De staat van het klimaat is zorgelijk, zeggen Nederlandse wetenschappers. Door nieuwe inzichten zijn huidige beleidsdoelen achterhaald. De uitstoot van broeikasgassen moet drastisch minder.
Het wordt warmer dan gedacht, het gaat sneller en de gevolgen zijn ernstiger. De opwarming van de aarde baart wetenschappers meer zorgen dan een paar jaar geleden. Deze boodschap, die vorige maand al werd geuit tijdens een klimaatconferentie in Kopenhagen, klinkt nu ook door in ’De staat van het klimaat’, de jaarlijkse rapportage van Nederlandse kennisinstellingen, die gisteren werd aangeboden aan staatssecretaris Huizinga van verkeer en waterstaat.
„Ik ben somber uit Kopenhagen teruggekomen”, erkent professor Wim Turkenburg, voorzitter van het samenwerkingsverband. „Daar werden nieuwe inzichten gepresenteerd die laten zien dat de klimaatverandering op allerlei manieren plotseling kan versnellen. Intussen blijven de maatregelen achter.”
Wetenschappers gingen er altijd vanuit dat een opwarming van twee graden Celsius nog ’veilig’ was. Dat dan de gevolgen beheersbaar waren. De grens van twee graden is ook een hoeksteen van het klimaatbeleid van de Europese Unie. Maar die grens lijkt niet meer veilig, zegt Turkenburg.
„Bedenk wel dat het beleidsdoel al niet hard was. Bij een succesvol Europees beleid was de kans 50 procent dat de wereld binnen een veilige marge bleef. Die kans lijkt nu dus nog kleiner. Maar dat besef dringt maar moeizaam door. In Kopenhagen vroeg een spreker wie wel eens Russisch roulette had gespeeld. Niemand natuurlijk, hoewel daarbij de kans slechts één op zes is dat het misgaat. Met de klimaatverandering is die kans veel groter, en we laten het gebeuren.”
Het rapport somt de belangrijkste nieuwe inzichten op sinds het klimaatrapport van de VN uit 2007: de uitstoot van broeikasgassen stijgt sneller dan het somberste VN-scenario en het klimaat lijkt gevoeliger voor een verhoging van de CO2-concentratie. Het eerste wordt veroorzaakt door de onverwacht sterk groeiende Chinese economie en het achterblijven van energiebesparingsmaatregelen.
Het tweede is gebaseerd op signalen uit de wetenschap, zegt Rob van Dorland, klimatoloog van het KNMI en eindredacteur van het rapport. Het VN-rapport gaat ervan uit dat de temperatuur drie graden stijgt als de CO2-concentratie verdubbelt. Onderzoek aan vroegere klimaatsystemen door de Amerikaanse klimaatwetenschapper James Hansen suggereert dat dat eerder zes graden zijn. Van Dorland: „Het zijn slechts aanwijzingen die door ander onderzoek moeten worden bevestigd, maar wij vonden het opmerkelijk genoeg om in ons rapport te vermelden.”
Als deze klimaatgevoeligheid de norm wordt, heeft dat gevolgen voor het beleid. Dan is de huidige CO2-concentratie al te hoog. „Het streven is nu een wereldwijde reductie van 50 procent in 2050”, zegt Turkenburg. „In Kopenhagen werd gesproken over 80 procent. Gemiddeld, wat wil zeggen dat westerse landen nog meer moeten doen, wellicht zelfs een negatieve emissie nastreven. Dat kan, bijvoorbeeld met biobrandstoffen waarbij CO2 uit de lucht is gehaald waarna je de vrijkomende CO2 onder de grond opslaat.”
Toch heeft Ton Hoff, algemeen directeur van energieonderzoekcentrum ECN, nog hoop dat de wereld het gaat redden. Vooral omdat er de laatste jaren, in elk geval binnen Europa, bindende afspraken zijn gemaakt die hun vruchten zullen afwerpen.
Hoff: „We moeten alleen geduld hebben en niet alles op één oplossing zetten. Er is geen silver bullet voor het klimaat. We zullen alle beschikbare middelen moeten inzetten, ook kernenergie wat mij betreft, en dan bereiken we een omslag in ons energieverbruik.”
Het rapport is te downloaden via: www.trouw.nl/staatvanhetklimaat
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.