*

 

Getergd door broer, rapporten en afzeggen

Beatrijs Ritsema − 19/12/09, 00:00

Vragen over de omgang met buren, collega’s, familie, vrienden en kinderen kunt u sturen naar: Trouw, Beste Beatrijs, Postbus 859,1000 AW Amsterdam. U kunt uw vraag ook elektronisch indienen via www.trouw.nl/beatrijs of via beste@beatrijs.com Het archief van deze rubriek is te vinden op www.beatrijs.com

  •  (\N)
    (\N)

Beste Beatrijs,

Al jaren laat mijn broer, die lid is van de PvdA, zich minachtend uit over iedereen die ook maar een vleugje christelijk geloof heeft. Wanneer hij bij ons op een verjaardagsfeestje is, krijgen CDA-stemmers zoals ik voortdurend de schuld van zowat alles wat hier in Nederland mis is. Ook laat hij zich laatdunkend uit over mijn opleiding (slechts hbo). Hij is hoogleraar en dat moet iedereen in geuren en kleuren horen. Ik heb hem wel eens aangesproken op zijn botheid en dan beroept hij zich op de vrijheid van meningsuiting en krijg ik weer hele tirades over malversaties van het Vaticaan, waar ik overigens niet veel mee opheb. Volgens mijn vrouw moet ik het maar over mij heen laten komen, maar ik heb er zo genoeg van, dat ik hem eigenlijk niet meer wil zien. Hoe pak je zoiets aan?

Getergd door broer

De oude zedenmeesters van de etiquette hadden het niet zo gek bekeken met hun verbod op politiek en godsdienst in de conversatie. Het ventileren van sterk contrasterende opvattingen leidt zelden of nooit tot een prettig gesprek. Integendeel, bij deze onderwerpen raken de gemoederen snel verhit en voor je het weet, ontaardt de discussie in een handgemeen. Hoogleraar of niet, uw broer gedraagt zich buitengewoon onbeschaafd met zijn beledigingen aan uw adres. Het is hoe dan ook ongepast om anderen (onbekenden, vrienden of familieleden) aan te vallen omdat ze andere politieke voorkeuren of religieuze overtuigingen hebben.

Uw vrouw zegt dat u het maar over u heen moet laten komen. Dat is een al te slappe houding. Niemand hoeft zich te laten koeioneren omwille van de lieve vrede. U overweegt het contact met uw broer stop te zetten. Ik kan me daar wel iets bij voorstellen, maar voor u het zo ver laat komen, raad ik u aan uw broer nog een laatste kans te geven. Leg hem uit dat u er geen zin meer in hebt om door hem beledigd, bespot en vernederd te worden. Blijkbaar jagen politieke en religieuze gespreksonderwerpen hem over de rooie, dus verklaar deze onderwerpen vanaf heden taboe. U wílt er niets meer over zeggen en hij mág er niets meer over zeggen. Met deze restricties zal de conversatie zich naar veiliger terreinen verplaatsen, zoals daar zijn: kunst, wetenschap en literatuur of desnoods: voetbal, drank en vrouwen. Nog één belediging of uiting van zelfgenoegzaamheid, en uw broer mag niet meer op uw partijtjes komen – houd hem dat duidelijk voor.

Beste Beatrijs,

Laatst organiseerde ik een etentje met zes vriendinnen om mijn verjaardag te vieren. Deze afspraak stond al twee maanden vast en iedereen zou komen. Op zaterdagochtend kreeg ik een sms van een van hen om af te zeggen voor diezelfde avond, omdat ze met haar vriend mee naar een feestje moest. Ik had al wat boodschappen in huis gehaald en ik vind dat ze het niet kan maken om op zo korte termijn per sms af te zeggen. Ik heb daarna niets meer van haar gehoord en vraag me af wat hier mee te doen.

Vriendin zegt af

Een afzeggingstelefoontje van haar op de dag zelf zou u waarschijnlijk even vervelend hebben gevonden als een sms’je. Maar als uw vriendin met 40 graden koorts in bed had gelegen, zou u het haar niet kwalijk hebben genomen. Uw ergernis geldt het feit dat uw vriendin op het laatste moment voorrang geeft aan een avondje uit met haar vriend, in plaats van haar eerder gemaakte afspraak met u na te komen. Terecht stoort u zich daaraan. Uw vriendin heeft zich onverschillig en onattent tegenover u gedragen. Het komt erop neer dat zij een minder goede vriendin van u is dan u gedacht had. Daar valt verder weinig aan te doen. Uitpraten heeft geen zin, de feiten zijn duidelijk. Zo sluipt bekoeling een vriendschap binnen.

Beste Beatrijs,

Onze zoon belde vorige week op of hij met de kleinkinderen (zeven en vijf jaar) even een kopje thee kon komen drinken, voordat de kinderen naar zwemles moesten. Ze waren nog maar net binnen of ze legden hun schoolrapportjes op tafel in een doorzichtige map met daarin, duidelijk zichtbaar, in allebei 15 euro. Ze keken nieuwsgierig wat wij daarbij zouden doen. Wij zijn erop tegen om schoolcijfers met geld te belonen. Er komt ook nog een paasrapport, een eindrapport en een zwemdiploma achteraan. We hebben wel wat geld gegeven, maar duidelijk gemaakt dat wij dat geen goed idee vonden, in tegenstelling tot de andere opa en oma. Hoe denkt u hierover?

Geld voor rapporten?

Wat uw kleinkinderen deden (beter gezegd: waar uw zoon hen toe opstookte) was bedelen om geld en dat is altijd afkeurenswaardig. Er zijn inderdaad grootouders met de gewoonte om hun kleinkinderen geld uit te keren voor rapporten, maar zo’n initiatief dient van de grootouders zelf uit te gaan. Er zijn ook genoeg grootouders die die gewoonte helemaal niet hebben. Bijvoorbeeld omdat ze dan wel aan de gang kunnen blijven of omdat het opvoedkundig een dubieus idee is om kinderen hun schoolrapporten te laten verzilveren.

Als kinderen al voor schoolwerk beloond zouden moeten worden, dan komt inspanning eerder in aanmerking dan resultaat. Het zou immers wrang zijn als kinderen die moeiteloos hoge cijfers halen meer geld incasseren dan kinderen die heel hard hun best hebben gedaan voor krappe voldoendes.

Maar grootouders kunnen de geleverde inspanning niet beoordelen en rechtgeaarde grootouders wíllen dat niet eens. Dus rest hun alleen het belonen van het rapport zelf, ongeacht wat erop staat – goedbeschouwd een tamelijk fluttige aanleiding om de portemonnee te trekken.

Hoe dit ook zij, grootouders bepalen zelf of en bij welke gelegenheid ze kleinkinderen cadeautjes (geld) geven en ouders moeten hun kinderen ervan weerhouden om als collectant bij grootouders aan te kloppen.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />