*

 

Janmaat en Wilders

Wim Boevink − 23/04/09, 00:00

Er zaten vijf oudere journalisten achter de tafel, ouwe rotten in het vak. Ze zagen uit over een redelijk gevuld bovenzaaltje van Felix Meritis in Amsterdam.

Op het programma stond een debatavond over de vraag hoe de media Geert Wilders en zijn PVV behandelen in vergelijking met de behandeling van Hans Janmaat en zijn Centrumpartij in het begin van de jaren tachtig. Vandaar die ouwe rotten – die hadden de dagen van Janmaat nog als verslaggever meegemaakt. Syp Wynia zat er (toen Nieuwsblad van het Noorden), Hugo Schneider (toen Vara), Ad van Liempt (toen ’NOS journaal’), Ab Pilgram (toen KRO) en Hubert Smeets (toen NRC). Gevestigde namen, van wie de meeste nog met enig gezag commentaarposities bekleden.

Voorafgaand werd een preview aangeboden van de uitzending van ’Andere Tijden’ van vanavond, over de opkomst en vooral ondergang van de Centrumpartij. Er kwamen een paar terugblikkende CP’ers aan het woord zoals oprichter Henry Brookman, die sprak met het voorkomen en de dictie van een bedaagde senator, en Wim Vreeswijk, destijds gemeenteraadslid voor de CP in Almere. Ze wekten nu vooral deernis op, zeker als je de getoonde uitspraken van Janmaat in de Kamer (minder vergaand dan die van de PVV nu) afzet tegen de afkeer, de uitsluiting, het cordon sanitair, de juridische vervolging en het aangewende geweld van linkse activisten. Die afkeer schemerde ook door in de berichtgeving, waarin Janmaat geen interview werd gegund en NOS-verslaggever Henk van Hoorn ’de held van het café’ werd omdat hij Janmaat live een vraag had gesteld, maar nog vóór het antwoord terugschakelde naar de studio.

Die anekdote vertelde Van Liempt, die Janmaat een minimum aan charisma toedichtte en hem ongeschikt vond voor de politiek. In feite, zo ging de grap, zou Janmaat staatssteun verdienen omdat ’hij extreem-rechts vijftien jaar klein heeft gehouden’. Er diende gewoon niet geroerd te worden in de onderbuik, ook niet door de media, het racisme- en fascismeverwijt was toen sterker dan het beroep op de vrijheid van meningsuiting. Volgens Van Liempt had Pilgram zelfs in zijn arbeidscontract het voorbehoud laten opnemen dat hij geen fascist hoefde te interviewen.

Die houding is nu radicaal verschoven, onder invloed van mensen die, in de woorden van Wynia, de agenda van Janmaat – het benoemen van ’de onzalige effecten van de multiculturele samenleving’ – overnamen: Bolkestein, Fortuyn, Wilders. Die laatste, zei Smeets, is een briljante politicus omdat hij zich buiten ’de constitutionele consensus’ beweegt. Die ongrijpbaarheid zag Van Liempt ook: Wilders weigert te verschijnen bij ’Pauw & Witteman’, ’Nova’ of ’De Wereld Draait Door’. Die weigering maakt hem begeerlijk. „Hij speelt de media tegen elkaar uit, alsof hij een adverteerder is.”

Niet de media leggen een cordon sanitair, zoals bij Janmaat, het is nu Wilders zelf die dat doet.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />