*

 

Oost-Duitsland: een zomerreis

Beatrice de Graaf − 15/08/09, 00:00

Toeristen ontdekken het land dat vroeger de DDR heette. Wie wil weten hoe Ossies dat land zélf ervaren - bitter, nostalgisch, kritisch - kan terecht bij twee recente roadnovels.

  • De plantsoenendienst werkt aan een fleuriger Prenzlau, een kleine stad ten noorden van Berlijn. (FOTO JEANETTE DE VOS, TROUW )

De voormalige DDR is al lang geen grauwe spruitjesstaat meer: dat weten toeristen inmiddels ook. De Oostzee lokt steeds meer strandgangers, Dresden en Weimar zijn populaire bestemmingen. Maar wie buiten de gebaande paden wil treden, ook eens kennis wil maken met plaatsen als Kahla, Halle-Neustadt of het Erzgebirge, en meer wil weten over de tijd dat dit land nog DDR heette, mag zich de romans ’Aufbau Ost’ van Claudia Rusch en ’Adam en Evelyn’ van Ingo Schulze niet laten ontgaan.

Rusch schreef eerder al het ijzersterke, humoristische debuut ’Meine freie Deutsche Jugend’, waarin ze haar belevenissen met het communistische regime uit de doeken deed. Met ’Aufbau Ost’ onderneemt ze opnieuw een tocht door haar herinnering, maar dit keer gaat ze letterlijk op pad.

’Aufbau Ost’ is een uiterst persoonlijk ’vakantieboek’. Dat blijkt al meteen uit het eerste verhaal. Rusch reist naar Rostock, naar het onopvallende jaren vijftig-gebouw van de plaatselijke Stasi, waar haar eigen grootvader onder nooit opgehelderde omstandigheden in 1967 om het leven kwam. In het museum barst ze in huilen uit, omdat ze voor het eerst echt voelt „hoe zeer de geschiedenis van mijn grootvader met die van mij verbonden was. (...) We hadden allebei te maken gehad met hetzelfde mensen-verachtende systeem.”

Via de archieven ontdekt Rusch dat haar opa vier dagen lang met iemand anders in de cel zat. Ze ontmoet deze medegevangene en bouwt een innige vriendschap met hem op. Sindsdien, schrijft ze, heeft ze over haar leven in de DDR ’geen vragen meer’.

Dat neemt niet weg dat daarna nog veertien veel lichtvoetiger verhaaltjes volgen. Ze fietst door Neubrandenburg (een echte aanrader voor liefhebbers van fietstochten en ongerepte natuur) en vaart over de Oostzee. Ze koopt typisch Oost-Duits servieswerk in Gera en klaagt over rechts-radicale jongeren in Maagdenburg. Rusch’ roman is zo een aparte mix geworden van nostalgie, bittere herinnering en commentaar op de politieke transformatie van Oost-Duitsland. Geen typisch strandboek, maar wel een aanrader voor de ’bewuste toerist’ die Oost-Duitsland diepgaander wil leren kennen.

Dan is ’Adam und Evelyn’ van Ingo Schulze een heel ander verhaal: dit is een barokke, bij vlagen kitscherige, maar intrigerende liefdesroman over een Oost-Duits stelletje dat in de zomer van 1989 zelf op vakantie gaat. Je zou het zelfs een DDR-soap kunnen noemen: een onwaarschijnlijke opsomming van hoogte- en dieptepunten in de relatie van Adam en Evelyn, die staat voor het verhaal van het einde van de DDR zelf.

In de zomer van 1989 begon de exodus van duizenden, en al spoedig zelfs tienduizenden Ossies via Hongarije en Tsjechoslowakije naar het Westen. Wie herinnert zich niet de beelden van wanhopige families die hun baby’s over de hekken van de West-Duitse ambassades in Boedapest en Praag takelden, en in hun foute jeans en fluorescerende parka’s probeerden de groene grens tussen Hongarije en Oostenrijk over te steken? Daar zaten Adam en Evelyn ook tussen.

Schulze laat de reis eind augustus 1989 in de Oost-Duitse provincie beginnen, wanneer de beeldschone, 21-jarige Evelyn haar oudere vriend Adam betrapt met één van de mollige dames voor wie hij als kleermaker een kostuum aan het naaien was. Adam houdt van vrouwen (het liefst de wat rijpere, burgerlijker types), en heeft het in de DDR prima naar zijn zin. Hij voelt het onrecht en de onvrijheid niet, en heeft voor zichzelf een prima ’nisje’ gebouwd. Evelyn heeft het echter helemaal gehad, ze wil vrijheid, westerse luxe en gaat er met een West-Duitse ’neef’ vandoor.

Terwijl Adam – die het weer goed wil maken – haar in zijn oude opgelapte Wartburg op de hielen zit, reist Evelyn door de DDR, via het Erzgebirge, naar Hongarije. Na talloze omzwervingen en misverstanden belanden ze tenslotte samen in München. Maar of ze daar gelukkig worden is maar zeer de vraag.

Schulze’s boek is een Oost-Duitse roadnovel, een liefdesverhaal en een allegorie op de bijbelse geschiedenis van de verdrijving uit het paradijs ineen. Vooral dat laatste aspect geeft de roman de filosofische diepgang die ’Aufbau Ost’ mist. Adam en Evelyn staan recht tegenover elkaar in hun opvatting over de winst die de Wende hun heeft gebracht. Adam vertegenwoordigt de nostalgie: was het leven echt zo slecht in dit geïsoleerde land, waar het geluk in kleine dingen lag? Evi staat voor de vooruitgang: zij heeft haar hoop gevestigd op keuze mogelijkheden, de oningevulde toekomst en de afwasmachines van het Westen.

Het lijkt erop dat Adam gelijk krijgt. „Het Westen is veel mooier dan je je voor kunt stellen”, houdt Evi’s Wessie-vriendje haar voor. Maar de afwasmachine is al snel stuk. En terwijl wordt onder het socialisme een paar cent kostte, vragen ze er nu het drievoudige voor. Nadat hij in het Westen een Bijbel heeft doorgelezen stelt Adam dan ook somber vast dat kapitalisme ’hetzelfde is als de erfzonde’. Het zorgt immers voor ’inflatie’: de ’echte dingen’ worden er minder waard. Hij verlangt terug naar de ’authenticiteit’ van de DDR.

Maar die waarden ontdekt hij pas nadat hij zich heeft laten verleiden om in München te blijven. Daar moet hij in het zweet zijns aanschijns zijn brood verdienen, want westerse vrouwen hebben geen kleermakers nodig: ze kopen hun kleren liever kant en klaar. Het paradijs - de oude DDR - was nog nooit zo mooi als na de zondeval.

Schulze weet natuurlijk best dat Adams paradijs een fata morgana was. De veelgeprezen Oost-Duitse authenticiteit was niets anders dan de afwezigheid van consumptiegoederen; de onderlinge solidariteit het gevolg van collectief ervaren repressie. Maar het leverde wel de levenservaringen en de levenskunst op die veel Ossies twintig jaar na de val van de Muur node missen. Dit boek troost hen kortstondig in dat gemis. Het houdt de Wessies bovendien een humoristische spiegel voor, waar ze zich tijdens deze historische zomermaanden - twintig jaar na de Wende - in kunnen spiegelen.

mailIcon print |