De vogeltrek is begonnen. Hij begon al voor de zomervakantie. Na hun mislukte broedsels dropen de eerste grutto’s al in juni af naar Afrika. Toch is de tweede helft van juni een rustige tijd in de vogeltrek. In juli beginnen de broeders uit het hoge noorden binnen te druppelen. Zilverplevieren, bonte strandlopers, steenlopers, kanoeten, drieteenstrandlopers... Wie zijn eieren in een poolvos ziet verdwijnen en geen kans ziet tot een tweede leg, kan net zo goed weer naar het zuiden aftaaien. Wie de broedzorg geheel aan zijn partner overlaat, kan eveneens alvast vertrekken.
Van krombekstrandlopers bemoeien de mannetjes zich niet met eieren en kuikens. Ze vliegen in de nazomer vast naar het zuiden en hangen dan een tijdje in vol ornaat rond op de Wadden. Met vele zijn ze niet, maar ze vallen wel op met hun roodbruine buik, borst en hals. Grauwe franjepoten laten het broeden juist helemaal over aan de vader. De vrouwtjes hebben een feller gekleurd broedkleed dan de mannetjes. Ze zitten immers niet in schutkleur op de eieren? Na het eieren leggen kunnen ze naar het zuiden aftaaien, voor de mannetjes en jongen uit. Ze zijn in Nederland trouwens nog schaarser dan krombekstrandlopers, maar vallen ook op door hun drukdoenerige gespetter in het water. Daarmee jagen ze waterdiertjes omhoog. In onder andere de Oostvaardersplassen en het Lauwersmeer worden ze elke nazomer gezien.
Twee weken geleden zag ik nog gierzwaluwen, maar nu lijken ze grotendeels vertrokken te zijn. Huis- en vooral veel boerenzwaluwen zijn aan de grote reis begonnen. Pas in oktober vertrekken de laatste. Kleine karekieten scharrelen nog wel door het riet. Ze kunnen elk moment gaan.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.