*

 

’Ik vind vijftig een goede grens

Iris Pronk − 18/07/09, 00:00

Deze week laaide de discussie op over het invriezen van eicellen. Met name de vermeend hoge leeftijd van de moeders in spe kreeg veel aandacht. Professor Fulco van der Veen: De kans dat een vrouw van veertig zwanger wordt en een gezond kind krijgt uit een 35-jarige eicel die bevroren is geweest, is veel groter dan bij gewone ivf.

  • (\N)
  • ¿We kunnen niet in de toekomst kijken. Toch moeten we ergens beginnen.¿ (FOTO JÿRGEN CARIS, TROUW)

Hij kreeg forse kritiek op zijn plan om eicellen van alleenstaande vrouwen in te vriezen ’voor later’. „Ik heb geloof ik iedereen tegen me,” verzucht professor Fulco van der Veen in zijn werkkamer in het AMC in Amsterdam.

Dat de emoties hoog op zouden lopen, was eigenlijk wel te voorzien: zaken rond geboorte en dood raken nu eenmaal alle mensen diep. Toch had Van der Veen de impact van zijn plan onderschat. „Een beetje dom”, vindt hij dat bij nader inzien.

Maar met het plan zelf – dat vrouwen in staat moet stellen om hun vruchtbare periode te verlengen – is helemaal niets mis. Daar staat Van der Veen, als hoofd van het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde van het AMC, vierkant achter. Hij schuift daarom zijn medische werk aan de kant om uit te leggen voor welk probleem het invriezen van eicellen in zijn ogen een mogelijke oplossing is.

Gaat uw gang. Waarom komt u met zo'n – blijkbaar – controversieel voorstel?

„Veertig procent van de koppels die onze kliniek bezoeken, mankeert helemaal niks. De man heeft goed zaad, de eileiders van de vrouw zijn toegankelijk, ze is in goede conditie. Er is maar één ding ’mis’: de vrouw is 38, 39 of 40. Ze wordt niet zwanger vanwege haar leeftijd.

Dat is een groot, dagelijks probleem waarmee alle fertiliteitsartsen geconfronteerd worden. De enige oplossing die we deze stellen nu kunnen bieden, is ivf. Maar dat is een hele belastende behandeling, die bij oudere vrouwen weinig effectief is. Omdat haar eicellen van slechte kwaliteit zijn, is de kans op zwangerschap relatief klein en de kans op een miskraam, een tweeling of een kind met downsyndroom groot.

Dat vrouwen hun zwangerschap uitstellen, is een maatschappelijk probleem. Natuurlijk vind ik ook: een slimme meid krijgt haar kinderen op tijd. Maar ik kan de maatschappij niet veranderen en ik kan deze oudere stellen ook niet goed helpen met ivf.

Daarom ben ik blij dat er nu een techniek is, waarmee je eicellen in kunt vriezen. De kans dat een vrouw van veertig zwanger wordt en een gezond kind krijgt uit een 35-jarige eicel die bevroren is geweest, is veel groter dan bij een gewone ivf-behandeling op veertigjarige leeftijd.”

Uw vakgenoten noemen die techniek experimenteel. Neemt u grote risico's, bent u een cowboy?

„De techniek van het invriezen, ’eicel vitrificatie’, beheersen we allang. Wij leerden ’m drie jaar geleden in Japan, maar hebben bewust gewacht met de toepassing ervan. Ik vond dat we nog niet genoeg wisten over de kinderen die uit deze eicellen geboren worden.

Maar inmiddels zijn we drie jaar verder, en zijn er in het beschaafde buitenland 900 kinderen geboren uit eicellen die eerst bevroren, daarna ontdooid en bevrucht zijn. En wat blijkt: zij hebben geen afwijkingen.

Is dat veel of weinig, 900 kinderen? Ik ben het met mijn critici eens dat de onderzoeksgegevens tot nog toe beperkt zijn. Maar de enige manier om verder te komen met deze techniek, is om het te dóen. We kunnen niet altijd het buitenland de kolen uit het vuur laten halen. En we gaan ’onze’ kinderen straks natuurlijk zorgvuldig volgen.

