*

 

Vechten tegen Noorse Goliat

Eric Fokke − 26/05/09, 00:00

Zoeken rond Jan Mayen en daadwerkelijk boren in de Barentsz-zee. Noorwegen legt zijn arctisch gebied open voor de olie-industrie.

  • Haringvissers bij de Lofoten, een eilandengroep voor de kust van Noorwegen. (Erik Fokke)
    Haringvissers bij de Lofoten, een eilandengroep voor de kust van Noorwegen. (Erik Fokke)

Het zal toeval geweest zijn. Twee dagen nadat de Noorse regering de deur opent voor oliewinning in het noordpoolgebied, toont de Noorse staatsomroep een documentaire over de Exxon Valdez. Alweer twintig jaar geleden zette een dronken kapitein de olietanker voor de kust van Alaska aan de grond en stroomde 33.000 ton ruwe olie in zee.

De Noorse kijkers zien een failliete en sociaal ontwrichte vissersgemeenschap op de Alaskaanse kust. Nog steeds hebben de visstanden zich niet hersteld. De schade aan het ecosysteem is groter en manifesteert zich langer dan gedacht. Olieboren in koud en visrijk water is niet voor niets dé schrik van menig Noorse visser en alle milieuverenigingen. Maar ook Noorse vissersboten verstoken diesel en de vliegtuigen die de milieulobby in het uitgestrekte land nodig heeft, vliegen niet op water. Noorwegen, in de top-10 van olieproducerende landen, ziet oude bronnen leeg raken en zoekt nieuwe. Vooral in het noorden.

In 2000 werd het zogeheten Goliat-veld ontdekt, enkele tientallen kilometers ten noordwesten van Hammerfest in de Barentsz-zee. Vorige week vrijdag gaf de Noorse regering toestemming om het veld daadwerkelijk te exploiteren, onder strenge milieuvoorwaarden. Dezelfde dag ontvouwde Oslo voor de Noorse Zee een beheersplan voor het zoeken naar olie rond het afgelegen arctische eiland Jan Mayen. Ook Rusland wil boren in de Barentsz-zee en IJsland popelt om concessies uit te geven voor olievelden op zijn deel van de Noorse Zee richting Jan Mayen.

Olieboren in het noordpoolgebied is een technische uitdaging. Het is er maanden aardedonker, steenkoud en het kan ongenadig waaien. Even ten noorden van Jan Mayen en in het noorden van de Barentsz-zee ligt pakijs. Géén brokken maken in een dergelijke onvriendelijke omgeving is een hele kunst. Als het fout gaat valt het niet mee schade te beperken.

Op korte afstand van Goliat bijvoorbeeld zijn grote broedkolonies van zeevogels. De olieplas zelf ligt onder belangrijke paaigronden. Onder meer lodde schiet hier kuit, een visje dat van groot belang is voor enorme scholen haring en het laatste robuuste kabeljauwbestand ter wereld. Volgens vissers en de milieulobby zijn de Noorse wateren zó rijk dat zij een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de voedselvoorziening van een groot deel van de wereldbevolking.

De visserij, mits goed beheerd, put uit bronnen die zich constant vernieuwen en die dus langdurig van grote economische betekenis zijn voor kustgemeenschappen. Een olieveld gaat beperkt mee – Goliat sluit na 15 tot 20 jaar en 174 miljoen vaten olie. Wordt onverhoopt olie gemorst, dan kan een ecosysteem tientallen jaren ontregeld zijn, leert Exxon Valdez.

Tegenstanders als groene politieke partijen, Wereld Natuur Fonds en milieuorganisatie Bellona menen dat dergelijke rijke ecosystemen nóóit op het spel gezet mogen worden. ’We geven niet op en zullen verder vechten tegen Goliat’, schrijft Bellona’s Elisabeth Süther in een persverklaring. Bellona hekelt ook de enorme CO2-uitstoot die gepaard gaat met de oliewinning.

In Hammerfest, waar visserij jaren domineerde, is de vlag gehesen. Dankzij Goliat komen er vijfhonderd arbeidsplaatsen bij. En het gaat het stadje al goed. Statoil boort hier sinds kort ook gas en het inwonertal, het inkomen en huizenprijzen pieken. Burgemeester Kristine Jürstad Bock zegt in de media dan ook de tegenstand vanuit milieuoogpunt niet te begrijpen. „We lopen voorop met strenge eisen en zetten de standaard voor oliewinning die, zoals we weten, ook aan Russische zijde zal gaan plaatsvinden.”

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />