De canon van de opvoeding moet eind dit jaar klaar zijn. Hard nodig, vindt samensteller RenĂ© Diekstra. „Want wat moeten jongeren kunnen?”
Op het gebied van opvoeding werken alle partijen – ouders, school, overheid – langs elkaar heen, vindt RenĂ© Diekstra, lector jeugd aan de Haagse Hogeschool.
„En dat is ook niet zo gek”, zegt Diekstra, die vanavond over dit onderwerp debatteert. „We hebben nooit vastgesteld wat jongeren moeten weten en kunnen als ze op de drempel van volwassenheid staan. Laten we nu eens met zijn allen – dus samen met jongeren – formuleren wat die eindtermen moeten zijn.”
De psycholoog werkt in opdracht van de gemeente Den Haag aan een dergelijk project. Eind dit jaar moet zijn canon van de opvoeding verschijnen.
Hoewel de canon nog niet af is, noemt Diekstra enkele dingen die jongeren volgens hem zeker moeten beheersen. „Ze moeten conflicten zonder geweld op kunnen lossen, leren dat ze zichzelf moeten blijven ontwikkelen. En het gedrag en de houding hebben om met andere culturen om te gaan.”
Wie moet hen dit leren? Niet alleen ouders, maar ook school en sportclub, vindt Diekstra. Maar het is lastig deze partijen bij elkaar te brengen.
„Er ligt daar een gouden kans voor de Centra voor Jeugd en Gezin van minister Rouvoet.” Maar die centra zijn nog niet genoeg aanwezig in de samenleving.
Diekstra: „Vooral de verbinding met de school is onvoldoende. Laat die centra om te beginnen op elke school een plek maken waar ouders met vragen over opvoedkwesties terecht kunnen. En laat ze een wekelijks opvoedthema centraal stellen, dat ze communiceren met billboards. Als het de Centra voor Jeugd en Gezin lukt om die verschillende partijen bij elkaar te krijgen, mag Rouvoet wat mij betreft de Nobelprijs voor de opvoeding krijgen.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.