In de Duitse politiek heersen weer klare verhoudingen na de verkiezingen van afgelopen zondag. De komende vier jaar staat een rechtse regering tegenover een linkse oppositie.
Bij de verkiezingen in Duitsland van afgelopen zondag zijn zware verliezen geleden en grote winsten geboekt. Maar ook bij de verliezende partijen leek er zoiets als opluchting te zijn. Eindelijk zijn de verhoudingen weer duidelijk. Twee bijna even grote blokken staan tegenover elkaar. Het centrum-rechtse blok is net iets groter en mag dus regeren. Het centrum-linkse blok maakt zich gereed voor een krachtige oppositie.
Toen Angela Merkel na het bekend worden van de uitslag voor de camera’s verscheen, glunderde ze breeduit. Hoewel de christen-democratische unie onder haar leiding ten tweeden male het slechtste resultaat ooit had behaald, verklaarde ze ontspannen: „We hebben ons doel bereikt!” Ze verheugde zich zichtbaar op de komende coalitie met de FDP. „We hebben een stabiele basis voor een solide politiek.”
Zelfs bij de SPD was zoiets als een manmoedig elan te bespeuren. Hoewel de partij dramatisch had verloren, zag het publiek zondagavond geen gedeprimeerde lijsttrekker. Integendeel, Frank-Walter Steinmeier leek zich meteen in zijn nieuwe rol als oppositieleider te schikken en zich er zelfs in thuis te voelen. Bevrijd van de coalitiebanden met de CDU stortte hij zich zondagavond strijdbaar in het lijsttrekkersdebat.
Steinmeier moest wel. Hij moest ten eerste tegenover zijn partijgenoten bewijzen dat hij zijn nieuwe rol als fractieleider met verve zou weten te vervullen. Met een krachtig optreden wapende hij zich tegen de interne kritiek die hij de komende tijd kan verwachten. Ten tweede moest hij de beide andere oppositieleiders aan tafel, Oskar Lafontaine van de Linkspartij en Jürgen Trittin van de Groenen, laten zien wie van de drie het voortouw had.
Op kundige wijze dreef Steinmeier een wig tussen de nieuwe coalitiegenoten. Hoe denkt de bondskanselier de verworvenheden van de afgelopen vier jaar te verdedigen tegen een liberale coalitiegenoot die heeft aangekondigd al die verworvenheden een voor een terug te draaien? Steinmeier noemde de hervormingen op de arbeidsmarkt, in de gezondheidszorg, in het onderwijs. Merkel zag zich gedwongen, harde onderhandelingen te beloven.
De liberale leider Guido Westerwelle, die waarschijnlijk Steinmeier zal opvolgen als minister van buitenlandse zaken, schoot meteen in de verdediging. Hij wees erop dat zijn partij wel degelijk ook een sociaal gezicht heeft. Gezinnen zullen het beter krijgen, evenals kleine ondernemers. Van de beloofde lastenverlichting zal vooral de lagere middenklasse profiteren. „Wij zijn niet het schrikbeeld dat u van ons geschilderd heeft”, antwoordde hij Steinmeier.
SPD, Groenen en Linkspartij waren de verkiezingen ingegaan met de slogan: ’Zwart-geel verhinderen!’. Ze waarschuwden de kiezers dat een regering van liberalen en christen-democraten tot radicale bezuinigingen en afbraak van de sociale voorzieningen zal leiden. „De partijen die voor de principes staan die tot de huidige crisis hebben geleid, kunnen niet de partijen zijn die de crisis oplossen”, heeft Steinmeier bij herhaling geroepen.
Westerwelle wees erop dat zijn partij al in vijf van de zestien deelstaten samen met de christen-democraten regeert. „In geen van die deelstaten zijn de mensen protesterend de straat opgegaan”, wees hij Steinmeier terecht. Steinmeier had gezegd dat een SPD in de oppositie de banden met de vakbonden stevig zou aanhalen. Alles duidt erop dat de sociaal-democraten zullen proberen terug te keren naar hun traditionele linkse rol.
Zeer tot tevredenheid van de Linkspartij. Die ziet haar missie in vervulling gaan. „In de elf jaar dat de SPD nu regeert is ze ’ontsociaaldemocratiseerd’”, legde Lafontaine’s collega Gregor Gysi zondagavond uit. „We zien nu al dat ze zich ’hersociaaldemocratiseert’.” De Linkspartij ziet die ontwikkeling als haar verdienste. Het kan niet anders of SPD en Linkspartij zullen de komende jaren dichter naar elkaar toe groeien.
Het woord is dezer dagen al vele malen gevallen: ’normalisering’. De grote coalitie van de afgelopen vier jaar zagen velen als een uitzonderingssituatie. Ze is nooit populair geweest, ook niet in de opiniepeilingen. Die gaven steeds weer aan dat de mensen liever een centrum-rechtse of een centrum-linkse coalitie zagen. Eén keer eerder was er een grote coalitie, van 1966 tot 1969. Die markeerde toen de overgang van een rechtse naar een linkse regering.
Nu is dat omgekeerd. Een regering die veel heil verwacht van de vrije markt, lost een regering af met een voorkeur voor sturing door de staat. Zo lijkt het althans. Maar de dingen liggen natuurlijk ingewikkelder. Om maar wat te noemen: de zo fatale deregulering van de financiële markt in Duitsland is tot stand gebracht door de linkse regering van Gerhard Schröder. Het was de enige keer dat oppositieleider Westerwelle stond te applaudisseren.
De regulering van de financiële markt heeft Merkel zo-even nog krachtig op de G20 in Pittsburgh bepleit, schouder aan schouder met de sociaal-democratische minister van financiën Peer Steinbrück. Nu lijkt Merkel ineens een complete politieke ommezwaai te maken. Ze gaat in zee met een partij die de vrijheid van de markt tot haar dogma’s rekent. Veel zal aankomen op de eigenschap die mensen in Merkel het meest waarderen: haar bemiddelingskunst.
De toverformule van Merkels nieuwe regering luidt: minder belasting is meer belasting. Verlaging van de belastingen brengt economische groei, economische groei betekent meer banen, meer banen leveren meer belasting op. „Daar is een beetje dialectisch denken voor nodig,” bekende Merkel zondagavond in het lijsttrekkersdebat, „maar dat is waar we heilig in geloven.” Westerwelle zat er tevreden bij te glimlachen.
„Er is mij geen enkel voorbeeld in de geschiedenis bekend dat die redenering ondersteunt”, reageerde Trittin van de Groenen. Hij verwees naar de Amerikaanse president Ronald Reagan, die het in de jaren tachtig had geprobeerd en daarmee een gigantisch begrotingstekort creëerde. Volgens peilingen geloven maar weinig Duitsers dat de nieuwe regering ook daadwerkelijk tot een drastische lastenverlichting zal besluiten.
Sowieso zal de nieuwe regering niet de neoliberale revolutie brengen waar de linkse partijen zo voor gewaarschuwd hebben. Merkel, de hogepriesteres van de ’sociale markteconomie’, zal naar verwachting de sociale rechtvaardigheid van het komende beleid scherp in de gaten houden. En mocht het dan toch mislopen, dan staat over vier jaar een inmiddels ingespeeld trio van linkse partijen klaar om het roer over te nemen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.