De Arnhemse Mode Biënnale beleeft deze maand zijn derde editie. Het thema is ’shape’.
Er zijn talloze manieren om kleding te ontwerpen. Elke modestudent krijgt ooit de opdracht om een lap stof om een paspop te draperen, een jurk te schetsen en een bestaand kledingstuk uit elkaar te halen om er iets nieuws van te maken.
Mode-illustrator Pieter ’t Hoen, opererend onder de naam Piet Paris, ziet al vele jaren de ontwikkelingen in ontwerpmethodieken aan zich voorbij trekken. Als artistiek directeur van de Arnhemse Mode Biënnale wil hij in deze derde editie nadrukkelijk aangeven dat ’Shape’, vorm dus, momenteel het belangrijkste uitgangspunt is in de mode.
„Kleding vooral decoratief opleuken past niet meer bij deze tijd”, aldus Piet Paris. „Ornamentiek is minder belangrijk aan het worden, want dergelijke stylingcollecties helpen ons niet verder. Nu ligt de focus bij de internationale mode op structuur. De vorm is de basis.”
In negen, hoog boven de grond gelegen houten huisjes, stelt hij drie manieren van vormgeving centraal. Volgens hem gaan traditionele ontwerpers uit van constructie of geometrie.
In het eerste huisje staat op een angstaanjagend levensechte pop een jurk van Jill Sander. De japon is opgebouwd uit zes vierkante lappen. Deze collectie bewerkstelligde vorig jaar internationaal een herwaardering van simpele, heldere vormen en vond veel navolging.
Andere ontwerpers spelen met de menselijke proporties en gebruiken materiaal en fantasie om tot nieuwe vormen te komen. ’Verwondering’ is hun drijfveer. De Zweedse Sandra Backlund omhult het lichaam met super dikke breisels, die vervreemdende proporties opleveren.
Onder de categorie ’Concept’ vallen de onderzoekende ontwerpers die grensverleggende oplossingen aandragen.
De Turks-Cypriotische ontwerper Hussein Chalayan deed onderzoek naar snelheid en van de jurk die letterlijk de wind van voren krijgt zijn de opwaaiende delen reeds gefixeerd. Ook het jasje van glinsterende kerstboomslingers van de Belg Martin Margiela onderstreept deze experimentele benadering.
De door Piet Paris uitverkorenen stonden doorgaans te trappelen om aan de Mode Biënnale te mogen meedoen.
Maar niet iedereen was even toeschietelijk. Hoofd producent Bianca Franssen verklapt dat het veel tijd heeft gekost om de Japanse Comme des Garçons te bewegen kleding af te staan. „We zijn reuze blij dat het is gelukt om vijf stuks uit de huidige zomercollectie te kunnen exposeren. Piet is meteen na de vorige editie begonnen een eerste plan voor deze biënnale te bedenken. Veel van die beginideeën zijn ook echt gelukt. Dit was er één van.”
Het vervreemdende fantasie-element is duidelijk zichtbaar in de baljurken die lijken opgebouwd uit partjes van een voetbal.
Op het plein en in de middeleeuwse Eusebiuskerk is tevens uiteenlopend werk van zo’n tachtig Nederlandse en internationale modevormgevers te bewonderen. Piet Paris gaf hen de vrije hand, met als enige beperking het thema ’Shape’. De meeste maakten speciaal voor deze tentoonstelling nieuw werk.
De doorgewinterde Britse hoedenontwerper Stephen Jones toont juist een overzicht van zijn oeuvre in een speciaal voor hem gebouwde kas. Uit veertig bloempotten ’bloeien’ sculpturale hoeden. Werkend voor talloze toonaangevende modevormgevers blijken bloemen, bladeren en barok bij hem veelvuldig terugkerende thema’s. De gevierde ontwerper bagatelliseert graag. „Wat ik maak is louter entertaining”, laat hij zich tijdens de opening ontvallen.
Het werk van Nederlander Thomas Voorn kenmerkt zich eveneens door een kwinkslag. Voorn bedenkt concepten, die hij doorvoert in verschillende producten. Aan een waslijn presenteert hij opgevouwen overhemden en broeken die tezamen het woord ’Welcome’ vormen. Van dit ’kleding-graffiti’-concept maakte hij al diverse series en liet die op verrassende plekken opduiken.
Omdat Piet Paris hem nog niet had opgemerkt, trok Voorn zelf de stoute schoen aan en attendeerde het mode-icoon op zijn website. Voorn: „Tot mijn verbazing kreeg ik zelfs twee plekken in de kerk toegewezen want ook mijn ’fashion herbarium’ is uitgekozen. Ik heb altijd al een fascinatie gehad voor bloemenprint dessins. Vooral de tuttigheid eromheen spreekt mij aan, want die kan juist heel fris en modern zijn. Ik determineer bloemen uit mijn eigen tuin en zo kom ik tot series dessins. Daarmee doe ik suggesties voor toepassingen in bijvoorbeeld kledingstukken. Of ik verwerk ze op verschillende manieren en pas ze zelf toe op allerhande vormen.”
In de kerk maakte hij een strak en tegelijkertijd decoratief bloementapijt van echte bloemen. Een assistent zal de kwetsbare bloemen wekelijks verversen. „Zo tussen de knusse huisjes is het eigenlijk een bloementuintje in een modedorp!”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.