*

 

Hoe Enke dacht, weet niemand

Henk Hoijtink − 13/11/09, 11:05

opinie Je kon erop wachten, en twee dagen nadat de Duitse doelman Robert Enke zelfmoord had gepleegd was het zover. Toen zei psychiater Bert Bakker dat het niet past in de machocultuur van de topsportwereld om uit te komen voor je mentale problemen.

  • Kaarsen branden ter nagedachtenis van Robert Enke (AFP)
    Kaarsen branden ter nagedachtenis van Robert Enke (AFP)

Hij stelde het algemeen in het AD en toch school er, in dit verband gebruikt, een platte suggestie in: Enke kon in de harde voetbalwereld zijn gevoelens niet uiten en daaraan is hij onderdoor gegaan. Het verbaasde me niet het sjabloon dat mentale begeleiding een taboe is in het ouderwetse voetbal, de afgelopen dagen ook herhaaldelijk terug te lezen.

Dat valt best mee: zó conservatief is de voetbalwereld werkelijk niet meer. Maar het gaat me nu om de brede reflex bij een tragedie als deze. Psychiater Bakker wil sporters scannen op mentale problemen als een depressieve inslag. Dat bepleitte hij al eerder bij de sportkoepel NOC NSF, die er niet aan wil. Ik beperk me tot de vaststelling dat, zoals is gereconstrueerd, Robert Enke al jaren werd behandeld door een psycholoog.

Verder zou ik niets dúrven zeggen. Ik lees grote woorden, knipper met m’n ogen bij nu al een Orwelliaans plan als het scannen van sporters en zie dat er altijd weer verbanden worden gezocht. Misschien omdat we niet kunnen accepteren dat ze er ook eens níet kunnen zijn, misschien omdat we ons inbeelden óveral grip op te kunnen hebben. Er verschijnen lijstjes van sporters die zelfmoord hebben gepleegd: állemaal andere, onvergelijkbare omstandigheden en toch keurig onder en naast elkaar gerangschikt. De dood, even uniek als ieder mens, en ons ongemak ermee in rijtjes gekanaliseerd.

Robert Enke was 32 jaar. Hij en zijn vrouw hadden een tweejarig dochtertje verloren. Ze hadden later een meisje geadopteerd. Zijn vrouw vertelde dat Enke zijn depressies had verborgen uit angst dat ze zijn carrière zouden schaden én omdat hij vreesde het adoptierecht van zijn dochter te verliezen. Of dat laatste zwaarder heeft gewogen, zal niemand weten. Sportief had hij niet veel te vrezen als doelman van Hannover 96, een middenmoter zonder hoogspanning. Hij kon zich opmaken voor het WK van volgend jaar met de Duitse nationale selectie.

Maar dat is rationeel gesteld. Hoe Enke dacht, zal niemand weten. Omdat hij ook faalangst had, zou het waarschijnlijk te simplistisch zijn om te stellen dat het drama volledig los van het voetbal zou kunnen staan. Wel kon hij zichzelf in het voetbal ogenschijnlijk onder controle houden. Niemand heeft, zo blijkt, ooit iets gemerkt. Enke was ‘sympathiek, bevlogen en geëngageerd’, zegt zijn Nederlandse clubgenoot Bruggink in het AD. Gezien zijn levensloop is het niet ondenkbaar dat andere factoren dan sportieve hem meer hebben bezwaard.

Toch wordt de dood bijna naadloos in verband met voetbal gebracht. Op een bepaalde manier is er ook niet aan te ontkomen. Bondscoach Löw, teamchef Bierhoff, aanvoerder Ballack en andere spelers bezochten de herdenkingsdienst in Hannover. Bondskanselier Merkel stuurde de weduwe van Enke een persoonlijke brief. Dat had ze niet gedaan, als hij buschauffeur was geweest – terwijl ook in die branche, zoals in álle andere, zelfmoorden worden gepleegd.

De bisschop concludeerde tijdens de herdenkingsdienst dat voetbal niet alles is in het leven. Ongetwijfeld verwees hij daarmee naar de pijn van de dood van Enke’s dochtertje, en de onzekerheid sindsdien. Toch was het een platitude: voetbal is niet alles, zoals rijkdom dat niet is, en een goed uiterlijk en weet ik al niet wat óók niet.

Laat het voetbal los, noem het niet meer.

Er is een 32-jarige Duitser doodgegaan omdat hij het leven niet meer aankon. Denk aan zijn kind, denk aan zijn vrouw. Denk, en weet dat je dat niet kunt, aan het laatste wat Robert Enke moet hebben gezien van de lichten van de trein – en laten we allen zwijgen in onze peilloze onwetendheid.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />