Het Markermeer en IJmeer moeten samen tot een van de grootste Europese wetlandgebieden uitgroeien. Langs dat Blauwe Hart kunnen meteen woningen gebouwd worden.
De rechte lijnen die staatssecretaris Tineke Huizinga gisteren vanaf het schip De Stedemaeght op de horizon zag liggen, zullen verdwijnen als de plannenmakers hun zin krijgen. Althans, voor het oog. Het merengebied in de kop van de Randstad moet buitendijks natuurlijke oevers krijgen, met moerassen en rietlanden.
Huizinga ontving op haar rondvaart de toekomstvisie van de stuurgroep Markermeer-IJmeer, waarin de provincies Flevoland en Noord-Holland en verscheidene maatschappelijke organisaties vertegenwoordigd zijn. Dat werd tijd. De ecologische kwaliteit van met name het Markermeer gaat steeds verder achteruit. Het merengebied verliest zijn aantrekkingskracht voor grote groepen trekvogels, het aantal planten en waterdieren loopt terug en de begroeiing wordt monotoon. Het gebied maakt deel uit van Natura 2000, het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden. Maar heeft het die kwaliteit nog wel, als het slib het water troebel maakt, daardoor het voedsel voor de vogels verdwijnt en de stedelijke druk van de Randstad steeds groter wordt?
Juist vanwege het voedselaanbod vinden veel trekvogels in het IJsselmeergebied een veilige overwinteringsplek of tussenstation op de reis tussen het hoge noorden en Afrika. Ze hebben nauwelijks uitwijkplaatsen: het IJsselmeer is een van de zeer weinige grote zoetwatergebieden in de gematigde Europese klimaatzone die ’s winters slechts kort of geheel niet dichtvriezen. Als deze pleisterplaats verarmt, zoals de afgelopen jaren merkbaar was, zijn de gevolgen tot over de grenzen voelbaar.
De meren hebben overal harde oevers, omdat tot 2006 rekening werd gehouden met het plan de Markerwaard in te polderen. Nu dat van de baan is, kunnen schetsen voor natuurontwikkeling worden gemaakt.
In het nieuwe Blauwe Hart liggen in het zuiden (IJmeer) de grootste steden en drukste wegen – hier zal het accent liggen op het recreatieve gebruik door de mens. In het noorden heeft de natuur de overhand. Zo is aan weerszijden van de Houtribdijk een oermoeras gepland van 6000 hectare, dat een paradijs voor vogels moet worden. Bij Hoorn worden slibschermen aangelegd zodat het slib dat vanuit het oosten aanstroomt, de baai niet kan bereiken. Zo ontstaat helder water, waar waterplanten en bodemorganismen als mosselen gedijen. De Hoornsche Hop wordt voor vogels als het ware weer een wegrestaurant op de route naar Afrika.
De natuurlijke vooroevers en het moeras krijgen een ’seizoensgebonden peilbeheer’. De meren vullen zich in de late winter en lente, als veel rivierwater wordt aangevoerd. In de zomer zakt het peil geleidelijk.
De natuurplannen voor de Randstadmeren neemt Huizinga mee naar het kabinet, dat binnenkort beslist over de ruimtelijke ontwikkeling van Amsterdam, Almere en Markermeer. In die plannen zal het accent liggen op de uitbreiding en ontsluiting van Almere.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.