*

 

Populisten maken veel lawaai, Balkenende ziet vooruit en voert beleid

Door: redactie − 31/12/09, 00:00

De christen-democraat Balkenende heeft in politieke zin een zwaar stempel gedrukt op het eerste decennium van de 21ste eeuw.

Vanuit de vertrouwde middenpositie leidde hij vier kabinetten met wisselende coalitiepartners onder voor Nederland niet of nauwelijks gekende omstandigheden, zoals twee politieke moorden, opkomend populisme, een virulent debat over de rol van religie, met name de islam, in de samenleving, en een diepe financiƫle crisis. Tegen die achtergrond heeft de professorale Zeeuw tamelijk onverstoorbaar, maar zonder direct de schoonheidsprijs te verdienen, gedaan wat nodig was om de natie op koers te houden en voor te bereiden op de jaren tien, die sterk in het teken zullen staan van een ingrijpende generatiewisseling op de arbeidsmarkt.

Vanaf morgen gaat de omvangrijke eerste naoorlogse generatie met pensioen en komt de vergrijzing van de bevolking in een stroomversnelling. Het is misschien wel de grootste politieke en bestuurlijke verdienste van Balkenende dat hij al vroeg is begonnen met een beleid om de gevolgen van dit proces op te vangen. Al snel na zijn aantreden in 2002 zette hij met het afschaffen van vut- en prepensioenregelingen de aanval in op het verschijnsel van vervroegd uittreden. Het succes laat zich uit de cijfers afleiden. Het aantal werkende 55-plussers is in de periode-Balkenende gestegen van 35 tot bijna vijftig procent. Zet deze trend door, dan wordt het doel van het kabinet bereikt om in 2016 tachtig procent van de beroepsbevolking aan het werk te hebben – een participatiegraad die nodig is om de verzorgingsstaat betaalbaar te houden.

De weerstanden die het beleid van aanpassing van meet af aan opriep geven deze politieke prestatie extra reliƫf. Balkenende had als premier niet alleen te maken met traditionele oppositie, maar ook met een populisme van een omvang en een heftigheid die voor Nederland nieuw zijn. Het is goed dat onvrede een uitlaatklep heeft in Den Haag, maar tegelijk moet worden vastgesteld dat het lawaai dat de populisten op de linker- en rechterflank produceren omgekeerd evenredig is aan hun resultaten. Hun positie is zo excentrisch en onrealistisch dat hun invloed beperkt blijft. De SP zette zich in 2006 zelf buitenspel, het ziet ernaar uit dat de PVV bezig is hetzelfde te doen. Deze partijen bedrijven wel politiek, maar ze maken geen beleid en deinzen terug voor het nemen van verantwoordelijkheid.

mailIcon print |