Premier Balkenende heeft donderdagmiddag korte metten gemaakt met het PVV-voorstel om een belasting op hoofddoekjes in te voeren. „Ik wil een land waar plek is voor iedereen, waar we met respect elkaar tegemoet treden."
Wilders pleitte woensdag, tijdens het eerste deel van de algemene beschouwingen, voor een ’kopvoddentaks’, een belasting op hoofddoekjes. Volgens de PVV-leider is het hoog tijd voor ’een grote schoonmaak van onze straten’. Onder het motto ’de vervuiler betaalt’ wil hij moslima’s voor duizend euro per jaar een vergunning geven.
Balkenende wilde niets van het voorstel weten. „U haalt er één groep uit. Dat is geen methode van werken. We moeten niet één bepaalde groep zomaar in de hoek zetten, dat is niet de manier waarop we met elkaar omgaan." Volgens de minister-president is 'er plaats voor iedereen'. Problemen aan de orde stellen is prima, maar tegelijkertijd moet je zeggen: we hebben elkaar nodig, aldus Balkenende.
Buiten dat is de uitvoering van een belasting op hoofddoekjes helemaal niet mogelijk, stelde hij. „Maar dat beseft de PVV ook, aangezien de opbrengst ervan niet in hun tegenbegroting is opgenomen.”
Wilders liet zich niet afschepen: „Gisteren (woensdag, red.) zei ik al als grapje tegen de CDA-fractie; het is bijna Christenen Dienen Allah." En in de richting van de premier vervolgde hij: „Waarom heeft u geen problemen met de islamisering van het westen? U pretendeert minister-president te zijn van álle Nederlanders, maar heel veel van hen zien hun Nederland verdwijnen, ze herkennen zich er niet in.”
Maar Balkenende liet zich niet vermurwen: „Als ik premier ben van álle Nederlanders, dan ook van moslims, of van Nederlanders van Marokkaanse en Turkse afkomst. Als er problemen zijn dan lossen we die met elkaar op, maar we gaan niet zeggen: eigenlijk hoort u er niet bij”, stelde hij. „We hebben mensen van goede wil nodig, dat maakt een samenleving sterk. Als het een samenleving wordt van verdeeldheid, wij tegen zij, dan lopen we risico’s.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.