*

 

Hedwigepolder raakte bij premier een Zeeuwse snaar

Cees van der Laan − 25/08/09, 00:00

Premier Balkenende zegt de de emoties van de Zeeuwen om behoud van de Hedwigepolder te begrijpen. Maar dat begrip komt een beetje laat.

  • (\N)

Premier Balkenende heeft veel begrip voor de Zeeuwen die er fel op tegen zijn dat een polder onder water wordt gezet. Hij komt uit Zeeland en verloor familieleden bij de watersnoodramp van 1953, zei hij in een persoonlijke ontboezeming tijdens zijn wekelijkse persconferentie.

Voor veel Zeeuwen en Zeeuwse politici is het ontpolderen van de Hedwigepolder, zoals afgesproken in de Scheldeverdragen met de Vlamingen, een brug te ver. In de lange strijd die de Zeeuwen tegen het water hebben gevoerd, ligt het doorsteken van dijken zwaar op de maag. Balkenende snapt die emoties, zei hij afgelopen vrijdag.

Maar waarom zette hij in 2005 dan wel zijn handtekening onder de Scheldeverdragen op basis waarvan de polder zou worden opgeofferd? Kwam het begrip pas toen de Zeeuwen luidkeels gingen protesteren en de lobby richting politiek Den Haag op stoom kwam?

Want Balkenende kwam tot inkeer. Hij bemoeide zich actief met het alternatief van de Zeeuwse waterschappen, waarvoor de Kamerleden Ad Koppejan (CDA) en Lia Roefs (PvdA) zich sterk maakten: in plaats van ontpoldering van de Hedwigepolder 300 hectare schorren en slikken aanleggen op diverse plekken langs de Westerschelde. Volgens de milieubeweging en diverse deskundigen een slecht plan.

Wat geholpen kan hebben is dat Koppejan ook een Zeeuw is en dat hij Balkenende ongetwijfeld duidelijk maakte dat er electoraal heel wat te verliezen is in Zeeland. Het alternatief kan rekenen op brede steun in Zeeland en in de Tweede Kamer.

Minister Verburg (landbouw) die zich gebonden wist aan de afspraken met de Vlamingen en de Europese Unie, telde haar knopen toen haar de meerderheid in de Kamer en de opvatting van de premier gewaar werden. Ze ging om. Dat kon omdat de EU wel eisen stelde aan natuurherstel in de Westerschelde, maar de vraag hoe dat moest aan Nederland overliet. Ook de Vlamingen boden, volgens de twee Kamerleden, ruimte voor een alternatief, zo lang er maar werd uitgediept.

Premier Balkenende verzekerde de Vlamingen vrijdag dat dat hoe dan ook zal gebeuren. Eerst moet de definitieve beslissing worden afgewacht in de bodemprocedure die de milieubeweging bij de Raad van State aanspande, tegen het wegbaggeren van de zeven drempels in de Westerschelde – de inmiddels derde uitdieping. De rechter schortte de werkzaamheden voorlopig op, omdat de effecten op de natuur onzeker zijn.

Als dit ook de definitieve beslissing wordt, dan komt een noodwet snel naderbij, zo klonk door in Balkenende’s belofte aan de Vlamingen. De bedoeling van zo’n noodwet is tempo te houden in het bestuurlijke proces.

De Tweede Kamer zal het naadje van de kous willen weten hoe het besluitvormingsproces rond de Hedwigepolder is gegaan en de rol daarin van de premier. Of dit uiteindelijk ook weer kan leiden tot een heroverweging van de kabinetsbeslissing de polder te behouden, is zeer de vraag. Dat zou kunnen als het buitendijks alternatief niet voldoet aan de Europese eisen, als er twijfels zijn bij de Kamer of als de Vlamingen dwars gaan liggen. Die willen maar één ding van Nederland: een Westerschelde op diepte. En snel.

mailIcon print |