De Rotterdamse politie was in augustus al daags voor het dansfeest in Hoek van Holland gewaarschuwd voor de komst van relschoppers. Wie valt aan te rekenen dat versterking uitbleef? Korpsleiding en bestuurders wachten met spanning op het eerste uitgebreide rapport over de rellen, dat vermoedelijk volgende week verschijnt.
Eén politieagent belde met zijn mobieltje naar huis, naar zijn vrouw. Dat was om afscheid van haar te nemen. Ver weg en toch dichtbij, in de duinen van Hoek van Holland, voelde de agent een angst die hij niet eerder voelde. Hij schoot, en met hem meer politiemannen.
De agent overleefde het dansfeest van Veronica Sunset Grooves, op 22 augustus in Hoek van Holland. Dit geluk had Rotterdammer Robby van der Leeden (19) niet. Een politiekogel raakte hem in zijn hoofd. Hij stierf op een plek waar doorgaans parasols staan uitgeklapt. Agenten zeiden later dat relschoppers zijn lichaam pakten en in hun richting gooiden. Gevoed door het urgente gevaar en hun natuurlijke overlevingsdrang, losten de agenten, oog in oog met hun dronken en gedrogeerde belagers, meer dan honderd schoten.
Behalve de dode die viel, raakten ook zes mensen gewond door kogels. Van twee van hen staat vast dat de munitie afkomstig was uit een politiewapen. Tenminste twaalf bezoekers liepen messteken op. Geen van hen heeft hiervan aangifte gedaan. Evenmin zijn zij door de politie getraceerd. Mede vanwege de chaos zijn zij na behandeling door medici niet gehoord. Ook beriepen deze medici zich op hun beroepsgeheim, waardoor de politie verstoken bleef van iedere informatie over de slachtoffers.
In het onderzoek naar de rellen heeft de politie tot nu toe 45 verdachten opgepakt, de meeste op verdenking van openlijke geweldpleging. Ongeveer de helft zit nog vast. Vijf agenten van de politie Rotterdam Rijnmond zijn eveneens aangemerkt als verdachten. Het onderzoek naar hen richt zich op de vraag of zij hun wapen terecht trokken. Er bestaat volgens strafrechtspecialisten een gerede kans dat zij zich met succes kunnen beroepen op noodweer. De politie roept nog steeds getuigen en slachtoffers op zich te melden. Het tonen van foto’s van verdachten in het televisieprogramma ’Opsporing Verzocht’ gaf vooral de eerste keren veel respons. Inmiddels lijkt deze bron aan het opdrogen: het aantal aanhoudingen neemt sinds twee weken minder snel toe, ondanks aanwas van nieuwe foto’s.
In een buitengewone raadsvergadering van 3 september in Rotterdam zei burgemeester Ahmed Aboutaleb dat hij pas zou rusten als alle twee à driehonderd relschoppers zijn opgepakt. De oorzaak van de ernstige rellen ligt bij deze lieden, vindt de burgemeester. Er zijn maar weinigen die hem op dat punt tegenspreken. Zo sprak de VVD-fractie in het raadsdebat over ’ongeremde hyena’s’ en het CDA van ’zieke geesten’. De PvdA hield het erop dat alle relschoppers ’stuk voor stuk’ moeten worden geïdentificeerd en berecht. De tweede partij in de lokale politiek, Leefbaar Rotterdam, deelde aan Aboutaleb een gele kaart uit omdat hij over de rellen pas werd geïnformeerd toen die bijkans achter de rug waren. Hij gaf daarmee aan, stelden de Leefbaren, dat hij zijn zaken onvoldoende op orde had.
Ook het overgrote deel van de bijdragen op internetfora gaf blijk van woede en irritatie over het gedrag van de relschoppers. Iemand die zich als ’doorsnee burger’ op zo’n site presenteerde, zei twee dagen na de incidenten: ’Geen enkele diender zal zomaar gericht schieten en al helemaal niet bewust iemand dodelijk verwonden. Dus de dreiging moet ongetwijfeld groot zijn geweest”. Een ander schreef: „Ik ga er vanuit dat de recherche haar werk naar behoren uitvoert. Ik ga er vanuit dat, mocht de kogel zijn afgevuurd vanuit een politiewapen, hiervoor ofwel een gegronde reden was, danwel dat er sprake is van een zeer vervelende samenloop van omstandigheden. Dat zou betreurenswaardig zijn, maar zelfs dan ligt de oorzaak bij de relschoppers die vuurwapengebruik noodzakelijk maakten.”
Toch kan het niet anders of in de onderzoeksresultaten van het Openbaar Ministerie (OM) en, vermoedelijk al komende week, van het Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement (COT) staan de ’hooligans’ niet centraal. Het zal vooral gaan over de vraag of en in hoeverre de politie(leiding), de organisator van het dansfeest en een voor de openbare orde en veiligheid verantwoordelijke burgemeester juist hebben gehandeld. Dit geldt óók en misschien wel voornamelijk, in de voorfase van de rellen. Over dat handelen bestaan in de lokale politiek twijfels, nog eens aangewakkerd door de uitkomsten van een bliksemonderzoek dat de Brabantse politiecommissaris Dick Schouten verrichtte in opdracht van korpschef Aad Meijboom van Rotterdam. Schouten, eerder werkzaam bij het Rijnmondkorps, constateerde fouten van de politie. Zo werd ondanks de grimmige sfeer op het feestterrein en de aanwezigheid van groepen relschoppers nagelaten om de Mobiele Eenheid op te roepen en kreeg burgemeester Aboutaleb pas lucht van de incidenten, toen die waren gestopt.
Er waren op het gratis toegankelijke feestterrein in Hoek van Holland veel meer mensen dan formeel mocht. De evenementenvergunning, die Aboutaleb vijf dagen voor het dansfeest verleende aan organisator Tridee B.V., voorzag in maximaal 15.000 bezoekers. Maar op 13 mei dit jaar meldde Tridee de autoriteiten in Rotterdam dat er op het feestterrein van 12.000 vierkante meters 28.000 mensen aanwezig zouden kunnen zijn. Enkele diensten, zoals de Brandweer en de regionale Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen (GHOR), pasten hun inzet aan op dit hogere bezoekersaantal. De politie deed dit niet, zoals ook de vergunning voor Tridee niet werd aangepast.
Op de bewuste avond bezochten, volgens schattingen van de politie, 30.000 tot 50.000 mensen het dansfeest. Hoe deze overschrijding op het met hekken afgeschermde terrein kon plaatsvinden, en werd gedoogd, is aan de onderzoekers. De aan Tridee verleende vergunning meldt over de beveiliging en het toezicht op het feest dat er ’voldoende’, namelijk ’zestig beveiligingsbeambten op het evenemententerrein aanwezig zijn’. De vergunning stelt verder dat het werk van deze beveiligers zal bestaan uit ’het bewaken van de veiligheid van personen of goederen of het waken tegen verstoring van de orde en rust op terreinen en gebouwen (ook uitgangs- en toegangscontrole)’.
Ook wordt opgemerkt dat organisator Tridee ’primair is belast met, en verantwoordelijkheid voor de handhaving van de orde op en in de onmiddellijke omgeving van het evenemententerrein’. En: ’Er dient op te worden toegezien dat er geen alcoholhoudende dranken, drugs of wapens worden meegenomen binnen de hekken van het evenemententerrein’.
Hoe de afweging tot stand is gekomen dat zestig beveiligers voldoende zouden zijn om het feest in goede banen te leiden, is onbekend. Gerard Smulders en Gerard Riesthuis van de bestuursdienst van de gemeente Rotterdam zeggen hierover in een aan de gemeenteraad gestuurde notitie: ’Ook indien bij vergunningaanvraag en vergunningverlening zou zijn uitgegaan van 28.000 bezoekers zou de evenementenvergunning, gegeven positieve risicoanalyse en adviezen, eveneens zijn verleend’. De beide topambtenaren voegen hieraan toe: ’Het verdient aanbeveling nader onderzoek te doen naar de wijze waarop de organisator de voorwaarden uit de evenementenvergunning heeft nageleefd’. Zij vervolgen: ’Hierbij zou tevens moeten worden onderzocht op welke wijze de politie, in relatie tot de verantwoordelijkheden van de organisator, bij het naleven van de vergunningsvoorwaarden, invulling heeft gegeven aan haar (wettelijke) taak tot handhaving van de openbare orde’.
Voor het feest was er conform de voorwaarden in de vergunning één ambulance met personeel bij het evenemententerrein geparkeerd. Het kwam erop neer dat voor 40000 bezoekers één ziekenauto met twee broeders paraat stond. Daarnaast waren er negen EHBO’ers op het terrein en een medische hulppost met goede faciliteiten. Ook had Tridee de verplichte WA-verzekering afgesloten voor het geval er materiële- of letselschade zou ontstaan, voortvloeiend uit het feest. De dekking bedroeg 2,5 miljoen euro, met een eigen risico van maximaal 2500 euro.
Tegen de achtergrond van dit alles is een cruciaal punt dat de politie volgens de ambtenaren Smulders en Riesthuis op vrijdag 21 augustus, daags voor het evenement, melding maakte van ’dreigende verstoring door groepen’. In hun notitie merken de ambtenaren van de bestuursdienst hierover op: ’Het signaal van de politie (...) is door organisatoren niet aangegrepen om hierover melding te doen aan directie Veiligheid en/of bureau Vergunningen. Ook door de politie zelf is richting directie Veiligheid geen melding gedaan van (dreigende) verstoringen van het evenement’.
De versie van burgemeester Aboutaleb wijkt hiervan af. Hij stelde in een brief van 24 augustus aan de gemeenteraad dat pas op zaterdagmiddag 22 augustus – de daghet feest plaatsvond – informatie binnenkwam dat ’hooligans dit of een ander evenement mogelijk zouden komen verstoren’. Hierop werd besloten om de zogenoemde voetbaleenheid van de politie, de mannen die alle ’smoelen’ kennen van de harde kern van Feyenoord, bij het evenement in te zetten.
Deze politiemannen in burger hebben als nadeel dat zij bij die harde kern even bekend en herkenbaar zijn als omgekeerd het geval is. Het kan zijn dat deze herkenning de blinde haat verklaart van die avond jegens de agenten. Die kregen flessen, hekken, fietsen, strandstoelen, stenen, plantenbakken en stukken hout naar hun hoofd. Zij zagen messen door de lucht scheren en zij werden door de gewelddadige massa ingesloten. Hun vlucht naar een vip-tent hielp nauwelijks: de voorzijde ervan werd, als ware het een veertje, opengereten en in een paar seconden naar beneden gehaald. Een agent zei later, terugblikkend: „Van de spanning heb ik daar toen staan kokhalzen. Ik was blij dat ik het er levend vanaf had gebracht”.
Van deze groep van ongeveer dertig agenten is nog niet iedereen de klap te boven geraakt. Sommigen kampen met psychische problemen en zoeken naar de zekerheid dat zij in hun professie niet nog eens worden geconfronteerd met een dergelijke traumatiserende gebeurtenis. Ook voelen sommigen zich in de steek gelaten door de korpsleiding. Zo zijn er verwijten, van onder meer de politievakbond ACP, dat bezuinigingen een rol zouden hebben gespeeld bij het besluit om geen Mobiele Eenheid in te zetten. Korpschef Meijboom ontkent dit ten stelligste, maar moet ook aantonen dat de politietop de vroege signalen over de komst van relschoppers in Hoek van Holland niet heeft onderschat.
Een punt van belang in de hele kwestie is dat agenten ook in de meest risicovolle omstandigheden veilig moeten kunnen werken, zoals dat voor alle Nederlanders geldt. Meer specifiek voor de politie is het handvat wezenlijk waarin is vastgelegd dat ieder korps ’voorzieningen treft om de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van functionarissen bij grootschalig en bijzonder optreden te waarborgen’.
Terwijl in Hoek van Holland agenten voor hun leven moesten vrezen, besloot de algemeen commandant om geen Mobiele Eenheid op te roepen. Andere versterkingen uit de verschillende districten, die zich bij het hoofdbureau in Vlaardingen hadden verzameld, stuurde hij gedeeltelijk terug. Dit waar de politie de bewuste zaterdag toch al onvoldoende mensen in Hoek van Holland op de been bracht en het landelijke communicatiesysteem C2000 het op het beslissende moment liet afweten. Het zou, zeggen advocaten, voor de rechter kunnen leiden tot een onrechtmatig handelen van zowel de korpschef als de burgemeester.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.