We weten trouwens wel meer niet. ICSI, een ivf-variant voor minder vruchtbare mannen, waarbij de zaadcel door de wand van de eicel wordt geprikt, wordt niet gezien als een experimentele techniek. Maar het zou best kunnen dat de jongetjes die hieruit geboren zijn straks slecht zaad blijken te hebben, net als hun vaders. We kunnen niet in de toekomst kijken. Toch moeten we ergens beginnen.”

Er is veel commotie over de leeftijdsgrens: u wilt vrouwen tot 50 jaar de kans geven om via deze techniek alsnog zwanger te worden. Zijn ze dan niet veel te oud?

„Ik wil om te beginnen benadrukken dat vijftigjarige vrouwen niet de doelgroep zijn. Het gaat om vrouwen van rond de veertig.

Maar je moet ergens een grens trekken. Voor eiceldonatie heeft de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) een maximumleeftijd van 45 jaar vastgesteld. Maar drie jaar geleden pleitten enkele collega’s van mij in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde voor het oprekken van die leeftijd tot 50 jaar. Daar zijn geen medische bezwaren tegen.

Ik vind vijftig een goede grens. Daar sta ik niet alleen in, ethici ondersteunen me. Ik ben erg vóór het zelfbeschikkingsrecht van de patiënt. Vrouwen zijn niet gek, die kunnen heel goed zelf kiezen. Maar als de NVOG besluit dat de grens 45 jaar blijft, dan leg ik me daarbij neer. Ik vind alleen dat er niet gediscrimineerd mag worden: voor het terugplaatsen van embryo’s, uit een gedoneerde of ooit ingevroren eicel, moet dezelfde maximumleeftijd gelden.”

Kun je het een kind wel aandoen: zo'n oude moeder?

„Als je op je 46ste kinderen krijgt, kun je gemakkelijk negentig worden en gewoon je kleinkinderen zien opgroeien. Geen enkel probleem. Het is een statistisch feit dat we collectief een steeds hogere leeftijd bereiken, in goede gezondheid.

Het is een verkeerd beeld dat moeders van zestig met wandelstok en rollator rondlopen. Je zou hooguit kunnen zeggen: een oudere moeder heeft ietsje meer wijsheid dan een jonge, en kan misschien haar kind ietsje beter door de puberteit loodsen. Maar dat is een vermoeden, daar heb ik niet voor doorgeleerd.”

Maar mensen krijgen vanaf hun zestigste toch allerlei klachten? Hoge bloeddruk, diabetes?

„Ik heb ook klachten, ik heb een bril en steunzolen. Oké, dan heeft een kind een moeder die niet meer veertig kilometer kan fietsen. Is dat erg? Ik weet het niet. Ik kan daar weinig mee. Kinderen vinden de situatie waarin ze opgroeien volstrekt normaal.”

Maar moet je een sociaal probleem wel met een medische techniek oplossen? Is dit afkeurenswaardige ’wensgeneeskunde’, zoals het CDA zegt?

„Er is maar één geneeskunde, waaraan we eisen stellen van doelmatigheid, veiligheid, patiëntenbelang. Heel veel medische problemen komen voort uit de levensstijl of zogenaamd sociale problemen of wensen. We behandelen longkanker bij rokers, hartklachten bij veel te dikke mensen, we steriliseren vruchtbare mannen, we doen ivf bij vrouwen van rond de veertig. En dat stelt niemand ter discussie.

Ongewenste kinderloosheid is een groot probleem, een trauma voor het leven, dat blijkt uit veel wetenschappelijke literatuur. Zeggen ’deze vrouwen moeten hun kinderloosheid maar accepteren’, dat vind ik wreed en inhumaan.

Als we met z’n allen vóór ivf zijn bij oudere vrouwen, dan zeg ik: je kunt je geld beter besteden aan eicel vitrificatie. Pas je deze techniek niet toe, dan zou je ontzettend veel vrouwen ernstig benadelen. Dan doe je dus kwaad. En wij dokters willen juist goed doen. Zo staat het in de eed van Hippocrates: ’Ik zal nooit iemand kwaad doen’.”

mailIcon print |