Nederland moet baanbrekend zijn en daden tonen om klimaatverandering tegen te gaan, betoogt Jacco Kroon, schrijver van de klimaatgids.
„Als het om klimaatdoelen gaat, legt Nederland de lat heel hoog”, zegt Jacco Kroon. „Maar zodra het op daden aankomt, hebben we de neiging om over onze schouders naar anderen te kijken. Dan wachten we af wat Europa doet of wat Kopenhagen oplevert. Uit angst dat we onze economie schaden als we te hard vooruitlopen.”
Dat zou andersom moeten, betoogt de ’Beknopte gids door de klimaatdoolhof’ , die Kroon met hoogleraar klimaatverandering Pier Vellinga en duurzaam ondernemer Roebyem Anders schreef en dat vanmiddag op een symposium in Den Haag wordt gepresenteerd. Kroon: „Onze boodschap is: Deze klimaatcrisis biedt ook economische kansen, maar als je die wil benutten, moet je je nu ambitieus tonen. Dan moet je je sneller bewegen in de duurzame sectoren waar je goed in bent. Ook als er in december in Kopenhagen geen klimaatakkoord wordt bereikt. Want zo’n akkoord komt er toch wel, ook al is het een paar jaar later. In dat geval kan Nederland een goede startpositie hebben opgebouwd.”
De vraag wat er moet gebeuren voordat er in Kopenhagen een nieuw klimaatverdrag ligt, staat centraal in het boekje. Daardoor is het taai geworden. Het klimaatspel, zoals de auteurs het noemen, wordt gespeeld met begrippen die de lezer doen duizelen: verhandelbare emissierechten, groencertificaten, non-Annex B-landen. In hun poging alle onderhandelingsnuances zuiver weer te geven, zijn de auteurs zelf een beetje in het klimaatmoeras weggezakt.
Maar op de man af gevraagd, brengt Kroon de Kopenhaagse wirwar terug tot de kern. „Het is een driehoeksprobleem. Allereerst hebben de rijke industrielanden de morele plicht om een forse eerste stap te zetten met een ambitieus reductiedoel. Vervolgens zullen opkomende landen als China, India en BraziliĆ«, waarvan vrijwel niemand verwacht dat ze zich op concrete doelen zullen willen laten vastleggen, wel duidelijk moeten aangeven dat ze wat aan hun CO2-uitstoot gaan doen. Ten slotte moet er geld op tafel komen waarmee rijke landen projecten in ontwikkelingslanden financieren. Deze drie kwesties zullen gelijk in beweging moeten komen.”
Daar ziet het voorlopig niet naar uit. Europa heeft de lat hoog gelegd, maar de VS gaan, ondanks Obama, niet verder dan dat ze in 2020 evenveel willen uitstoten als in 1990. China blaast hoog van de toren dat het Westen moet beginnen. Terwijl er tientallen miljarden nodig zijn voor projecten in arme landen, deed deze week Europa de hand op de knip.
Toch houdt Kroon goede hoop. „ Iedereen houdt tot Kopenhagen zijn kruit nog droog. Het gaat erom dat er vertrouwen komt. En een besef dat het een gedeeld probleem is. Dan zou Obama wel eens het verschil kunnen maken. Het klinkt misschien naïef, maar een speech van hem zou het ijs kunnen breken en de onderhandelingen het benodigde momentum kunnen geven.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.