*

 

Heeft Al-Kaida straks vrij spel in Jemen?

Iris Ludeker − 21/09/09, 00:00

De regering van Jemen vecht een oorlog uit met opstandelingen in het noorden. De partijen beschuldigen elkaar regionale grootmachten te dienen. Intussen kan Al-Kaida de lachende derde worden.

Elke dag stijgen er bommenwerpers op uit de Jemenitische hoofdstad Sanaa. Ze zetten koers naar het noorden, waar ze hun dodelijke lading lossen om de sjiitische rebellen te treffen die sinds begin augustus in oorlog zijn met de centrale overheid. Tegelijkertijd trekt het leger in het kader van ’Operatie Verschroeide Aarde’ met tanks het gebied in, en vinden in de noordelijke stad Sada straatgevechten plaats. Gisteren, zo meldde de Jemenitische regering, doodde het leger nog 140 rebellen.

Het voornaamste slachtoffer van de gevechten lijkt de bevolking van Noord-Jemen. De VN schatten dat er de afgelopen anderhalve maand ruim 50.000 mensen voor het geweld op de vlucht zijn geslagen, vluchtelingen die zich voegen bij de 100.000 mensen die eerder verdreven werden. De noordelijke opstand begon in 2004. De recent ontheemden zoeken hun toevlucht bij verwanten, onder bruggen of bomen, en in tentenkampen in de woestijn. Humanitaire organisaties slagen er nauwelijks in om de tienduizenden vluchtelingen te helpen.

Eenmaal gevlucht blijken ze bovendien allerminst veilig – het leger treft niet alleen guerrillastrijders. Zo zouden volgens ooggetuigen afgelopen woensdag meer dan tachtig vluchtelingen zijn gedood toen hun schuilplaats vanuit de lucht onder vuur werd genomen. En vorige week maandag zouden bij de beschieting van een markt tientallen mensen om het leven zijn gekomen. Het is onduidelijk of deze aantallen kloppen; journalisten krijgen geen toegang tot het noorden. De buitenwereld is daarom afhankelijk van de onbetrouwbare en tegenstrijdige gegevens die de strijdende partijen zelf naar buiten brengen.

Dat begint al bij de motieven die ze geven voor hun strijd. De regering zegt de sjiitische rebellen te bestrijden omdat die zouden vechten voor een onafhankelijke theocratie. De opstandelingen reppen van discriminatie en achterstelling, en zeggen te streven naar meer autonomie voor hun deel van het land.

Beide partijen stellen de strijd voor als onderdeel van een regionaal conflict. Volgens de regering krijgen de rebellen militaire en financiële steun van Iran, dat in Jemen een sjiitisch bolwerk zou willen creëren. De beschuldiging speelt in op een wijdverbreide vrees in de (voornamelijk) soennitische Arabische wereld. Van Libanon en Bahrein tot in Marokko zijn de plaatselijke overheden bang dat Iran zijn macht wil uitbreiden. Verschillende analisten wijzen erop dat er geen bewijs is voor Irans steun. Ook de VS zijn er niet zo zeker van.

Aan de andere kant beschuldigen de rebellen de regering dat die binnenlands haar oren laat hangen naar soennitische radicalen, en dat ze bovendien steun krijgt van het streng-soennitische Saoedi-Arabië. Zeker is dat dat buurland niet gecharmeerd is van de onrust aan zijn zuidgrens. Aan de Saoedische kant wonen ook sjiieten, met wie de overheid een weinig harmonieuze relatie heeft.

Meer nog vreest Saoedi-Arabië dat het geweld de aandacht van de Jemenitische regering afleidt van de bestrijding van Al-Kaida. Sinds de Saoediërs enkele jaren geleden de terreurgroep zelf serieus gingen aanpakken, zijn veel aanhangers van Bin Laden (wiens familie uit Jemen stamt) naar Jemen gevlucht. De Saoediërs vrezen dat die daar een perfecte uitvalbasis hebben gevonden en niet zonder grond: nog vorige maand pleegde een uit Jemen teruggekeerde Saoediër een mislukte aanslag op de Saoedische prins die verantwoordelijk is voor het anti-terreurprogramma van het land.

De Saoediërs zien er bewijs in dat Jemen er beter aan zou doen haar energie te steken in het tegengaan van Al-Kaida. De VS denken er net zo over: zij riepen de regering, tot nu toe vergeefs, op een bestand te tekenen. De Jemenitische overheid lijkt inderdaad de opstand in het noorden als een belangrijker probleem te zien dan Al-Kaida. Troepen die op aandringen van de VS juist waren begonnen met een campagne tegen de terreurgroep, werden vorige maand naar het noordelijke front gedirigeerd.

mailIcon print |