*

 

Donner heeft een rammelend AOW-verhaal

Harrie Verbon, hoogleraar openbare financiën Universiteit van Tilburg − 24/06/09, 00:00

Nederland geeft minder uit aan de AOW dan dertig jaar geleden. Minister Donner heeft geen enkele reden om de AOW-leeftijd te verhogen naar 67 jaar.

Het kabinet wil de AOW-leeftijd verhogen. Omdat de argumenten daarvoor nog niet echt waren geleverd, heeft minister Donner een speciale notitie geschreven, die morgen in de Kamer wordt besproken. Helaas is zijn notitie niet erg eerlijk. Neem het bekende ’vergrijzingsargument’ over de betaalbaarheid van de AOW: als het aantal gepensioneerden verdubbelt, en de AOW-uitkering is welvaartsvast, dan verdubbelen ook de uitgaven. Ook Donner komt met deze rekensom. In euro’s van nu zullen de uitgaven oplopen van ruim 25 miljard euro nu tot 50 miljard in 2040, rekent de minister ons voor.

Wat Donner verzwijgt, is dat in de afgelopen veertig jaar het aantal gepensioneerden ook al verdubbeld is, namelijk van een naar twee miljoen mensen. De uitgaven zijn in die periode echter niet verdubbeld. We geven als percentage van het nationaal inkomen nu zelfs minder aan de AOW uit dan in 1980.

Ook zonder dat de AOW-leeftijd omhoog ging, is de er afgelopen decennia bezuinigd op de AOW. Als de AOW namelijk welvaartsvast zou zijn gebleven, zouden de AOW-uitgaven nu al meer dan het door Donner gevreesde bedrag van 50 miljard hebben bedragen. Er is omgerekend dus al voor 25 miljard euro bezuinigd, in dertig jaar. Daarmee vergeleken is de 4 miljard euro die een verhoging van de AOW-leeftijd volgens dit kabinet zou moeten opbrengen, een schamel bedrag.

Ondanks een verdubbeling van het aantal gepensioneerden zijn de afgelopen dertig jaar de AOW-uitgaven niet gestegen. Dat gaat de komende dertig jaar dus ook niet gebeuren.

Maar –en hier komt Donner met een volgend argument– een kleiner aantal belastingbetalers moet de AOW-lasten opbrengen. Er zijn minder mensen tussen de 20 en 65 jaar om de premies op te brengen.

Hier verzwijgt Donner echter een ander feit: het percentage van de potentiële beroepsbevolking dat feitelijk werkt, neemt toe, en zal waarschijnlijk verder stijgen. Het percentage bedraagt nu 74 procent, maar als dat stijgt naar 80 procent in 2040, dan is de feitelijke beroepsbevolking van 2040 nagenoeg even groot als de huidige beroepsbevolking. Als we de komende dertig jaar even ‘genereus’ zijn voor onze bejaarden als we de afgelopen dertig jaar zijn geweest, kun je eenvoudig uitrekenen dat in 2040 de werkenden geen enkele euro extra aan de AOW hoeven te betalen.

Een volgende reden voor een verhoging van de AOW-leeftijd die Donner in zijn notitie aanhaalt, is dat Nederlanders langer leven. Dus kunnen ze langer werken, in plaats van langer van de AOW te genieten.

Dit argument zou hout kunnen snijden als de AOW-uitkering nu even hoog zou zijn als dertig jaar geleden. Toen kreeg een 65-jarige een AOW-uitkering van –gerekend in euro’s van nu – ruim 20.000 euro. Gezien de levensverwachting moest hij of zij daar vijftien jaar van leven. De huidige 65-jarige zal gemiddeld nog negentien jaar leven, maar krijgt een AOW van zo’n 10.000 euro.

Donner verhoogt ook de AOW-leeftijd omdat hij grote tekorten op de arbeidsmarkt vreest. Ouderen zijn hard nodig, vooral in de zorg en het onderwijs. Het is echter ook bekend dat werkgevers oudere werknemers liever zien gaan dan komen. Als werkgevers oudere werknemers langer in dienst moeten houden, wordt die aversie van werkgevers alleen maar sterker, en wordt het tegendeel bereikt: oudere werknemers worden eerder ontslagen en nog minder vaak aangenomen bij een sollicitatie.

Maar stel dat verhoging van de AOW-leeftijd er wel toe leidt dat oudere werknemers langer blijven werken. Dan nog zullen zij de problemen in de zorg en het onderwijs niet helpen oplossen. Juist in het onderwijs en de zorg is er veel uitval van oudere werknemers omdat zij niet meer bestand zijn tegen de psychische of fysieke stress die het werk in deze sectoren met zich brengt. Maar jongeren zullen in een situatie van schaarste aan arbeidskrachten niet te bewegen zijn in deze sectoren met zijn relatief lage beloningen te gaan werken. De zorg en het onderwijs zullen dus óf geprivatiseerd moeten worden (zodat marktconforme lonen en prijzen berekend kunnen worden), óf het overheidsbudget moet flink worden opgeschroefd. Donner meent kennelijk dat dergelijke moeilijke keuzes niet gemaakt hoeven te worden. Hij kiest liever voor een schijnmaatregel als verhoging van de AOW-leeftijd.

mailIcon print |