Veel allochtone raadsleden moeten voor de verkiezingen weer op voorkeurstemmen jagen. Zo worden ze te afhankelijk van de achterban.
Allochtone raadsleden zitten vaak in een spagaat tussen hun taak als volksvertegenwoordiger in de politieke arena en de verwachtingen van hun achterban. Zo kunnen ze het nooit goed doen.
Uit onderzoek van Forum, kennisinstituut voor multiculturele ontwikkeling, blijkt dat 83 procent van de allochtone raadsleden gebukt gaat onder spanningen. Meer dan de helft botst met partijstandpunten, 36 procent heeft moeite met de fractiediscipline. Een kwart krijgt problemen met de achterban.
De helft van de 338 allochtone (deel)raadsleden heeft de zetel te danken aan voorkeurstemmen. Ze voelen de druk van hun achterban, er wordt aan ze getrokken door de maatschappelijke clubjes waaruit ze voortkomen. Zo kunnen ze de stap niet maken van belangenbehartiger naar de politieke arena. Dat was de kritiek tijdens ’Raadsleden onder druk: Tussen cliëntelisme en volksvertegenwoordiging’, een landelijke netwerkbijeenkomst van allochtone raadsleden, georganiseerd door Forum.
Liefst driekwart van de raadsleden zou volgens het onderzoek na de verkiezingen in maart een nieuwe termijn willen. Maar hun werk is binnen de partij niet zo gewaardeerd, blijkt uit het feit dat slechts 21 procent op een verkiesbare plaats op de kandidatenlijst staat. „De ambitie is er wel, maar de kansen en de doorgroeimogelijkheden voor allochtone raadsleden zijn klein”, stelde politicologe Laure Michon van de Universiteit van Amsterdam die onderzoek doet naar de politieke participatie van minderheden.
Veel allochtone raadsleden moeten in maart op jacht naar de voorkeurstem. Die afhankelijkheid van de kiezer moet niet leiden tot cliëntelisme, zo adviseerde Ahmed Marcouch die als stadsdeelvoorzitter van Amsterdam-Slotervaart gastheer van de bijeenkomst was. „Voor mij was het, toen ik werd gekozen als stadsdeelvoorzitter, helder. In mijn functie ben ik volksvertegenwoordiger. Ik dien het algemeen belang.”
Marcouch kreeg applaus, maar ook kritiek van allochtone raadsleden. Vorige week verloor hij geheel tegen de verwachting in, ondanks steun van de partijtop, de strijd om het PvdA-lijsttrekkerschap in Nieuw-West van Achmed Baâdoud. „Marcouch zat voorin in de rijdende trein, maar raakte achter zich langzaam alle wagons kwijt”, zei Orhan Kayar, deelraadslid in Amsterdam Bos en Lommer.
Marcouch verloor steun onder Marokkaans-Nederlandse buurtbewoners bijvoorbeeld door zijn pleidooi voor een homocafé, een minder krampachtige houding tegen orthodoxie en door zijn harde kritiek op de opvoedkwaliteiten van ouders. „Ik hoorde wel eens waarschuwen: kijk uit, je raakt je Marokkaanse achterban kwijt. Hoezo? Ik heb helemaal geen Marokkaanse achterban”, zei Marcouch. „Ik wil kromme zaken recht trekken, voor alle mensen: wit, zwart, groen of geel. Homo, lesbienne, man of vrouw. Dat is je taak als politicus. Daar is niets etnisch, niets religieus aan”, zo hield hij de allochtone raadsleden voor.
Maar niet alleen het allochtone raadslid voelt na de verkiezing de druk van zijn kiezers en moet het hoofd bieden aan cliëntelisme, zei Mohamed Mahdi van Forum. „Die druk geldt net zo goed voor bijvoorbeeld CDA-politici die in Limburg worden gekozen door de agrarische sector.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.