*

 

Kabouter in de touwen

Wim Boevink − 26/06/09, 00:00

Een medewerkster was heel attent. „Ze beginnen over een kwartier met opblazen”, zei ze aan de telefoon. „En ze verwachten dat ie over anderhalf uur staat. Dat is vast leuk om te zien.”

  • (\N)

Ik haastte me naar de Botanische Tuinen, op de Uithof bij Utrecht. Daar gaat op 4 juli een beeldententoonstelling open van een internationaal befaamde kunstenaar: Paul McCarthy. In Nederland kennen we hem vooral van dat bronzen beeld waar Rotterdam een tijdje mee rond zeulde, kabouter Buttplug.

In een van de begeleidteksten bij de tentoonstelling las ik dat de kunstenaar reageert op de consumptiemaatschappij en de massamedia. ’Mijn werk is een combinatie van anarchie en humor.’

Dat is het aardige van zijn mix van pop-art, performance en conceptuele kunst: je kunt er van alles over zeggen en het is allemaal waar. Alleen kun je niet zeggen dat het mooi is. Mooi is geen kunstnorm. Zo eenvoudig is het niet.

McCarthy’s beelden in Utrecht zijn opblaasbaar, het zijn inflatables. Ze worden opgevouwen aangeleverd, er hoeft alleen nog maar lucht bij. Deze kunst is hol van binnen.

Het hoogste beeld is ’Santa Butt Plug’, een uitvergroting van het beeld in Rotterdam, 25 meter hoog en uitgevoerd in roze en rood.

De kabouter dus, in reusachtige gedaante. Ik kon ’m tussen de bomen al omhoog zien komen, die rode kabouter met zijn roze fallus, en de eerste aanblik van dichtbij was surrealistisch: hij stond op een groot gazon, aan alle kanten in het gareel gehouden door stevige touwen waaraan meerdere volwassen mannen hingen. Aan de achterzijde stonden vijf blowers de kabouter inhoud te geven.

Nu eens helde hij naar voren, dan weer opzij. De mannen kregen het er warm van. „He bends forward like hell”, riep er eentje – ik vermoed een internationaal befaamde kunstenaarsassistent.

Toen het karwei geklaard was, en de kabouter met lijnen en stalen haringen vast was gesnoerd, vertelde een ander dat de kabouter was gemaakt van plastic, met een coating van vinyl. Hij woog bijna 700 kilo, dus hij moest niet omwaaien.

Ik keek naar de glazen kassen achter de kabouter. „Bij windkracht 5 laten we de grootste beelden leeglopen”, zei iemand van de organisatie. Met de ’Complex Pile’, een stronthoop van 15 meter hoog, was het eens misgegaan. Die was weggewaaid en tegen een kindertehuis terechtgekomen. Gelukkig waren er geen gewonden gevallen.

De stronthoop, een getrouwe kopie van een werk van de internationaal befaamde hond van de kunstenaar, lag uitgesmeerd over een grote weide met wilde grassen. Iets verderop dolden de ’Piggies’, twee reusachtige roze speelgoedvarkens, voor een zwarte dildo. Elders in de tuin bevonden zich nog opgeblazen sigarettenpakjes en een ketchupfles. Plastic zwerfvuil in het groen, je hoorde de galmende lach van de kunstenaar.

Een internationaal befaamde verslaggever deed er hier verslag van.

mailIcon print |