*

 

Iederwijs/democratische school: de leerling beslist

Harriët Salm − 10/09/09, 00:00

Ouders van kinderen van bijna vier jaar staan voor een belangrijke keuze: wat voor basisonderwijs kies ik voor mijn kind? Trouw bezoekt verschillende schooltypes, zoals de democratische school, en vraagt een deskundige om een oordeel.

  • (Patrick Post)

Het is een gewone dinsdag, tien uur in de ochtend. Jordin (11) en Julia (10) zoeken naar noten onder de bomen in het uitgestrekte natuurterrein van de democratische school De Ruimte in Soest. Leerlingen van deze school, die hier studenten heten, bepalen zelf wat ze willen leren en op welk moment.

„Ik ga vandaag niet rekenen, maar ik heb wel les op donderdag en vrijdag”, zegt Jordin. „De andere dagen ga ik lekker buiten spelen.”

„Daar leer je ook veel van”, vult Julia hem aan. „Biologie en natuurkunde bijvoorbeeld.”

Spelen is leren en leren is spelen, zeggen ze op De Ruimte. „In de boeken duiken is hier spelen”, aldus schoolleider Margo Bruins.

]]>

Wie een dag meeloopt, merkt dat de veertig leerlingen – studenten van 4 tot en met 18 jaar oud – en de dagelijks vier begeleiders inderdaad allebei voluit doen. Ze rennen door de bossen, klimmen in bomen, voeren de vele dieren, zetten zich achter het schaakbord of buigen zich over een rekenles.

Ze doen waar ze zin in hebben, zou je oneerbiedig kunnen zeggen. Kinderen zijn eigenaar van hun eigen leerproces, is de visie van De Ruimte.

Arnoud Kas is de vader van Valentijn (14), Talinka (11) en Yonian (9). „Mijn zoon leerde zichzelf lezen toen hij vijf was, mijn dochter kon nog niet lezen toen ze acht was. Wij hebben dat gelaten, we hebben haar niet aangemoedigd. Nu is ze elf en ze leest prima.”

Kennis opdringen, zoals in het reguliere onderwijs gebeurt, is volgens hem niet effectief. Als een mens vanuit zichzelf iets wil leren, gebeurt dit vanuit zoveel intrinsieke nieuwsgierigheid dat hij de stof altijd snel zal oppikken.

Bruins sluit zich daarbij aan. „We vertrouwen er volledig op dat wat in de studenten zit eruit zal komen. Dat vertrouwen wordt niet beschaamd. Alle kinderen leren hier ook de basisvaardigheden taal en rekenen, want zonder dat kan je niet functioneren, ook niet op school. Maar we trekken niet aan de leerling. Hij leert op het moment dat hij er klaar voor is. Dat gaat vanzelf, echt.”

De school kent geen groepen en geen klaslokalen. Het is één groep voor alle leeftijden. Er is een grote algemene ruimte, een soort huiskamer, en er zijn kleine werkruimtes voor wie in een groepje of individueel les wil krijgen.

De schooltijden zijn ook anders dan op de meeste scholen. Tussen half negen en tien worden de studenten verwacht, om vijf uur gaat de school dicht. Verder is de school maar vier dagen in de week open. Woensdag blijven de leerlingen thuis. Dat is zo geregeld, legt Bruins uit, omdat veel leerlingen van ver komen. Jordin bijvoorbeeld uit Amsterdam.

Het hart van de school wordt gevormd door ’de schoolkring’. Studenten en begeleiders bespreken er wekelijks moties. „Heeft iemand overwegend bezwaar?”, klinkt het na behandeling van een motie.

Dat is een socratische manier van besturen, legt oprichtster en begeleidster Dorianne de Groot uit. Je hoeft het niet eens te zijn met een motie, maar moet goede argumenten hebben om hem tegen te kunnen houden. Als niemand bezwaar aantekent, wordt de motie aangenomen en moet iedereen zich eraan houden. Zo mag je per dag anderhalf uur computerspelletjes spelen, wordt een winkel geopend en de afspraken over wat met de eventuele winst te doen, zijn ook in een motie vastgelegd. De Groot: „Een democratische school betekent dat iedereen een stem heeft.”

Er zijn in Nederland minimaal 14 van deze democratische scholen, volgens De Groot. Sommige zijn privéscholen, andere worden door de overheid bekostigd. De meeste zijn aangesloten bij een landelijk platform, maar verschillen in details allemaal weer van elkaar. Een schooljaar op De Ruimte kost ouders per leerling 3000 euro.

Ouder Arnoud Kas vindt het aantrekkelijk dat in De Ruimte iedereen gelijkwaardig is. Dat betekent niet dat alles mag en alles kan. Iedereen heeft een taak, het bestuur, de begeleiders en de studenten net zo goed. „Het is hier niet de leraar die het weet en de leerling die het nog moet leren. Vaak is het zo dat een leraar ook iets van een leerling kan leren. Leeftijd maakt hier niet zoveel uit.”

Wie wil, kan meedoen met toetsen als de Citotoets, maar het hoeft niet. Wel worden de vorderingen van de leerlingen gevolgd en beschreven door de begeleiders.

Maar ze worden niet langs de meetlat gelegd en vergeleken met wat kinderen op die leeftijd horen te kunnen, zoals op veel andere scholen gebeurt. „Wij houden alleen heel goed bij wat ze precies doen.” Zo wordt hun ontwikkeling gevolgd.

Het basisonderwijs van De Ruimte is volgens de inspectie op orde. Vrijwel alle studenten werken bij de basisvaardigheden op het niveau dat gezien hun leeftijd verwacht mag worden, bleek deze zomer uit een rapport. Het onderzoek naar de kwaliteit van het voortgezet onderwijs op deze school in Soest loopt nog.

Bruins: „Studenten kunnen eindexamen doen als ze willen, vmbo, havo of vwo, staatsexamen kan ook.” Maar er zijn leerlingen die zonder examen van school gaan, erkent zij. „Dat geeft niks. Door met vervolgopleidingen te praten en daar toetsen te laten afnemen, lukt het om ze goed verder op weg te helpen.”

Worden de leerlingen in dit systeem wel goed voorbereid op de wereld na hun achttiende?

Juist wel, vindt Bruins, „want ze leren hier zichzelf goed kennen en weten wat ze werkelijk willen in het leven”.

Of de inspectie dat ook zo ziet, is nog even afwachten.

mailIcon print |