Het mondiale overleg over duurzame soja maakt de weg vrij voor genetisch gemodificeerde soja. Toch weigert het Wereld Natuurfonds de onderhandelingen te verlaten.
Ruzie in het wereldje van de organisaties die het beste voorhebben met de mensheid. Juist nu de onderhandelingen tussen telers, industrie en non-profitorganisaties over de criteria voor duurzame soja hun ontknoping naderen, liggen de initiatiefnemers Wereld Natuurfonds en ontwikkelingsorganisatie Solidaridad onder vuur.
Het jarenlange overleg levert nauwelijks iets goeds op, vinden organisaties als Milieudefensie, Natuur en Milieu, Oxfam Novib en Icco. Gisteren protesteerde onderzoeks- en actieclub Corporate Europe Observatory (CEO) bij het hoofdkantoor van het Wereld Natuurfonds. CEO wil dat de organisatie, nu over twee weken de duurzaamheidscriteria definitief worden vastgesteld, de ’ronde tafel’ over duurzame soja verlaat.
Uw organisatie werkt mee met het op de markt brengen van genetisch gemodificeerde soja onder het labeltje van duurzaamheid, vindt CEO.
WNF-directeur Johan van den Gronden: „Het is goed dat we scherp worden gehouden door CEO, dat overigens een kleine partij is. Maar tegelijk moeten we ook realistisch zijn. Zeventig procent van de sojaproductie is op één of andere manier al verbonden met genetische modificatie. En wij proberen vooral te komen tot afspraken over de productie van de grote volumes soja. Dat legt immers het meeste gewicht in de schaal. Vergeet niet: Nederland is na China ’s werelds grootste soja-importeur.”
Uw organisatie is over het algemeen kritisch over genetische modificatie. Is uw positie in dezen vergelijkbaar met die van een burgemeester in oorlogstijd?
„Dat heb je als je deelneemt aan dit type discussies. Het perfecte is vaak de vijand van het goede. We kunnen in dit soort onderhandelingen niet beginnen met een pleidooi voor organische soja. Dat getuigt niet van realisme, denk ik. Daarmee plaats je je buiten de discussie. GMO-soja is bovendien in de productielanden niet illegaal en mag ook gewoon worden ingevoerd.”
„We onderzoeken wel of het mogelijk is een zuivere sojalijn te houden. Op dat punt is al het een en ander bereikt. Drie jaar geleden stapte Campina over op duurzame soja voor veevoer, vorige week volgde Cono Kaasmakers. Maar dat zijn niches.”
Hoe denkt u dan de grote handelsstroom te verbeteren?
„We proberen de industrie vooral te verleiden tot betere standpunten. Net zoals we destijds deden met Unilever, door de oprichting van Marine Stewardship Council, die criteria formuleerde voor duurzame vis. Daar zag men tien jaar geleden ook niets in. Maar nu is de Nederlandse visserij eindelijk bereid met MSC aan de slag te gaan.”
„Deze aanpak maakt zaken bovendien bespreekbaar. Er wordt gewerkt aan transparantie. Het behoud van biodiversiteit door oerwouden te sparen is voor ons bijvoorbeeld heel belangrijk, dat kunnen we niet uit handen geven. Er moeten wel heel zwaarwegende argumenten zijn om de ronde tafel de rug toe te keren.”
Maar ook lokale boeren- en milieuorganisaties uit de sojagebieden hebben het overleg de rug toegekeerd.
„Wij moeten daarom heel goed naar hen luisteren. We delen hun zorg. Maar als je niet aan tafel zit, ben je je positie kwijt. En ben je weer terug bij af.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.