De vereniging voor patiënten met botontkalking is in zwaar weer beland. Na kritiek van de overheid over belangenverstrengeling is er een breuk ontstaan met de Osteoporose Stichting.
De Osteoporose Stichting, moederorganisatie van de Osteoporose Vereniging, heeft de banden met deze patiëntenorganisatie doorgesneden.
Aanleiding voor de breuk zijn eisen die het ministerie van VWS stelt aan de patiëntenorganisatie. Stichting en vereniging kwamen in 2007 in opspraak door het uitbundige declaratiegedrag van twee directeuren en door de sterke banden met fabrikanten van middelen tegen botontkalking. Beide organisaties hebben jarenlang marketingbelangen behartigd van deze fabrikanten.
De vereniging is sinds de oprichting in 1993 nauw verbonden met de Osteoporose Stichting. De eerste is een patiëntenorganisatie, de tweede legt zich volgens de eigen statuten toe op voorlichting.
Minister Klink subsidieert de Osteoporose Vereniging (2000 leden, 300 donateurs) jaarlijks met ongeveer 80.000 euro. Het fonds PGO dat de subsidies verdeelt, eiste dat de activiteiten en geldstromen van beide organisaties van elkaar worden gescheiden. De vereniging zou de subsidie verspelen als er niet voor eind 2008 veranderingen werden doorgevoerd.
De Osteoporose Stichting heeft jarenlang grote bedragen aan sponsorgeld van farmaceutische bedrijven binnengehaald, zonder dat daarover verantwoording werd afgelegd. Stichting en vereniging kregen in 2007 kritiek vanwege de extreem hoge declaraties van de beide directeuren, Liesbeth de Boer en Carla Suijkerbuijk. Het sponsorgeld van de industrie ging voor een belangrijk deel op aan hun onkostennota’s.
Beide vrouwen declareerden jarenlang ongeveer 10.000 euro per maand aan uren bij beide organisaties. Na publicaties in Trouw draaiden farmaceutische firma’s de geldkraan dicht. Sindsdien hebben producenten van middelen tegen osteoporose geen sponsorrelatie meer met de stichting.
Directeur Suijkerbuijk ontving in 2007 ongeveer een ton per jaar, bijna het dubbele van wat zij volgens een advies van de goede doelen-branche zou mogen ontvangen. Een directielid van een kleine organisatie mag volgens die regeling niet meer dan 55.000 euro aan salaris incasseren.
Suijkerbuijk en De Boer declareerden met instemming van de besturen van stichting en vereniging op uurbasis. Suijkerbuijk deed een groot deel van haar werk vanuit de VS, waar zij sinds 2004 woont. Het fonds PGO wilde na de affaire niet langer overleggen met de beide directeuren, maar alleen nog zaken doen met het bestuur van de vereniging.
De Boer en Suijkerbuijk wisselden vorig jaar hun directeursfuncties in voor die van adviseur van vereniging en stichting. Maar zij zijn eind juni plotseling opgestapt bij de vereniging, ’zonder overdracht van activiteiten en werkzaamheden’, aldus een brief die het verenigingsbestuur afgelopen week aan de leden stuurde. Suijkerbuijk wilde gisteren niet reageren: „Ik ben met vakantie. Ik heb de stukken niet bij de hand.”
Voorzitter Marianne van der Zalm van de Osteoporose Vereniging is geschokt door het plotselinge vertrek van De Boer en Suijkerbuijk. „Wij zijn voor een voldongen feit geplaatst. Ik vind dit een niet erg professionele handelwijze.”
Stichtingsvoorzitter Coen Netelenbos, oud-hoogleraar aan de Vrije Universiteit, en bestuurslid Joop van den Bergh, internist in Venlo, waren niet bereikbaar voor uitleg over de redenen van de stichting. De stichting heeft het kantoor in Den Bosch verlaten en staat nu geregistreerd in Breukelen, de woonplaats van De Boer.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.