onvoldoende beproefd, met allergieën tot gevolg. Het is nog de vraag of wat voor big geldt ook voor mens geldt.
Onderzoekers verdeelden 54 biggen over een buitenverblijf, een binnenverblijf en een geïsoleerd hok waarin 18 biggen dagelijks antibiotica kregen. De maaginhoud van de biggen werd na een week, maand en twee maanden bekeken. De buitenbiggen huisvestten 90 procent beschermende bacteriën, de binnenbiggen 70 en de antibiotica-biggen 50 procent. Bij die laatste waren vooral genen actief die voor allergische reacties zorgen, terwijl de genen bij biggetjes uit de modder de aanmaak van normale afweercellen bevorderden.
Rode wijn krijgt er een plus bij, buiten de heilzame invloed op hart en vaten: wijn voorkomt mogelijk cariës. Dit is ook goed nieuws voor geheelonthouders, want het betreft hier de reinigende werking van alcoholvrije wijn. Bacteriën gaan uiteraard voor alcohol aan de haal, maar in dit geval waren het andere bestanddelen –flavonoïden– die ervoor zorgden dat vooral streptokokken zich niet aan de met speeksel beklede tanden en kiezen konden hechten.
Die flavonoïden zitten ook in fruit en thee. En in de zaden en huid van de druif. Kan de tandarts dan niet beter druivensap aanbevelen? De onderzoekers erkennen in Food Chemistry dat ze dat niet weten. Hun tandhelende drank kwam uit de bodega’s van Venetië en die is, ook na het eruit warmen van de alcohol, toch anders van samenstelling dan zo’n sapje.
Het is een keuze, zo’n maffe kop als die van de hamerhaai. De T-vormige snuit met aan weerszijden een hamerkop moet ergens goed voor zijn. Maar beide ogen zitten ver weg van elkaar, richting uiteinde van een van de vleugels, waarop een bioloog in 1942 al concludeerde dat die twee nooit met elkaar konden samenwerken om, net als wij, goed diepte te zien.
Hamerhaaien hebben nu in het lab het tegendeel bewezen. Onderzoekers stuurden horizontale en verticale lichtbundels langs hun ogen en maten de elektrische activiteit erin. Hoever ze ook uit elkaar staan, de ogen blijken een flinke overlap te hebben. Ze zien beduidend beter in stereo dan spitse haaien. Al eerder rees het vermoeden dat de neusgaten in beide uithoeken in stereo ruiken. Vooral de ogen van haaien met de grootste hamers kijken in harmonie. En in het verticale vlak voor hun neus bestrijken ze samen 360 graden, zodat ze elke prooi boven en onder kunnen waarnemen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.