*

 

Elke Afrikaan een breedbandverbinding

Huib de Jong − 05/09/09, 00:00

opinie Eind juli 2009 kwam de Oostafrikaanse breedbandkabel, bestaande uit glasvezel, van het consortium Seacom aan land in Mombasa, Kenia. De kabelaars kraaien victorie. Bedrijven zullen met een nog nooit vertoonde snelheid virtueel over het internet suizen. Informatie zal iedereen in ongekende hoeveelheden kunnen bereiken. De kabelbedrijven zullen hun omzetten en winsten zeker zien stijgen.

  • Internetbekabeling van Afrika. De rode is van Seacom. (\N)

Maar, zo verzekeren ze ons, ook de Afrikaan zal er wel bij varen. Voortaan kan ook hij bij ziekteverschijnselen virtueel de hele wereld afstruinen om advies, zoals wij dat hier al lang gewend zijn.

De kabel kostte 600 miljoen dollar en heeft een capaciteit van 1280 Gigabite. Ondanks piraterij is hij er met een vertraging van slechts één maand in anderhalf jaar tijd gekomen. Voor universiteiten, internetcafés, handelaars en liefhebbers van voetbal zal de informatievoorziening sterk verbeteren. India heeft nu nog een grote voorsprong op het gebied van call centers, maar kan weldra in rap tempo door Afrika worden ingehaald. De Wereldbank becijferde dat wanneer de internetverbindingen in een gebied 10 procent sneller worden, daar gemiddeld een economische groei van 1,3 procent uit voortkomt.

Er ligt nu nog maar één kabel, maar daar komen er snel twee bij. Om het breedbandinternet bij de man in de Afrikaanse straat te krijgen moeten in de meeste gevallen de regionale en lokale kabels nog worden aangelegd. Kenia is een gunstige uitzondering. Maar op en rond het continent liggen nu nog maar zo’n tien kabels die er toe doen. In Europa is dat aantal 500.

Seacom verwacht dat de prijs voor internet en mobiele telefonie met tientallen procenten daalt, maar vele providers handhaven liever de hoge prijzen en stellen hun klanten wat meer bandbreedte ter beschikking. Tot nu toe was men aangewezen op langzame verbindingen via kabels die virtuele bronchitis veroorzaakten, of via nog langzamere en kostbare satellietverbindingen van monopolisten.

Een andere praktische kanttekening bij dit succesverhaal is de notoir onbetrouwbare elektriciteitsvoorziening op het continent. En verder becijferde de BBC dat van de 945 miljoen Afrikanen er tot nu toe slechts 54 miljoen, ruim vijf procent, op de een of andere manier gebruik maken van internet. Bovendien zal de bevolking ondanks een dalende vruchtbaarheid halverwege deze eeuw nog eens verdubbeld zijn tot twee miljard.

Wat deze digitale aansluiting op de rest van de wereld verder zal uitmaken voor de vluchteling in Darfur, of de lijdende burger in Somalië, Congo en Zimbabwe, is dus nog maar de vraag. Internet verhoogt de mogelijkheid om informatie uit te wisselen, maar daarmee is die kennis nog niet omgezet in praktische maatregelen die voor een oplossing zorgen. Eten en medicijnen, of een internetverbinding? Bij nood of armoede valt er nog steeds niets te kiezen.

mailIcon print |